Column

Een glimpje vaderschap

Beeld Trea van Vliet

Hoe ga je om met een bejaarde vader die psychiatrisch patiënt is en die nog rijk denkt te worden door boten te bouwen?

Mijn vader wil het liefst de hort op, en dat snap ik, hij zit 95 procent van zijn tijd binnen. Maar ik wil ook weleens een beetje huiselijkheid beleven met mijn vader.

Hem in en uit de auto krijgen, zorgen dat hij niet van de trap of in de plantenbak valt, voorkomen dat hij zijn hemd in brand steekt met zijn sigaretten... op pad gaan is toch altijd een hele heisa.

Daarbij overschat mijn vader zijn mogelijkheden steevast grandioos. Als we bespreken of we iets in Middelburg of Vlissingen zullen gaan drinken, stelt hij rustig voor om even naar Antwerpen te rijden. Kunnen we daar joggingbroeken kopen en 's avonds nog even naar de dansclub gaan waar hij vroeger graag kwam. Hij weet niet wat hij zegt. Hij kan hooguit honderd meter lopen, valt in slaap op een terras, en dan kan ik hem weer naar en in mijn auto takelen.

Kortom, een keertje doodgewoon samen tv kijken lijkt me heerlijk. Maar er moet wat sluwheid aan te pas komen om mijn vader te overtuigen: ik zeg dat ik alleen op zondag kan komen en dat het me leuk lijkt om samen voetbal te kijken.

"Sinds wanneer ben jij geïnteresseerd in voetbal?" vraagt m'n vader.

Sinds nooit, maar als ik beloof dat ik wat lekkers meeneem, hebben we een deal en zo ben ik eindelijk eens gewoon een dagje thuis bij m'n vader.

De zeven huisgenoten van mijn vader zijn Korsakov-patiënten. Waar zij eigenlijk alleen nog maar het moment kennen, onthoudt mijn vader alles en komt hij terug op eerdere gesprekken. De verzorgers en begeleiders zijn dol op hem om zijn puntige grapjes en intelligente tegenspraak, maar hij is ook weleens lastig, hoor ik bij de kwartaalgesprekken die we over hem hebben: mijn vader heeft de neiging om 'directeurtje te spelen' en zijn huisgenoten te commanderen.

Een glimp daarvan krijg ik vandaag te zien.

Mijn vader zit in zijn tv-stoel Feyenoord te kijken en ik lig op zijn bed te lezen en te genieten van dit alledaagse als huisgenoot Bert binnenkomt. Hij staat bedremmeld naar me te kijken en ineens begrijp ik dat dit de man is met wie mijn vader meestal voetbal kijkt. En daarbij zit Bert kennelijk altijd op mijn vaders bed, waar ik nu lig.

Ik wil overeind komen, maar mijn vader knikt naar zijn bureaustoel en zegt zeer beslist: "Bert kan daar zitten".

Ik kijk op van de autoriteit die mijn vader ineens heeft en denk dat dit dus is wat ze hier 'directeurtje spelen' noemen.

Maar voor mij is het meer.

Ik, zijn dochter, mag de beste plek, zijn bed, en Bert kan wel op de bureaustoel zitten.

Een glimpje vaderschap.

En ik voel me voorgetrokken, en heel erg dochter-van.

Trea van Vliet is journalist en schrijfster. Op deze plek schrijft ze over haar vader, die verblijft in een woonvorm voor psychiatrisch patiënten in Zeeland. Lees hier eerdere afleveringen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden