Een erfenis uit de slaventijd

Vanwege de ziekte van Fidel Castro wordt er op Cuba veel gebeden, ook door aanhangers van mengreligies, die hun oorsprong deels hebben in West-Afrika. Een beschrijving van binnenuit van een van die godsdiensten, de Cubaanse santería.

Latijns-Amerika is katholiek, al zijn de pinkstergodsdiensten in opmars. Zo is het gangbare beeld. Maar ook West-Afrika heeft zijn sporen achtergelaten op de religieuze landkaart van dit deel van de wereld.

Enige tijd geleden ging mijn broer voor een begrafenis naar Rio de Janeiro.

Hij belde me op en zei aarzelend: „Jij deed toch voodoo of zo? Moet ik nog ergens op letten? Ik logeer bij de Braziliaanse familie, en ik wil liever geen fouten maken.”

Ik legde hem uit, dat er in Brazilië behalve rooms-katholicisme ook andere godsdiensten zijn, met een West-Afrikaanse achtergrond, zoals candomblé en macumba.

„Als je in huis op een tafeltje wat keramieken beeldjes ziet staan en er staat een glas water bij, een kopje koffie en misschien een sigaar of een stukje rood koord met een knoop erin: niet aankomen! Dat is het altaar.”

Mijn waarschuwing was niet voor niets. Er was inderdaad zo’n tafeltje en hij kon nog net voorkomen dat een andere Nederlander uit het gezelschap het koffiekopje ging afwassen en bijna een aanvaring kreeg met de bewoners.

Nog zo’n verhaal. Een kennis ging met vakantie naar Cuba en logeerde bij mensen thuis. „Santería? Wat is dat dan? Nou, niets van gemerkt.”

Maar toen ik even doorvroeg, had hij wel die beeldjes gezien: „En die waren elke dag verschoven!”

Ja, zo’n altaar is altijd in beweging, omdat het bedoeld is om met de goden te overleggen. Als je wat vraagt dan moet je ook wat geven. Dus water en koffie en soms rum of een sigaar.

Het is een uitwisseling. De theologie van al die godsdiensten zegt het steeds op dezelfde eenvoudige manier: de god heeft energie nodig om te kunnen doen wat jij vraagt. Die energie haalt de god uit de geur van etenswaren en drank, het licht van kaarsen of uit muziek en dans. Ook kleuren zijn belangrijk: elke god of godin heeft een eigen kleur.

Onverwachts is santería op Cuba voorpaginanieuws, omdat de aanhangers ervan bidden voor Fidel Castro’s gezondheid (op Cuba) of juist hopen dat er heel andere tijden aanbreken (in Miami). Maar wat is het nu eigenlijk?

Godsdiensten zoals candomblé, macumba in Brazilië en Venezuela en santería op Cuba stammen uit de slaventijd.

Het zijn mengvormen van West-Afrikaanse en christelijke godsdiensten, vooral rooms-katholicisme. Ook vrijmetselarij heeft invloed gehad.

Andere voorbeelden: vodou op Haïti, winti in Suriname, obeah in Jamaica en een hele reeks andere godsdiensten in het Caribische gebied, alle met prachtige muziek, dansen, kleuren en rituelen.

De slaven, afkomstig uit allerlei volkeren in West-Afrika met soms verwante culturen, probeerden hun godsdiensten te behouden en lieten die als het ware undercover gaan, door ze te vermengen met het christendom. Zo ontstonden de mengvormen met eigen rituele talen. In vodou is de taal Haïtiaans Kreyol, dat is onder andere de Fon-taal uit het oude West-Afrikaanse koninkrijk Dahomey, met Franse invloed. In santería is het Spaans en Yoruba, de taal van een volk in Nigeria.

Mengreligies zijn overigens van alle tijden, ook de diverse vormen van christelijk geloof zoals we die in de westerse wereld kennen, hebben de invloed ondergaan van niet alleen jodendom maar ook andere voorchristelijke religies, al voelen we dat niet meer aan als zodanig.

Alles bij elkaar gaat het bij santería en de andere, vergelijkbare religies om vele tientallen miljoenen aanhangers en duizenden tempels – ook enkele in Noord-Amerika, Canada en Europa.

De meeste beoefenaren zijn ervan overtuigd dat ze monotheïsten zijn, omdat er altijd één hoogste God beleden wordt.

Men eert die hoogste God maar men dient de vele goden en godinnen, in die uitwisseling van vragen en geven, wanneer men werk zoekt of geld nodig heeft of verliefd is of beterschap verlangt.

Er is een pantheon, dat aan dat van de Grieken en Romeinen doet denken. Het grootste onderscheid tussen deze syncretistische godsdiensten en christendom (en jodendom en islam) is, dat ze niet op een eindtijd of hiernamaals zijn gericht maar op het hier-en-nu.

Trance speelt een grote rol. Wanneer mensen in trance raken, komen de goden zelf hun opwachting maken. Wie in trance is, spreekt met de stem van de god en geeft advies.

De altaren zijn lastig te herkennen door die merkwaardige verdubbeling van West-Afrikaanse goden met katholieke heiligen, die in elk van deze godsdiensten weer anders is. Bovendien zijn de goden niet overal dezelfde. De god die de verbinding onderhoudt tussen onze wereld en het pantheon is Elegua/St. Antonius in santería, maar Papa Legba/St. Lazarus in vodou.

La Virgin del la Caridad, de beroemdste heilige van Cuba, is ook Ochún, de godin van de liefde, tenminste in santería want in vodou is dat de twee-eenheid Erzulie Freddá/Mater Dolorosa.

Als je ingewijd bent, dan ben je beter beschermd en kun je het je vijanden danig moeilijk maken. Van Fidel Castro wordt gezegd dat hij ingewijd is, maar hij heeft zich er nooit over uitgelaten.

Op de site www.news.bbc.co.uk wordt melding gemaakt van het verhaal, dat Castro de macht zou hebben om stormen en orkanen te doen afbuigen, zodat Cuba (en zijn toeristenindustrie) nooit meer getroffen is sinds hij aan de macht is.

De BBC-journalist laat het daarbij, maar ik denk dan direct aan de godin of orisha van de storm. Want die is er, in santería.

Dat is orisha Oya, een heel machtige dame en een geweldige strijdster. Ze regeert ook over het kerkhof. De implicatie van het verhaal over Castro is, dat hij een ’zoon van Oya’ zou zijn.

Niemand op Cuba behoeft die toelichting, denk ik, en die is daarom ook niet ter ore gekomen van de BBC-journalist. Ieder mens heeft een god of orisha als speciale beschermer.

Dat is de orisha ’die je hoofd regeert’. Een zoon van Oya is iemand die goed kan vechten, die allemachtig kwaad kan worden, die Oya kan vragen om zijn oorlogen voor hem te winnen en haar kan aanroepen als er storm dreigt.

De enige echte santería-tempel van Nederland staat in Amsterdam, (www.labotanica.net), met voorin een botanica: een winkel met kaarsen, kruidenbaden, wierook, kralenkettingen en allerlei andere attributen van de godsdienst.

De tempel is gewijd aan Yemaya, de godin of orisha van de zee. De priester, of santero, is Don Azito, met een gemengd Puertoricaans- Amerikaanse achtergrond. Eenmaal per maand, op de laatste zondag, houdt hij een Misa Espiritual, een twee tot drie uur durende bijeenkomst met gebeden, in het Nederlands, Engels en Spaans.

Alle aanwezigen zijn in het wit. Tijdens de Misa zijn er mediums die berichten doorgeven en aan wie om advies gevraagd kan worden.

Don Azito heeft destijds het Tropenmuseum geadviseerd, toen men in de permanente opstelling een botanica heeft ingericht en enkele vitrines met orisha’s en Seven African Powers. Hij is een goede santero met een gedegen kennis van het ingewikkelde schelpenorakel, de caracoles.

Het oplossen van problemen van cliënten behoort ook in santería tot het priesterschap. Een hogere graad dan santero is babalawo.

Iemand die zich wil laten inwijden, moet wel bedenken, dat het veel geld kost en erg ingewikkeld is. Je moet een jaar lang in wit gekleed gaan en je moet al die tijd allerlei taboes in acht nemen ten aanzien van eten en gedrag. Santería is met candomblé en macumba ook een van de meest hiërarchisch geordende religies.

Een voordeel is wel, dat je direct bij de virtuele familie van een tempel hoort.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden