EEN 'EXCELLENTIE' MET VELE MASKERS

Kritiek of aantijgingen. Het Internationaal Olympisch Comite zwijgt of pareert met nietszeggende ontkenningen. Het IOC kan ook net doen of het gek is, want het is autonoom en stelt zichzelf samen. Juan Antonio Samaranch heeft als voorzitter het Internationaal Olympisch Comite gemodelleerd naar zijn eigen wensen. Er komen dan ook geen vragen over zijn ambivalente status. Als aanhanger van dictator Franco propageerde hij tot 1975 vol overgave het fascisme in het opstandige Catalonie. Terwijl hij vanaf 1966 als IOC-lid de idealen van de Olympische beweging uitdraagt: vrede, verbroedering der volkeren, ongeacht ras en/of geloof. Barcelona begroet de machtigste sportofficial met gemengde gevoelens.

'Excellentie' is de titel waarmee Juan Antonio Samaranch zich nu laat aanspreken; zijn boksverleden noemt hij een vergissing. De sportwereld buigt als een knipmes voor de dictator met zijn naar buiten toe beminnelijke uitstraling. Slechts als de Spanjaard zich in het nauw gedreven voelt door oppositie, schieten zijn ogen vuur. Door staatshoofden en de Paus wordt hij met egards ontvangen; multinationals verdringen zich om zaken met hem te mogen doen.

Het zijn twee van de vele uiteenlopende gedaanten die de IOC-voorzitter in zijn leven heeft aangenomen. Het schaamteloos wisselen van maskers was voor hem de manier om op te klimmen tot leider en omvormer van de grootste sportorganisatie ter wereld. Samaranch werd niet direct van bokser leider. Eerst klom hij in eigen land dankzij de sport hoog in de hierarchische ladder, die door generaal Franco van 1936 tot 1975 staande werd gehouden. Binnen de totalitaire politiestaat bekleedde Samaranch de functies van parlementarier, gemeenteraadslid van Barcelona, voorzitter van de districtsraad Catalonie en minister van sport. De geboren Catalaan verloochende onderwijl zijn afkomst. Waar zijn 'volksgenoten' zich tot het uiterste zijn blijven verzetten tegen de repressie - Barcelona was de laatste stad die voor Franco boog - daar werd Samaranch zelfs ingeschakeld om de opstandige Catalanen in toom te houden. Om zich na de dood van Franco van de ene op de andere dag weer als rasCatalaan te presenteren. Niet lang overigens, want hij werd door de bevolking van zijn zetel verdreven, waarna hij zich als diplomaat naar Moskou liet promoveren. In Barcelona zou hij nooit meer wonen. Slechts enkele dagen per jaar overziet hij de metropool vanuit zijn kantoor op de 23ste verdieping van de Catalaanse bank Caixa, waar hij honorair president-directeur is.

De Britse journalisten Vyv Simson en Andrew Jennings komen uitgerekend in het jaar dat de Olympische Spelen in het Barcelona van Samaranch worden gehouden met een voor het IOC vernietigende publikatie. In het boek 'In de ban van de ringen' leggen zij de immorele wijze van werken binnen het IOC bloot. Zij spreken over de Spelen als een "klef, ondemocratisch, door doping verziekt marketinginstrument voor de grote multinationals, dat aan de hoogste bieder wordt verkwanseld" . Niet de sport profiteert van de miljoenwinsten, maar de besloten kring van IOC-leden die er een fabelachtige levensstijl op na houden.

Veel van hetgeen de auteurs in vier jaar spitwerk opdiepten, was al min of meer bekend. Maar het werd nimmer zo gedetailleerd gepresenteerd. Natuurlijk, het is een boek vol leugens geworden, waartegen het IOC in mei bij de Zwitserse rechter een voorlopige aanklacht heeft ingediend. Waarmee de Olympische regenten aantonen over gevoel voor humor te beschikken. Of, zo u wilt, over een overdosis arrogantie. Zodra immers een in de (doping)hoek gedrukte sporter zijn recht via de maatschappelijk gangbare weg zoekt, verklaren officials terstond zowel het nationaal als internationaal recht niet op 'hun' sport van toepassing. Maar dit terzijde. Pijnlijk voor Samaranch was, dat hij niet om zijn eigen verleden heen kon. Daarvoor is in de gemeente-archieven van Barcelona te veel bewaard gebleven. Vlak na de dood van Franco in 1975 publiceerde het Catalaanse tijdschrift Arreu de bevindingen van drie journalisten die de politieke carriere van Samaranch hadden nageplozen. Hun conclusie: "We hebben hier te maken met een uiterst slimme kameleon omdat hij zich handig heeft aangepast aan de veranderingen - maar hij is niet in staat geweest de openbare mening zand in de ogen te strooien" .

17 Juli 1936, een zwarte dag uit de Spaanse geschiedenis en daarmee een van de belangrijkste momenten uit het leven van Juan Antonio Samaranch. Zijn zestiende verjaardag was de datum waarop generaal Franco namens de conservatieven, rijken en militairen in Spanje het sein gaf voor de opstand tegen de door het volk gekozen linkse frontregering. Door de welgestelde textielfabrikanten waaruit de familie Samaranch bestond, werd dat initiatief met instemming begroet. Het familie-kapitaal zou binnen de totalitaire staat sterk aanwassen. Samaranch wendde dat geld aan om zich aanzien te verschaffen. Door zijn loyale houding ten opzichte van de fascisten en slim manoeuvreren binnen sportbesturen klom hij hoog op richting politieke top.

17 Juli 1936, in het bijzonder een zwarte dag voor iedere Catalaan die zich als progressief sporter beschouwde. Het was de dag waarop de 'Olympische Volksspelen van Barcelona' een dag na de opening al weer als afgesloten konden worden beschouwd. Vijfduizend deelnemers hadden zich ingeschreven voor wat het alternatief werd genoemd voor de Olympische Spelen van Berlijn, die van 11 tot en met 16 augustus 1936 werden gehouden. Spelen waarvoor op de berg Montjuic in Barcelona al in 1921 tijdens de Wereldtentoonstelling het nu grotendeels herbouwde Olympisch Stadion in gebruik werd genomen. Tien dagen voordat het IOC zich op haar jaarcongres van 1931 in Barcelona over de kandidaatsteden zou buigen, verklaarde de nieuwe socialistische regering Spanje tot republiek; koning Alfonso de dertiende werd verbannen uit Madrid. De stemming werd afgeblazen en zonder dat de Spanjaarden nog succesvol konden lobbyen viel de keuze tijdens een per post gehouden schriftelijke stemming op politiek stabiel terrein. Het Berlijn van Adolf Hitler dus. Vanuit dat oogpunt, beschouwen de Catalanen de toewijzing van de komende Spelen aan hun hoofdstad slechts als een daad van historische rechtvaardigheid. Een aspect dat Samaranch zeker niet onbelangrijk voorkwam.

In de jaren veertig werd Samaranch manager in het textielbedrijf van zijn familie, hing de playboy uit en verwierf zich met zijn geld tevens een hoge bestuursfunctie in de internationale rolhockey-organisatie. Tegen de achtergrond van zijn latere aspiraties lijkt dat een wat lachwekkend initiatief, maar in werkelijkheid vormde het een briljante schakel in zijn carriere-planning. Rolhockey was en is een tamelijk populaire bezigheid in Spanje, maar stelt mondiaal vrijwel niets voor. Met prive-geld haalde Samaranch in 1951 de wereldkampioenschappen naar Barcelona. De nationale bonden waren blij dat ze voor hun evenement gratis onderdak hadden gevonden; Samaranch schonk de Spanjaarden het gevoel dat ze uit hun door het Franco-regime veroorzaakte sportisolement kwamen.

Tijdens het evenement kwamen 300 000 arbeiders in opstand tegen hun erbarmelijke werkomstandigheden. De politie sloeg het verzet op bloedige wijze neer. In de archieven van de voormalig civiel gouverneur van Barcelona zijn nog de lovende woorden aan het adres van Samaranch terug te vinden: "Samaranch was gedurende de stakingsdagen een van de weinige falangisten die hun gezicht lieten zien" . Een verzoek om kandidaat te worden gesteld voor de gemeenteraads-verkiezingen werd vanwege zijn wilde prive-leven niet ingewilligd. Vier jaar later kon men echter niet om de streber heen. Hij haalde de Middellandse Zeespelen naar Barcelona en verzekerde zich door het omkopen van journalisten van lovende publiciteit. De man die tegenwoordig als IOC-voorzitter elke vorm van discriminatie zegt te bestrijden, weigerde Israel de toegang.

Het waren de eerste stappen richting functie van minister van sport in Madrid (via de vriendschap met de dochter van Franco, Carmen) en het IOC-lidmaatschap. Beide successen vielen hem in 1966 ten deel na een periode van impopulariteit die hem in Madrid de spottende naam El Senorito - rijkeluiszoontje - opleverde. Hij besteedde die tijd aan het uitbouwen van zijn zakenimperium, dat hem multimiljonair maakte. In zijn rol als ceremonie-meester tijdens de Olympische Spelen van 1972 in Munchen gooide de wolf in het openbaar even zijn schaapsvermomming af. Hij hield de deelnemers voor dat iedereen die bij de openingsceremonie verstek liet gaan, zich schuldig maakte aan "grove onbeleefdheid en volksverlakkerij en schade toebrengt aan de morele waarde van de Spelen" .

Ernstiger dan dit soort autoritair gebazel was zijn openbare optreden op 20 november 1975 in Barcelona. Op de dag dat Franco zou sterven, nam hij deel aan de jaarlijkse plechtigheid ter ere van de oprichter van de Falange. Of zoals Simson en Jennings het omschrijven: "Dertig jaar na de nederlaag van de nazi's paradeerde een vice-voorzitter van het IOC met zijn in uniform gestoken kameraden door de straten en bracht hij uitdagend de groet die de antithese was van het Olympisch ideaal" .

Twee jaar later eisten 100 000 mensen voor het gebouw van de regionale bestuursraad het vertrek van Samaranch. Een aangeboden positie in Wenen wees hij af. Hij stond er op in Moskou de veertig jaar eerder verbroken diplomatieke betrekkingen te gaan herstellen. Terwijl hij in eigen land jarenlang een regime had gediend dat had gevochten voor uitroeiing van het communisme. Maar in Moskou was er een andere zaak die zijn aandacht had. De Russen stonden drie jaar voor de de Spelen in Moskou, de organisatie was een chaos. Samaranch ging met zijn hulp belangrijke Oostblokstemmen winnen die hem in 1980 mede het IOC-voorzitterschap opleverde.

De belangrijkste steun kreeg hij daarbij van wijlen Horst Dassler, die in die tijd met zijn bedrijf Adidas aan een machtig commercieel imperium bouwde. De driehoek-combinatie Havelange (FIFA-voorzitter) - Samaranch - Dassler leverde binnen de sportwereld in korte tijd vrijwel onbeperkte macht op. Het WK voetbal en de Olympische Spelen groeiden uit tot het ideale communicatie-medium voor de grootste multinationale ondernemingen. Dassler verkreeg de verkooprechten; Havelange en Samaranch macht en kapitaal.

Samaranch doet voorkomen dat de hoge idealen uit het Olympische Charter nog steeds worden nageleefd. De IOC-bestuurderen noemt hij evenwel "de enige overgebleven amateurs" , maar hoe zij geld over de balk werpen met kostbare congressen in exotische oorden, daar hoor je hem niet over. Net zo min als over het anti-democratisch functioneren van het IOC-gezelschap. Van de 92 huidige IOC-leden zijn er vijftig op voordracht van Samaranch aangesteld. Problemen gaat hij handig uit de weg, zo meent Denis Howell, eens minister van sport in Groot-Brittannie. In zijn functie als voorzitter van het wervingscomite voor Birmingham observeerde Howell de IOC-praeses nauwgezet: "Samaranch houdt niet van meningsverschillen. Als hij ergens moeilijkheden ziet opdoemen, koopt hij ze op de een af andere manier af. Hij handhaaft zich door iedereen die hij als politieke onruststoker ziet onder zijn vleugels te brengen. Hij koopt hen af - hetzij door hen op te nemen in het IOC, of in allerlei commissies" . Inderdaad werden de Mexicaan Rana en de Italiaan Nebiolo ondanks grote oppositie door Samaranch in het IOC opgenomen. Een anoniem IOC-lid: "Hoewel Samaranch voortdurend spreekt over de geweldige eenheid die wij in de Olympische beweging hebben, en over de noodzaak die eenheid te bewaren, smeert hij volgens mij alleen maar de scheuren dicht" .

Onder Samaranch veranderden de vermolmde Spelen in een lucratief evenement. Dat was overigens voor een groot deel te danken aan de organisatorische kwaliteiten van de Amerikanen, die in 1984 Los Angeles ondanks de Oostblokboycot tot een succes maakten. Wereldsteden verdringen zich nu om de Spelen te mogen organiseren en Samaranch moedigt geldverslindende competities aan. Zo was het Samaranch die opperde dat Amsterdam een aardige kandidaat voor 1992 zou zijn. Een zinloze, bijna twintig miljoen gulden kostende klompendans was het gevolg en dat was nog bescheiden in vergelijking met wat Brisbane, Parijs, Belgrado en Birmingham er tegenaan gooiden. Terwijl iedereen wist dat Barcelona de enige echte kandidaat was.

Samaranch kieperde de amateurbepalingen overboord, om de commercie aan zich te binden. Een actie die lijnrecht inging tegen de beginselen zoals Pierre de Coubertin, grondlegger van de moderne Spelen, die verwoordde. Maar Samaranch beweert zonder gene: "Iedereen wil ons vertellen welke weg we moeten volgen, maar men vergeet dat zo'n weg ons al vele jaren geleden is gewezen. Om precies te zijn in 1894 door de geniale baron Pierre de Coubertin."

Onthutsend is de vergelijkbare wijze waarop hij voorbij gaat aan zijn dubieuze verleden. Samaranch ontkent dat verleden niet, maar beargumenteert dat uit de Francoregering de democratische monarchie van het hedendaagse Spanje is ontstaan. "Na Franco's dood benoemden de koning en de regering me tot eerste Spaanse ambassadeur in Moskou. Het gemeentebestuur van Barcelona is socialistisch en heeft me een gouden medaille gegeven, net zoals het bestuur van Catalonie. Dat is mijn antwoord."

Is hier sprake van een haat liefde-verhouding? Ja, want Barcelona is blij met de Spelen die het door Samaranch in de schoot geworpen kreeg. Protesten zijn er nauwelijks, zelfs niet van het Catalaans Olympisch Comite dat tevergeefs streed voor deelneming van een eigen, onafhankelijke ploeg. Dankzij de Spelen kregen de socialisten in Barcelona zelfs belangrijk wisselgeld in handen. In 1993 zal de stad geheel gemoderniseerd zijn, mede dankzij de enorme financiele bijdragen van het gehate Madrid. Waar vorig jaar de socialisten in Madrid, Sevilla en Valencia nederlagen leden (de post van burgemeester ging naar de oppositie) daar bleven ze in Barcelona aan de macht. Volgens opinie-peilingen is burgemeester Pasqual Maragall zelfs de meest geliefde man van de provincie.

Maragall is al zes jaar lang de drijvende kracht achter de organisatie van de komende Spelen. Decennia geleden leed zijn familie zwaar van de Movimiento van Samaranch. Zijn beide broers werden gearresteerd en zijn zuster Monica werd gevangen gezet wegens het drukken van Franco-vijandige literatuur. Ook de huidige voorzitter van de bestuursraad van de regio Catalonie Jordi Pujol ( "We moeten het verleden vergeten" ) heeft gemengde gedachten over de man die hij zaterdag tijdens de openingsceremonie de hand zal schudden. Pujol, die onder Franco streed voor het behoud van de verboden Catalaanse taal en cultuur. In 1960, tijdens een officieel bezoek van Franco aan Barcelona, werd door een groep mensen het verboden volkslied van Catalonie aangeheven. Pujol werd als organisator van het 'protest' aangewezen en verdween voor zeven jaar in het cachot.

Bij het begin van de democratie werd Pujol gekozen voor zijn huidige belangrijke politieke post als opvolger van . . . de door de Movimiento benoemde Samaranch. De IOC-voorzitter werd in 1973, toen de macht van Franco afnam, als meest geschikte persoon aangewezen om de Catalanen in toom te houden.

Het oordeel van een historicus: "Gedurende de jaren 1974 en 1975 esca leerde de onderdrukking - in de vorm van grootscheepse razzia's, martelingen en executies alsmede het gebruik van vuurwa pens door de politie en de Guardia Civil - tot een niveau dat sedert het eind van de jaren veertig niet meer was bereikt."

En wat heeft het IOC in zijn lovende biografie te melden over het politieke verleden van Samaranch in een totalitaire staat? Slechts dit: 'Houder van het stemmenrecord in het Spaanse parlement'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden