Een herfstje

Als ik 's avonds de bouwmarkt uitloop, is het inmiddels donker en dat terwijl de wintertijd nog niet eens is ingegaan. En het is flink gaan regenen. De parasitaire fruitverkoper op de parkeerplaats heeft zijn boeltje gepakt en is vertrokken. Oh ja, herfst, denk ik. Ik heb er direct zin in. Veel mensen raken in een soort depressie als het herfst wordt, maar ik heb daar geen last van. De herfst is mij lief en dat niet alleen maar vanwege de prachtig verkleurende bossen, de trekvogels, de imposante najaarsstorm of de herfststukjes die wij vroeger voor opa en oma en de verzamelde ooms en tantes maakten in Park Sonsbeek.

Nee, ook de regenjacks zijn mij lief, het plenzen, het schuilen onder viaducten of in winkelgalerijen, de nat glanzende auto's, de plassen op straat, het donkere uur. Plus de hoofdschuddende tronies van de weermannen- en vrouwen. Zelfs naar de zwartepietendiscussie kan ik tegenwoordig uitkijken - hoe zal het Sinterklaasjournaal dit jaar uitpakken? Niet het verhaal interesseert ons nog, maar de aankleding.

De herfst is een bij uitstek dichterlijke tijd. Over alle seizoenen wordt wel geschreven, maar over de herfst toch het mooist. Ook door kleine dichters, zoals Alfred Kossmann: 'Trompet, de geweldige / Stoot van de zomer is uitgeblazen.' Of H.J. van Tienhoven: 'Ik ben de honingraten van het najaar: / in alle vaten voel ik hoe het stremmen / een aanvang neemt, verrukkend en beklemmend.' De herfst is net als z'n tegenpool de lente een jaargetijde dat je ineens voelt: hé, herfst! Winter en zomer glijd je meer binnen, als vanzelf.

Ik heb altijd van de herfst gehouden, ook toen ik jong was en vol Sturm und Drang door de wereld liep, het liefst bij windkracht negen en dreigende wolken. Het is dus niet omdat ik zelf eventueel in de herfst van mijn leven ben beland. Hier de grote, later zo klein geworden Willem Kloos: 'De boomen dorren in het laat seizoen, / En wachten roerloos den nabijen winter... / Wat is dat stil, doodstil... ik vind er / Mijn eigen leven in dat heen gaat spoên.' Trouwens is dat zo? Zit je op je eenenzestigste in je najaar, ga je nu gauw heenspoên? Of is het nog nazomer? De herfst is onstuimig en daarom vanzelf ook intiem. Je komt verregend thuis en zet de verwarming aan. Buiten is het donker en binnen is het licht. Van alle seizoenen herbergt de herfst de meeste conflicten, misschien dat daarom de dichters er en bloc op afstormen. Misschien ook wel omdat het zo'n uitdaging is er nog wat moois van te maken.

Per slot van rekening is de herfst ook het enige seizoen dat niet wil rijmen. Probeer maar. Lukt niet. Het enige wat op herfst rijmt is 'Ik sterf. Sst.' Van Eli Asser, als ik het wel heb, maar dat is een hapax, een woord dat eenmalig optreedt, geen dichter zou dat nog durven gebruiken tenzij hij van plagiaat wil worden beschuldigd. Bovendien sterf je niet in de herfst, maar in de winter. Vandaag is de herfst nog pril, een herfstje (nog onmogelijker woord), we hebben nog een hele herfst voor ons, laat maar komen!

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden