'Een gehandicapt kind is hier niets waard'

„Het is een mentaliteitsprobleem”, zegt Jana Buhrer Tavanier over de situatie in Bulgaarse tehuizen. Zij is directeur campagne van het Bulgaarse Helsinki Comité, dat deze week bekend maakte dat in de tehuizen het afgelopen decennium minstens 238 gehandicapte kinderen zijn overleden, velen door ondervoeding of uitputting. „Het is het idee dat die kinderen het niet waard zijn om voor te zorgen.”

Het is bepaald niet voor het eerst dat de Bulgaarse tehuizen slecht in het nieuws komen. In 2007 ontstond er grote ophef over een BBC-documentaire: ’Bulgaria’s abandoned children’. De beelden toonden heen-en-weer wiegende kinderen die nooit naar buiten gingen, belabberde voeding kregen, en geen enkele aandacht ontvingen. Sommige konden niet eens meer praten.

Het Bulgaarse Helsinki Comité diende zelf een aanklacht in tegen het Openbaar Ministerie, legt Buhrer Tavanier uit. Uit eigen onderzoek van het comité was eerder gebleken dat in acht jaar tijd 75 kinderen in gehandicaptentehuizen waren gestorven. „Het ministerie deed er geen enkel onderzoek naar.” In reactie op de aanklacht besloot de Bulgaarse justitie alsnog alle sterfgevallen in de tehuizen in het afgelopen decennium te laten onderzoeken. Met als uitkomst dat de dood van driekwart van de 238 gestorven kinderen te vermijden was geweest. Verbijsterend, aldus Tavanier.

Het OM zet nu wel in op vervolging: „De verantwoordelijken in de tehuizen zullen gestraft worden”, verklaarde hoofdaanklager Velchev maandag. Dat vindt Buhrer Tavanier echter niet voldoende. Ook de ministers die eindverantwoordelijk waren moeten worden aangepakt. „Ze hebben niets gedaan om de sterfgevallen te voorkomen.”

Haar comité begon daarnaast een campagne om de houding ten opzichte van gehandicapten te veranderen, het idee ’dat die kinderen het niet waard zijn om voor te zorgen’. Die mentaliteit zit ingebakken in de hele Bulgaarse samenleving, vindt ook Roemjana Kraleva. Zij is directrice van het rehabilitatie- en integratiecentrum in het dorp Dalbok Dol, drie uur rijden ten oosten van Sofia. Het centrum is in 2005 opgericht als antwoord op de vreselijke omstandigheden in de grote tehuizen.

Hier krijgen kinderen wel een individueel plan van aanpak, zijn de kamers schoon, is er genoeg te eten en te doen. Kraleva wijst op een verstandelijk gehandicapte jongen die met een grote grijns op zijn stoel wiegt. „Hij vraagt honderd keer per dag hetzelfde, maar verzorgt wel de tuin.”

De oprichting van het centrum ging niet zonder slag of stoot. „De dorpsbewoners waren bang. Oude mensen sloegen constant kruisjes als ze een van onze kinderen zagen.” Onbekend maakt onbemind, zegt ze. „Voor Bulgaren zijn al die kinderen gek of agressief.” Het rehabilitatiecentrum draait op subsidie en giften uit het buitenland. Bij de Bulgaarse autoriteiten klopte Kraleva tevergeefs aan. „De burgemeester van Trojan – de dichtstbijzijnde stad – zegt geen geld te hebben voor het centrum. Ongelooflijk.”

Als het aan Kraleva ligt gaan al haar pupillen zoveel mogelijk naar huis en komen ze alleen in de vakanties naar haar centrum. „We moeten die kinderen laten opgroeien bij hun familie thuis of in een pleeggezin.”

De Bulgaarse overheid erkent dat er een andere koers moet worden gevaren. Een aantal jaren geleden lanceerde ze een programma voor het ondersteunen van gezinnen en het aantrekken van pleeggezinnen. „Er zijn wel wat initiatieven”, zegt Jana Buhrer Tavanier. „Maar slechts een handvol. Wat doen we ondertussen met die honderden kinderen die nu nog in tehuizen zitten? Bovendien mogen we de sterfgevallen uit het verleden niet ongestraft laten.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden