Een foto werd een symbool

Het was het jaar voordat de Muur smolt. De toenadering tussen Oost en West was al voelbaar. De Koude Oorlog liep op z'n eind en de jury van de World Press Photo zocht een manier om de warmte te vangen. Maar niet in beeld.

1988. Adriaan Monshouwer zat in die jury. Twaalf jaar lang volgde hij als secretaris van de jury de beraadslagingen van zeer nabij. Dat jaar mocht de Nederlander zelf meebeslissen, als lid. Bekroond werd uiteindelijk de foto van een rouwende Armeen wiens zoon bij een aardbeving was omgekomen. Natuurlijk, een indrukwekkend tafereel, maar dat had niet de doorslag gegeven. Een aantal collega's van Monshouwer leek het een 'leuk' idee om voor het eerst een fotograaf uit de Sovjet-Unie de hoogste eer te gunnen, 'als een soort brug' naar het Oosten. En deze anonieme inzending moest wel het werk zijn van een Rus. Er was immers sprake van zulk apart kleurgebruik. Zo ontving de Amerikaan David Turnley zijn eerste jaarprijs.

De beste nieuwsfoto wint allang niet meer. In 2001 stroomden de inzendingen binnen waarop in alle stadia het ineenstorten van de Twin Towers te zien was. De terroristische aanslagen op de Verenigde Staten vormden een nieuwsfeit waar een jury op zoek naar dé foto van het jaar niet omheen kon. Toch? World Press Photo van 2001: een foto waarop de voorbereiding van de begrafenis is te zien van een eenjarige Afghaanse vluchteling. Monshouwer: “De jury heeft er heel bewust voor gekozen om niet de pijn van Amerika te laten zien, maar het verdriet elders. Het is geen uitspraak dat Amerika de ellende aan zichzelf te danken had, maar wel een poging te onderstrepen dat de aanslag op het World Trade Center geen geïsoleerde gebeurtenis was. Fotografie en politiek kunnen ongelooflijk dicht bij elkaar komen.“

Het succes van World Press Photo heeft de wedstrijd veranderd. In de eerste jaren zocht de jury naar lenzen die op het juiste moment op de juiste plaats waren. Zo kon in 1955 een sportfoto winnen. De Deen Mogens von Haven vereeuwigde een valpartij tijdens een motorcross-wedstrijd. Hij is daarmee de maker van de eerste World Press Photo ooit. Ook in 1975 nog bleek de neus voor timing genoeg voor winst. De Amerikaan Stanley Forman ziet voor zijn ogen hoe een vrouw en een kind in Boston naar beneden vallen als de brandtrap van hun appartementencomplex instort. Deze maatschappelijk gezien onbetekenende foto's zouden nu nooit meer worden verkozen.

“Er is niet één foto te noemen waardoor het maatschappelijk belang in één keer op de agenda stond“, weet directeur Michiel Munneke van World Press Photo. “Het is een geleidelijke ontwikkeling geweest. Aanvankelijk zijn wij de wedstrijd puur begonnen om de kwaliteit van de Nederlandse persfotografie naar een hoger niveau te tillen. Maar toen de organisatie aan belang won, met name doordat de tentoonstelling met de prijswinnaars de wereld over ging reizen, sloop er als vanzelf een tweede doel in.“

Nu wil World Press Photo ook maatschappelijk relevant zijn. Er worden workshops georganiseerd in landen als Bangladesh en Zimbabwe, voor de lokale journalisten. Ook probeert de stichting het belang van persvrijheid te benadrukken. Munneke: “Dat komt tot uitdrukking in onze tentoonstelling. Wij laten het nieuws ongecensureerd zien. Tijdens de Koude Oorlog zijn we met onze beelden bijvoorbeeld naar Boedapest gereisd.“

Nog altijd zorgt de tentoonstelling met de prijswinnaars in tientallen verschillende categorieën, variërend van reportages tot wetenschap, in delen van Afrika en Azië voor een belangrijke confrontatie met het wereldnieuws. Maar ook in het Westen, benadrukt Munneke, is World Press Photo nog altijd meer dan alleen een prestigieuze vakprijs.

“Amerika is een land waar bepaalde foto's zelden de kolommen van kranten en tijdschriften halen. Slachtoffers van de Irak-oorlog bijvoorbeeld. Het lijk van een Amerikaanse soldaat blijft een delicaat onderwerp in de Amerikaanse pers. Er heerst een vorm van zelfcensuur.“

Waar de organisatie duidelijk aan gewicht heeft gewonnen, ligt dat voor haar uithangbord gecompliceerder. Dé World Press Photo van het jaar groeit de laatste jaren zelden nog uit tot een icoon. Monshouwer verklaart dat deels uit de beeldcultuur: “In een moordend tempo volgt het ene beeld het andere op. Foto's krijgen in dat geweld de tijd niet om uit te groeien tot iconen.“

Hoe anders was dat vroeger. Midden jaren zestig, begin jaren zeventig bijvoorbeeld, toen de Vietnam-oorlog nog echt een fotografie-oorlog was. Bepaalde beelden staan in ons collectieve geheugen gegrift: de executie van een vermoedelijke Vietcong-lid in de straten van Saigon (1968), het napalmmeisje dat bloot op straat rent (1972).

En wie herinnert zich niet de foto van de Chinees met boodschappentassen die de tanks op het Tiananmen Plein in Peking stopt (1989)? Of de huilende soldaat in de eerste Golfoorlog (1991)? “Dat soort foto's wordt minder gemaakt“, concludeert Monshouwer. “Foto's hebben een symbolischere betekenis gekregen. Ze zijn overdrachtelijker geworden. Ze staan voor meer dan voor die ene gebeurtenis waarvan ze verslag doen.“

De aidspatiënt (1986) was wat dat betreft een voorbode. Voor het eerst koos de jury voor een issue, in plaats van voor een nieuwsgebeurtenis. Ook de 'huilende Madonna uit Algerije' (1997) werd gekozen vanwege het verhaal dat erbij hoorde: de slachtingen in dat Noord-Afrikaanse land.

Tegelijk zijn de foto's in de loop der jaren steeds gelaagder geworden. Het beeld van de Palestijnse jongens die in de Gaza-strook uitdagend met hun speelgoedwapens spelen (1993), noemt Monshouwer modern 'tegendraads'. “In de klassieke persfotografie staat het onderwerp altijd keurig in het midden, is er voldoende contrast tussen voor- en achtergrond. Kortom: de focus is duidelijk. Bij deze foto niet. Het oog blijft de hele tijd bewegen.“

Deze ontwikkeling helpt de foto's ook niet om uit te groeien tot iconen. Munneke: “De beelden die uitgroeien tot iconen hebben over het algemeen een enorm sterke directe communicatiewaarde. Ze zijn relatief makkelijk te lezen.“

Maar is het erg, als de World Press Photo's zich minder blijvend op ons netvlies branden?

Nee, vindt Monshouwer. “De relevantie van de jaarwinnaars is niet minder geworden, maar anders. De winnaar wordt in zoveel landen gepubliceerd en krijgt zoveel aandacht. Dat succes heeft ertoe geleid dat de jury een andere afweging is gaan maken. Met de winnende foto wil zij steeds meer een statement maken. Ze kiest niet simpel voor de beste foto. Ze wil met de foto aandacht vragen voor een bepaald probleem.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden