Update

Een donkere dag voor hulpverleners en Syriërs

Hulpgoederen liggen overal verspreid op het Rode Kruisterrein in de Syrische plaats Urum al-Kubra, nadat daar gisteren een hulpkonvooi werd geraakt bij een luchtaanval. Zeker achttien van de 31 vrachtwagens vol hulpgoederen werden daarbij vernietigd. Beeld AFP

Woedend is het Rode Kruis over de aanval op een hulpkonvooi in Syrië, waarbij gisteren ongeveer twintig burgers omkwamen en achttien vrachtwagens met hulpgoederen werden verwoest. De hoop op hulp is bij honderdduizenden Syriërs de bodem ingeslagen.

Medewerkers van het Syrisch Arabische Rode Kruis (SARC) laadden maandagavond pakken meel en dozen medicijnen uit tientallen vrachtwagens uit toen ze werden aangevallen. Dat gebeurde bij de opslagplaats van de hulporganisatie in Urum-al-Kubra, even ten westen van Aleppo. Minstens twintig mensen werden daarbij gedood.

Ook het hoofd van het Syrische Rode Kruis, Omar Barakat, kwam om het leven. Hij had vanuit zijn auto toezicht gehouden op het uitladen van de hulpgoederen. Volgens zijn broer Ali Barakat, die de aanval overleefde, waren zo'n twintig projectielen in de omgeving neergekomen.

Lang wachten op hulp
Het konvooi van 31 vrachtwagens vervoerde hulpgoederen van de Verenigde Naties, maar werd georganiseerd door het Syrische Rode Kruis. Het doel was om Urum-al-Kubra te bevoorraden met voedsel, medicijnen, dekens en winterkleding. In dat gebied - in handen van rebellen - wachten tienduizenden mensen al sinds twee maanden op hulp.

Volgens beide hulporganisaties waren de noodzakelijke papieren na veel vertragingen de dag ervoor in orde gebracht. De vrachtwagens ­waren duidelijk gemarkeerd, zegt de VN. Bovendien waren alle strijdende partijen, inclusief de VS en Rusland, op de hoogte ­gesteld.

Na de luchtaanval brandden achttien vrachtwagens en andere voertuigen uit. Beeld AFP
Beeld EPA

"De locatie van de opslagplaats is bij alle partijen in het conflict bekend", zegt Krista Armstrong van het Internationale Rode Kruis (ICRC) vanuit Genève. "We zijn zeer geschokt door deze aanval. Sinds de start van het conflict zijn van SARC al 54 medewerkers om het leven gekomen terwijl zij hulp aan het verlenen waren." "Woedend", is president van het ICRC Peter Mauer. ­"Deze aanval is onacceptabel en een overduidelijke schending van het internationale humanitaire recht."

Gevechtsvliegtuigen
Uit welke hoek de aanval kwam en hoe die er precies uitzag, is nog onduidelijk. Sommige getuigen spreken van raketten, andere van bombardementen door gevechtsvliegtuigen. Syrië en Rusland ontkennen schuldig te zijn. De Amerikaanse en Russische ­ministers van buitenlandse zaken vergaderden gisteren in New York over de vraag hoe het staakt-het-vuren dat ruim een week geleden werd bereikt, nog te redden valt. "Het bestand is nog niet dood", verklaarden Kerry en Lavrov na afloop.

Maar met de aanval op het hulpkonvooi lijkt in Syrië zelf het geloof in het staakt-het-vuren, dat juist bedoeld was om hulp te brengen naar honderdduizenden mensen in de zwaarst getroffen gebieden, verdwenen. De kans dat hun nood alsnog op korte termijn wordt gelenigd, lijkt klein. De VN hebben voorlopig hun hulpoperaties in Syrië opgeschort, kondigde woordvoerder van VN-hulporganisatie Jens Laerke gisteren aan. "Het is een heel, heel, donkere dag voor hulpverleners wereldwijd."

Een groot deel van de hulpgoederen die het konvooi vervoerde is onbruikbaar geworden door de luchtaanval. Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

'Russische straaljagers voerden aanval uit'

Volgens het Witte Huis zat Rusland of Syrië achter de aanval van maandag op het hulpkonvooi in Syrië. Maar hoe dan ook was Rusland verantwoordelijk, zei Obama's veiligheidsadviseur Ben Rhodes dinsdagavond. Het was tijdens het staakt-het-vuren immers Ruslands taak om de Syrische luchtmacht ervan te weerhouden aanvallen te plegen in gebieden waar noodhulp werd geboden.

Dinsdagavond zeiden twee bronnen bij de Amerikaanse autoriteiten eerder al tegen persbureau Reuters dat de aanval het werk was van Russische straaljagers. Volgens hen is er geen andere conclusie te trekken, aangezien twee Russische gevechtsvliegtuigen van het type Soechoj SU-24 op het moment van de aanval zich in het luchtruim boven het konvooi bevonden. Boven het gebied rond Aleppo opereren alleen Russische en Syrische toestellen. Vliegtuigen van de door de VS geleide coalitie die tegen IS vecht, opereren alleen in andere delen van Syrië. De rebellen hebben geen luchtmacht. Rond de tijd van de luchtaanval op het konvooi werd ook melding gemaakt van luchtaanvallen op het nabijgelegen Aleppo, vermoedelijk door Russische of Syrische vliegtuigen.
Rusland heeft ontkend iets te maken te hebben gehad met de aanval. Volgens een woordvoerder van het Russische ministerie van defensie zijn de vrachtwagens in brand gevlogen "op een tijdstip dat op mysterieuze wijze samenviel met een aanval van rebellen op Aleppo'', aldus de woordvoerder. Volgens het ministerie in Moskou waren alleen strijders van Jabat Fateh al-Sham (het vroeger Nusra Front) in de buurt van het konvooi. (ANP, Reuters, AP)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden