Standplaats Mexico

Eén helft toneel en de andere helft keihard knokken

Beeld EPA

Net als duizenden Mexicanen pak ik graag regelmatig een partijtje Lucha Libre, Mexicaans worstelen, mee. Deze in scène gezette vechtsport, waarbij gemaskerde spierbonken op een zo acrobatisch mogelijke wijze doen alsof ze elkaar tot moes slaan, is nog altijd een van de meest geliefde Mexicaanse tradities.

Lucha Libre combineert het traditionele ideaalbeeld van Mexicaanse mannelijkheid (al zijn er ook vele honderden vrouwelijke worstelaars) en de Mexicaanse liefde voor show en legendes. De meeste worstelaars houden angstvallig hun echte identiteit geheim en verzinnen de meest flamboyante levensverhalen achter de maskers die ze dragen. De chilangos, inwoners van Mexico-Stad, zijn er gek op. Met duizenden komen ze elk weekend op de partijen af.

Mijn Lucha-partijtjes pak ik evenwel niet mee in de enorme hoofdstedelijke Arena México, 's lands bekendste Lucha-arena, maar in een veel kleiner en simpeler sportzaaltje in Ciudad Nezahualcóyotl, een ruige buitenwijk in het oosten van de stad, in de volksmond 'Neza' genoemd. Elke zaterdag nestelen zich daar ongeveer honderd mensen op meegebrachte tuinstoeltjes om een stoffige boksring. Gedurende een uur of drie gaan de worstelaars dan op iedere mogelijke manier op elkaar los.

Gevloekt en getierd 

Net als bij de in de VS populaire WWE zijn de matpartijen grotendeels in scène gezet, maar de acrobatiek en het enthousiasme van de toeschouwers doen dat al snel vergeten. Er wordt gevloekt en getierd, er worden plastic flessen naar de ring gegooid en soms gooien de worstelaars elkaar pardoes het publiek in.

De Lucha Libre in Nezahualcóyotl, dat in een andere deelstaat ligt dan Mexico-Stad, is anders dan die in de hoofdstad. In de Arena México vechten goedbetaalde, afgetrainde spierbundels met elkaar, 'luchadores' wier poster aan de slaapkamermuur van duizenden kinderen hangt. Ze zijn levende legendes.

De worstelaars in Neza, amateurs of semi-professioneel, steken er wat bleekjes bij af. De meesten zijn tussen de 40 en 50 jaar oud, hebben een buikje en zijn een stuk minder atletisch dan hun collega's in de hoofdstad. Wat ze aan imponerende fysiek ontberen, compenseren ze met aanstekelijk enthousiasme en de meest creatieve namen en kostuums. Niets is mooier dan vijftiger El Taquero Diabólico ('De Duivelse Tacoverkoper') onder daverend applaus een half mislukte salto mortale bovenop El Asesino del Futuro ('De Moordenaar uit de Toekomst') te zien maken.

Populairder onder jongere Mexicanen

Daarbij worden de talloze amateurwedstrijdjes in de buitenwijken van de hoofdstad de laatste jaren steeds populairder onder jongere Mexicanen. De traditionele Lucha in de Arena México is de afgelopen decennia steeds tammer geworden. Er gaat meer geld in om, waardoor de professionele worstelaars volgens het jonge publiek steeds minder risico's nemen en minder halsbrekende toeren uithalen om blessures te vermijden.

In Neza, waar spektakel het wint van geld, is de Lucha nog rauw. De worstelaars mogen fysiek dan wat minder sterk zijn, ze houden zich ook veel minder in. Er vloeit dan ook regelmatig bloed, sommige worstelaars moeten kermend van de pijn de ring uit worden gerold. Het mag dan risicovoller zijn, het publiek is er significant jonger dan in de Arena México. "Lucha in Neza is één helft toneel en de andere helft keihard knokken", vertelde Furia Verde ('Groene Woede'), een worstelaar die ik onlangs leerde kennen, me. "Maar als we er jongere toeschouwers mee trekken, is het de pijn meer dan waard!"

Lees hier meer columns van Jan-Albert Hootsen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden