Een grote bij die niet kan slapen

Voor patrouillerende militairen zijn ze de waakzame, nooit knipperende ogen in de lucht, voor taliban-strijders de dodelijke stip aan de hemel. Op afstand bestuurbare vliegtuigen, 'drones', zijn onmisbaar geworden in een oorlog. Onder president Obama vliegen drones ook over landen waarmee de VS niet in oorlog zijn, om er terroristen te herkennen en te doden. Dat stemt de meeste inwoners van de VS, denkend aan de aanslagen van 9/11, tevreden. Maar het maakt rechtsgeleerden en mensenrechtenorganisaties ongerust. Trouw verkende de wereld van het onbemande vliegtuig. Vandaag: een liefdeslied en het lijden van de taliban.

'A ls een drone zoek ik je, mijn schat!" In de bergen van Waziristan heeft een bijzondere beeldspraak zich genesteld in de liefdeslyriek.

Daar, in het noordwesten van Pakistan, heeft de theoretisch op moderne leest geschoeide regering weinig te vertellen. Het is 'federaal bestuurd stammengebied'. De mannen gehoorzamen aan de eeuwenoude regels van hun clan, de vrouwen gehoorzamen hun echtgenoot. Maar als een man het grote gemis voelt, zingt hij: "Je bent Osama geworden, niemand weet waar je bent." En dan stuur je, dat weet iedere Waziristani, een onbemand vliegtuig op pad om wijd en zijd te zoeken.

UAV noemt de Amerikaanse krijgsmacht ze liever, unmanned aerial vehicle. Of liever nog UAS, waarbij de S voor system staat en je het hebt over een pakket met een paar van die vliegtuigen, plus grondstation, plus de militaire eenheid die aan de knoppen zit.

"Bij een drone", zegt luitenant-kolonel Joseph Anderson op de legerbasis Redstone in Huntsville, Alabama, "denk ik aan iets simpels, dat weinig rekencapaciteit aan boord heeft. Een vliegtuigje dat je laat opstijgen als doelwit voor schietoefeningen. Dat is een drone."

Zelf is hij product-manager voor de ground manoevre UAS. Hij is met andere woorden verantwoordelijk voor ontwerp en productie van de Shadow, een middenformaat toestel dat geen wapens met zich meevoert en bedoeld is om enkele uren lang verkenningen uit te voeren ten behoeve van een complete brigade, op enkele kilometers hoogte, maximaal een kleine honderd kilometer van de commandopost.

Een heel verschil met de Predators van de luchtmacht, die hun vluchten boven Waziristan kunnen beginnen op een basis duizend kilometer verderop en bestuurd worden door een piloot aan de andere kant van de wereld, op een vliegbasis in Creech in Nevada. En een al even groot verschil met de Raven van het leger, die met zijn spanwijdte van 1,30 een speelgoedvliegtuigje lijkt en aan het begin van elke missie door een militair op patrouille met de hand in de lucht wordt gegooid.

Leger, luchtmacht en marine van de VS hebben inmiddels een klein dozijn verschillende typen rondvliegen, voor allerlei doelen. Van groot tot klein loopt het aantal drones in de duizenden.

Het 'zoeken als naar Osama' uit het liefdeslied loopt, zoals vroeg of laat altijd gebeurt met zulke uitdrukkingen, achter op de geschiedenis. De leider van Al Kaida is inmiddels gevonden. De taak om hem naar de andere wereld te helpen werd vorig jaar door de Amerikaanse president Barack Obama niet toebedeeld aan een drone, maar aan een team commando's van de marine, de SEALs. Zeker weten of de aanslagen van 11 september 2001 werkelijk waren gewroken, was het risico van gesneuvelde militairen en een diplomatieke blamage meer dan waard. Maar tot de president dat commando gaf, waren drones onzichtbaar aan het werk geweest boven het huis van Bin Laden in Abbottabad, om zoveel mogelijk informatie te verzamelen over dat huis en de zaak tegen hun bewoners zo sterk mogelijk te maken.

Drones sloten daarmee de cirkel van hun ontwikkeling. Veertien jaar geleden had de islamistische stokebrand al aanleiding gegeven om Amerikaanse wapens ver overzee in te zetten. Na bomaanslagen in 1998 op de Amerikaanse ambassades in Dar es Salaam (Tanzania) en Nairobi (Kenia) liet president Bill Clinton kruisraketten afschieten op trainingskampen van Bin Laden in Afghanistan en een vermeende fabriek van chemische wapens in Soedan.

Een kruisraket is een onbemand luchtvaartuig en een wapen in één. Maar je kunt het alleen maar naar zijn plek gidsen; op die plek eerst nog even wat waarnemingen doen, gaat niet. Bij de aanvallen in 1998 vielen honderden doden en Bin Laden was er niet bij. Dat was aanleiding om te gaan zoeken naar een nauwkeuriger manier van oorlogvoeren op afstand. De combinatie kwam in beeld van een Predator - het onbemande vliegtuig dat voor de luchtmacht was ontworpen op basis van Israëlische expertise en dat al sinds 1995 voor verkenningsdoeleinden werd gebruikt - en de Hellfire raket.

Erg goed ging dat allemaal niet; in 2001 stelde de Nationale Veiligheidsraad van de VS vast dat de combinatie nog niet rijp was om ingezet te worden. Maar dat was op 4 september. Een week later zag de wereld er anders uit. En zo kon het gebeuren dat in november 2001 bij Kandahar in Afghanistan een Predator van de luchtmacht boven Mohammed Atef vloog, een militaire commandant van Al Kaida, en een schot afvuurde dat Atef niet overleefde.

Hij was voor zover bekend het eerste slachtoffer van een drone-aanval. De berichten uit die dagen laten zien wat een vreemde eend in de nieuwsbijt een Predator was. "Er is een luchtaanval gedaan op een complex in Kandahar", zei minister van defensie Donald Rumsfeld. "Degene die daar was, zal wensen dat hij ergens anders was." Waarop de redactie routinematig het stuk begon met: "Amerikaanse vliegtuigen hebben..." Het duurde even voor iedereen doorhad dat er een nieuw wapen boven het slagveld verschenen was.

Dat wapen werd niet alleen gehanteerd door de Amerikaanse luchtmacht. Een minstens zo belangrijke primeur was een raketaanval op een groep mannen in Zhawar Kili, een plaats in de Afghaanse provincie Paktia die in 1998 ook al was getroffen door de kruisraketten van Clinton. Drones van de buitenlandse inlichtingendienst van de VS, de CIA, hadden een groep van drie mannen geïdentificeerd. Een van hen was langer dan de andere twee en werd zo te zien met eerbied behandeld. Pas nadat ze dood waren, bleek dat de lange niet Bin Laden was, en ook nog wel een paar centimeter korter dan hij.

De Amerikaanse regering vond de aanval toch een succes. "Er zijn in eerste instantie geen indicaties dat het hier om onschuldige mensen uit de plaatselijke bevolking gaat", zei een woordvoerder van het Pentagon op een persconferentie, nadat de aanval bekend was geworden. Maar een verslaggever van de New York Times ging op onderzoek uit en hoorde van de dorpsbewoners dat de doden arme sloebers waren: Jehangir Khan, Mir Ahmed en Daraz Khan, oftewel 'Lange Khan'. Ze waren op die plek schroot aan het verzamelen dat was overgebleven na de eerdere Amerikaanse bombardementen. Voor het gewicht aan verwrongen metaal dat één kameel kon dragen, kreeg je veertig eurocent.

Vanaf 2001 hebben Afghanen leren leven met de wetenschap dat op elk moment een Amerikaans oog naar je kan kijken, en een Amerikaanse vinger mogelijk de trekker overhaalt. Sinds 2004 weten ze het in Waziristan ook.

De Pakistaanse journalist Pir Zubair Shah, zelf afkomstig uit Waziristan, beschreef in het maanblad Foreign Policy hoe het toeging: "Het was een bloedhete avond en de 27-jarige lokale talibanleider Nek Muhammad Wazir had besloten te eten in de binnenhof van zijn huis in het dorp Kari Kot, samen met zijn twee broers en twee lijfwachten. Muhammads satelliet-telefoon ging, hij nam op. Bijna meteen raasde een raket door het complex en explodeerde. Alle vijf de mannen waren dood."

Dat het bij dergelijke aanvallen om drones ging, was de Pakistaanse regering niet meteen duidelijk, of het werd verdrongen. Het jaar daarop werd Abu Hamza Rabia gedood, een Egyptenaar die een hoge post bekleedde binnen Al-Kaida. Volgens de regering had hij zelf een explosie veroorzaakt, maar een journalist, Hayatullah Khan, bezocht de plek en vond resten van een raket met het trotse opschrift: made in the USA. Dat was pijnlijk voor Pakistan, dat officieel nooit zal kunnen goedkeuren dat een buitenlandse mogendheid naar believen mensen doodschiet op Pakistaans grondgebied. Een week na zijn bericht werd de journalist ontvoerd, een half jaar later werd zijn lichaam gevonden. Zijn familie zegt dat de Pakistaanse geheime dienst, de ISI, daar achter zat.

Volgens het Londense Bureau of Investigative Journalism, dat uit mediaberichten een lijst van aanvallen bijhoudt, hebben de VS sinds 2004 343 aanvallen met drones gedaan in Pakistan (de voorlopig laatste op 21 september). Daarbij zijn ongeveer 3000 mensen omgekomen, waarvan er volgens die mediaberichten een kleine 1000 burgers waren, onder wie 176 kinderen. In Jemen vielen bij ruim 50, mogelijk 100 aanvallen, 400 tot 1000 doden, onder wie ongeveer 30 kinderen. In Somalië sloegen de Predators een tiental keren toe.

De Amerikanen die deze vliegtuigen besturen, zullen met tevredenheid in het verslag van de Waziristaanse journalist Pir Zubair Shah hebben gelezen wat dat met hun tegenstanders doet. "We zitten nooit meer eens bij elkaar om te kletsen", zei een vermoeide talibanstrijder tegen hem. Ze gebruiken geen mobiele telefoons meer. Ze verzamelen zich niet meer, zelfs niet op vrijdag bij de moskee. Ze slapen in de open lucht.

Juist dan, als alle andere geluiden opgehouden zijn, hoor je ze, zo stelde Sjah zelf vast toen hij logeerde in de buurt van een kennelijk gezochte talibanleider. Het klinkt als een grote bij die niet kan slapen.

Zo noemen ze de vliegtuigen ook in het Pashto dat de taliban spreken en waarin drones hun figuurlijke rol spelen in het liefdeslied: bhungana, dat wat zoemt als een bij. Hun tegenstanders in Waziristan, want die zijn er, noemen de toestellen prijzend ababil, naar de vogel die in de Koran beschreven staat en die in opdracht van God stenen naar beneden laat vallen ter verdediging van Mekka.

In Gaza, waar de bewoners eerder dan wie ook hebben moeten wennen aan het geluid van drones, zeggen ze zenana. Dat betekent 'zoemen', maar ook 'zeurkous'. Zo een waar je mee getrouwd bent, zodat je geen enkele hoop hoeft te hebben eraan te ontsnappen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden