Een fotoronde om de Méditerranée

Fotograaf Ad van Denderen bezocht vanaf 2003 de landen om de Middellandse Zee, op zoek naar politieke, sociale en ecologische veranderingen. Wat hij tegenkwam? Een onverwacht prettig Algerije en Syrië, tegenover een beklemmend Kroatië. De foto’s zijn te zien op de tentoonstelling So Blue So Blue – Edges of the Mediterranean.

Tienduizenden Nederlanders reizen in deze tijd van het jaar af naar de Middellandse Zee. De beelden van zonovergroten stranden, palmbomen en natuurlijk de azuurblauwe zee die de toerist op het netvlies heeft, staan ver af van de foto’s die Ad van Denderen in deze regio maakte en die nu te zien zijn in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. ’So Blue So Blue’ heet deze tentoonstelling, met een knipoog naar het ’Méditerranée, zo blauw, zo blauw’ van Toon Hermans. Maar het onbekommerde vakantiegevoel dat dit liedje oproept, is meestal ver te zoeken op de beelden van Van Denderen.

Sinds 2003 reisde Ad van Denderen (1943) door de zeventien landen die aan de Middellandse Zee liggen om er de politieke, sociale, economische en ecologische veranderingen te fotograferen. Het gebied staat onder grote druk door de snelgroeiende toeristenindustrie, maar heeft ook te maken met de spanningen die de ligging met zich meebrengt. Van Denderen: „Hier komen Europa, Afrika en Azië, christendom en islam, arm en rijk samen. Ik ben op zoek gegaan naar de complexiteit van dit gebied, die veel groter is dan je op het eerste gezicht denkt. De zee is overal hetzelfde, maar zodra die overgaat in land, begint vaak de rottigheid.”

De fotograaf kent het gebied goed. De afgelopen dertig jaar trok hij er als fotojournalist rond om reportages te maken, onder meer voor Vrij Nederland, maar nog nooit was dit gebied als één geheel in beeld gebracht. Daar kwam bij dat hij ook behoefte had aan een wat tragere, meer beschouwende manier van werken. „Ik was er zo aan toe om iets anders te gaan doen. Het zoveelste plaatje van een door een zelfmoordenaar opgeblazen gokhal in Tel Aviv hoefde voor mij niet meer. Van die bloederige beelden van doden en gewonden gaan er al genoeg over de wereld. Ik ga nu de volgende ochtend terug naar die plek om dezelfde journalistieke informatie op een andere manier te verwerken tot beelden die er toe doen. Dat is een nieuwe stap, waarbij je op een andere manier gaat kijken.” Die andere blik en keuze om de reguliere fotojournalistiek achter zich te laten, vroegen ook om een andere camera. Van een kleinbeeldcamera en zwart/wit-film schakelde hij over op een middenformaat en kleurenfilm.

Van Denderen verbleef drie tot vier weken in elk van de zeventien landen, die hij in willekeurige volgorde bezocht. „Ik wilde me echt laten verrassen door wat ik tegenkwam.” In Algerije ging hij naar de wijk waar de rebellenbeweging Fis is ontstaan en fotografeerde daar op vrijdagmiddag vredig in het park recreërende mensen. Een heel ander beeld dan we gewend zijn als het om Fis gaat. Toerisme, of beter gezegd de gevolgen van het massatoerisme, is een onderwerp waar je in deze regio niet omheen kunt. We zien ’beestende’ jongeren op scooters in Malia op Kreta en een groep gepensioneerde toeristen aan een keurig gedekte ontbijttafel. Niet in een hotel, maar midden in de woestijn van Libië. En langs de autosnelweg in het zuiden van Frankrijk zit een vrouw. Wil ze een lift? Of heeft ze andere bedoelingen, afgaand op haar zwaar opgemaakte gezicht? Van Denderen: „Als fotojournalist moet je foto’s leveren waarvan mensen meteen snappen wat ze zien. Nu zoek ik naar beelden die vragen oproepen. Je mag het kunst noemen, documentaire fotografie, dat maakt me niet uit, als je er maar naar kunt blijven kijken.”

En dat kun je, omdat Van Denderen wel de betrokken fotograaf is gebleven die hij altijd al was. Het zijn stuk voor stuk mooie beelden, maar het gaat bij hem nooit alleen om de esthetiek. Je wordt nieuwsgierig naar de verhalen van de mensen die hij fotografeerde. Je vraagt je af wat investeerders bezielt om langs de Spaanse kust de zoveelste golfbaan aan te leggen die besproeid moet worden, terwijl het gebied te kampen heeft met een enorm watertekort. En je probeert je te verplaatsen in het leven van de Palestijnse jongen Sharif, geboren in een vluchtelingenkamp en stenengooier tijdens de tweede intifada. ’Reizen’ kan Sharif alleen maar naar de lokale fotostudio, waar hij zich kan laten fotograferen tegen vier achtergronden: de Franse Rivièra, de Keukenhof in Nederland, een Victoriaanse tuin in Cambridge of een idyllische waterval.

Als hij heel het rijtje van zeventien landen afgaat –Gibraltar, Spanje, Frankrijk, Italië, Kroatië, Albanië, Griekenland, Cyprus, Turkije, Syrië, Libanon, Israël en de bezette gebieden, Egypte, Libië, Tunesië, Algerije en Marokko– vond de fotograaf Algerije prettiger dan het beeld dat hij van dit land had. Ook Syrië, waar hij overigens regelmatig werd gevolgd en in de gaten gehouden, viel hem mee. Gek genoeg vond hij de sfeer in Kroatië het meest dreigend en beklemmend. „Daar had ik van meet af aan het idee dat er onderhuids nog zoveel broeit. Daar zitten nog zo veel foute mensen op verkeerde plekken. Er moeten nog wel een of twee generaties overheen, voordat de verhoudingen daar weer enigszins normaal zijn. De mensen zijn ook zo naar binnen gericht, ik kreeg geen contact, ze waren alleen maar met hun eigen ding bezig.” Je ziet het ook af aan de foto’s die hij nog net kon maken voordat hij op het strand van Split zomaar in elkaar geslagen werd. Een foto van zijn bebloede en gehavende gezicht herinnert aan het voorval. „Het land is nog zo ziek dat ik zelfs niet eens aangifte kon doen bij de politie.”

Die aanval op het strand heeft er toch wel ingehakt. Pas een jaar later maakte hij het rondje langs de Middellandse Zee af met een bezoek aan Algerije. Daar fotografeerde hij langs de kustweg tussen Oran en Algiers een woud van onthoofde bomen. Tussen deze bomen verstopten zich tijdens de Algerijnse burgeroorlog (1992-2002) leden van het islamitische bevrijdingsleger om hun slachtoffers op te wachten. Alle bomen zijn van hun takken ontdaan om deze schuilplaats te ontmantelen. Tweehonderdduizend mensen kwamen om tijdens de Algerijnse burgeroorlog, nog duizenden worden vermist. Het verminkte bos transformeert op de foto van Van Denderen tot een monument voor alle slachtoffers van de burgeroorlog.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden