reportage

Een dagje boodschappen verzamelen bij Picnic: ‘Het is een misverstand dat je snel moet werken’

Trouw-journalist Elisa Hermanides werkte een dagje mee in het distributiecentrum van Picnic in Utrecht.

Na klachten over de werkomstandigheden bij online supermarkt Picnic beloofde het bedrijf beterschap. Hoe staat het er nu voor? Trouw werkte een dagje mee in het distributiecentrum in Utrecht.

“Doen we!”, zegt Michiel Muller, medeoprichter van de online supermarkt Picnic. Het is half december 2018. Ik heb Muller net gevraagd of ik een keer een dag mag werken bij Picnic. De online supermarkt heeft net de eerste deuk opgelopen in het hippe, jonge imago door een publicatie van Trouw over de werkomstandigheden in de distributiecentra. Volgens een groep medewerkers en vakbond FNV is er sprake van een onveilige werkomgeving, een te hoge werkdruk en een ondermaatse beloning. Trouw heeft foto’s en documenten in handen die het verhaal van de FNV en de medewerkers bevestigen.

Twee maanden later loop ik, gekleed in het oranje shirt van een trainee, met een metalen kar langs de schappen met producten in een grote loods. Om mijn arm draag ik een kleine computer, die mij naar rij H, plek 64 stuurt. “Eerst het product scannen, dan in de krat leggen”, zegt Yilmaz Ergul (26), die nieuwe medewerkers traint. Ik richt de barcodescanner die om mijn vinger zit op de streepjescode van een pak met chocoladesaus. ‘Blieb’. “Nu moet je de streepjescode van het krat scannen en daarna nog die van de positie van het product”, zegt Ergul.

Beeld TRBEELD

Het distributiecentrum van Picnic ligt aan de rand van een Utrechts bedrijventerrein. Het is een grote roodgeverfde loods met daarop een immens bord met het logo van de online supermarkt. Voor de laad- en lospoorten staan grote witte vrachtwagens. Ook binnen in de loods hangt een groot logo van Picnic. ‘Lekker bezig’ staat eronder.

Na het ‘afscannen’ van de chocholadesaus geeft het display de volgende plek aan waar ik heen moet: H68. Wat zal daar staan? Het is een zakje popcorn. Het display aan mijn arm vertelt mij in welke krat het moet worden gestopt.

Er volgen twee flessen prosecco en twee flessen glühwein, die in een ander krat gaan. Ergul let goed op dat de flessen niet verticaal, maar horizontaal neer worden gelegd. Hij kijkt ook naar de houding die ik aanneem. Buig ik door mijn rug voor het pakken van producten op de lage planken, zoals het niet moet, of ga ik door de knieën, zoals het wel moet? En rijd ik de kar niet te hard door het gangpad? “Het is een misverstand dat je snel moet werken”, zegt hij. “Het gaat erom dat je goed werkt en het anderen gemakkelijk maakt. Dan gaat het uiteindelijk vanzelf op een goed tempo.”

Als ik mij eerder die dag meld voor mijn dag als trainee, staat er eerst een presentatie over Picnic op het programma. Medeoprichter Michiel Muller – donkerblauw overhemd met de bovenste twee knoopjes open, zwarte broek, grijze gympen – wil mij nog eens haarfijn uitleggen waarom Picnic bestaat en hoe ingenieus het bedrijf werkt.

In het kort: Picnic is een online supermarkt zonder fysieke winkels. De klant bestelt via een app. Het bedrijf bezorgt gratis, terwijl andere supermarkten bezorgkosten rekenen. En dat allemaal dankzij slimme software, een efficiënte manier van rondbrengen en het ontbreken van winkels, vertelt Muller. Het bedrijf groeit hard: inmiddels bezorgt Picnic in zeventig plaatsen en biedt het bedrijf werk aan 2500 werknemers.

Strafpunten

Maar die harde groei heeft zo zijn keerzijdes. Een groep medewerkers en vakbond FNV klaagden in december onder meer over kneuzingen door gevaarlijke karren en over geblokkeerde nooduitgangen. Onvrede was er verder over het krijgen van strafpunten voor ziek zijn en over de hoge eisen aan het werktempo. Ook over de beloning die lager is dan bij andere supermarkten waren klachten. Exclusief vakantietoeslag krijgen de distributiemedewerkers, die worden ingehuurd via uitzendbureaus, bij Picnic 9,79 euro bruto per uur. Bij een gewone supermarkt is dat 11,68 euro.

Sindsdien zijn er allerlei verbeteringen in gang gezet bij Picnic, zegt Muller. Hij verontschuldigt het bedrijf door te zeggen dat ze door de harde groei niet alles meteen op orde hadden. “We bouwen de brug, terwijl we erop staan.” Alleen de klacht over slechte betaling wijst Muller resoluut van de hand. “De supermarkt-cao is niet van toepassing op Picnic, want wij hebben geen winkels.” Hogere lonen of toeslagen in het weekend of op onregelmatige werktijden ziet hij niet zitten. “Die cao is een product van de jaren zeventig. Die past niet bij ons bedrijf.”

Beeld TRBEELD

Dan schuift Katherin Schuppener (31) aan, hoofd van het distributiecentrum in Utrecht. Sinds december is ze bezig de veiligheid op de werkvloer te verbeteren. “Steeds meer karren hebben zwarte rubberen ringen, zodat een kar niet tegen een hand, maar tegen die ring opbotst.”

Ook de klachten over de geblokkeerde nooduitgangen heeft Schuppener serieus genomen. “Markeren alleen hielp niet, daarom hebben we er paaltjes voor gezet, zodat er simpelweg niets meer neergezet kan worden.” Om iets te doen aan de pijnlijke schouders en ruggen die sommige medewerkers hebben, heeft Schuppener een boekje over ergonomisch werken laten maken.

De onvrede onder het personeel rekent Schuppener zichzelf aan, maar ook zij wijst op de snelle groei. “Toen ik drie jaar geleden begon in het distributiecentrum in Nijkerk werkten daar zo’n veertig mensen, die ik allemaal kende. Dan krijg je een familiegevoel.” Sindsdien is het aantal medewerkers enorm toegenomen. “Op een dag liep ik een rondje en realiseerde ik me dat ik de meeste mensen niet kende.”

Michiel Muller. Beeld TRBEELD

Schuppener bleek helemaal niet zo benaderbaar als ze dacht. “Mensen voelden zich niet gehoord. Ze wilden bijvoorbeeld een pingpongtafel, en die kwam er maar niet. Maar ik wist niet eens dat die wens er was.”

Luisteren

Door het gebrek aan interne communicatie kon het ook gebeuren dat het registratiesysteem waarbij medewerkers kruisjes krijgen bij afwezigheid of ziekte, langzaam maar zeker als een heus strafsysteem werd gezien. “Maar dat is het helemaal niet”, zegt Schuppener. “Na negen kruisjes ga ik met iemand in gesprek. Dat is geen straf: ik wil gewoon weten of er iets aan de hand is. Toch ging het personeel dat zo ervaren.” Het woord ‘kruisje’ heeft ook een te negatieve bijklank, geeft ze toe. “Dus dat gaan we anders noemen. En ziekte gaan we apart registeren.”

Ook de werkdruk die wordt ervaren heeft volgens Schuppener te maken met misverstanden. “Zo had een captain een briefje met de gemiddelde snelheid van het verzamelen van boodschappen opgehangen. Medewerkers dachten toen dat die snelheid een nieuwe eis was.”

Vandaar dat leidinggevenden nu trainingen krijgen om beter te luisteren en te communiceren. Ook is Schuppener erachter gekomen dat berichten versturen via Slack, een chatprogramma voor bedrijven, niet afdoende is. Ze houdt nu twee keer per week een praatje voor de medewerkers om te vertellen wat er speelt binnen Picnic. En er zijn geregeld sessies met het personeel om te bespreken hoe de werkomstandigheden beter kunnen.

Terug naar de werkvloer. Tijdens het verzamelen van boodschappen word ik ingehaald door Isaac Oppong (30). Hij werkt sinds oktober fulltime bij Picnic. “Werken op de gekoelde afdeling vind ik niet zo prettig, maar verder is de baan oké”, zegt hij. Liever zou Oppong ander werk doen, maar dat is lastig omdat hij geen Nederlands spreekt. “In het Verenigd Koninkrijk werkte ik in het personeelsmanagement. Vandaar dat ik niet echt sta te springen van enthousiasme over deze baan.”

Terwijl trainer Ergul mij tips geeft, kijkt hij ook om zich heen om te zien of alles bij het vakkenvullen goed is gegaan. Het maakt hem ‘verdrietig’ als hij ziet dat een vakkenvuller er niet voor heeft gezorgd dat de streepjescodes direct scanbaar zijn voor de boodschappenverzamelaars. “Maar hier word ik juist blij van”, zegt hij, een stukje verderop. Hij wijst op een pak amandelmelk dat apart is gelegd van de pakken sojamelk. “Iemand heeft zo voorkomen dat er een fout wordt gemaakt.” Tijdens mijn tocht langs de schappen kom ik ook een zakje snoep tegen dat is aangebroken. “Het gebeurt helaas nog te vaak dat medewerkers snoepen of stelen”, zegt Ergul.

Spierballen

We lopen naar de laad- en lospoorten, waar hoge metalen frames staan. Het vullen van die frames met volle boodschappenkratten noemen ze bij Picnic ‘dispatchen’. Picnicmedewerker Michael Weijers (34) moet lachen als hij ziet hoe ik met veel moeite probeer een krat vol boodschappen in het frame te schuiven. Weijers werkt sinds november bij Picnic; zijn spierballen zijn sindsdien flink gegroeid. “Het is vrij zwaar werk”, zegt hij. “Maandag en vrijdag zijn de piekdagen. Dan zit je er aan het einde van de dag wel doorheen als je hard hebt doorgestoomd. Dat zeg ik dan tegen Rik, de captain, en dan houd ik gewoon wat eerder op.”

Nadat ik de schappen heb aangevuld, gaan we naar de aparte ruimte, waar het 2 graden Celsius is. Hier staan melk, vla en andere gekoelde producten. Gelukkig mag ik een bedrijfsjas aan. De Griekse Katerina Spyridou (25) drukt deksels op de zwarte isolatiekratten. “Ik was net een week in Nederland toen ik via een vriendin bij Picnic terechtkwam. Het is fijn dat je hier kunt werken terwijl je geen Nederlands spreekt. Er hangt een vriendelijke sfeer, de mensen zijn aardig.”

Na afloop van mijn training heb ik een afsluitend gesprek met Ergul. Ook Devi Streng (25) zit erbij, zij heeft mij ’s ochtends alle procedures uitgelegd. Ergul en Streng zijn niet de enige jonge arbeidskrachten: de gemiddelde leeftijd van de Picnicmedewerker is 27,8 jaar. Ergul concludeert dat dispatchen niet mijn ding is, maar dat ik best goed zou kunnen worden in vakkenvullen.

Ergul en Streng hebben al veel betekend voor Picnic. Zo was Ergul bij de opzet van het nieuwe distributiecentrum in Eindhoven verantwoordelijk voor de werving en de training van alle nieuwe medewerkers. Streng maakt het trainingsmateriaal voor het bedrijf. Het nieuwe ergonomische boekje is van haar hand. Toch krijgen Ergul en Streng nauwelijks meer betaald dan de gewone distributiemedewerkers van Picnic.

“Wij zien Picnic als een soort leerschool”, vertelt Streng, die een hbo-opleiding heeft gedaan. “Je krijgt hier volop de mogelijkheid om je te ontwikkelen.” Ergul werkte eerder als vestigingsmanager voor Albert Heijn. “Daar verdiende ik meer, maar hier is meer vrijheid en de sfeer is leuker.” Maar vinden ze het dan niet erg dat werknemers bij andere supermarkten betere arbeidsvoorwaarden hebben? Streng krijgt plotseling tranen in haar ogen. Er zit haar toch wel iets dwars. “Ik heb veel te danken aan Picnic, maar ik snap niet dat we geen zondagstoeslag krijgen. Niet eens 50 procent.”

Broers in supermarktland

Michiel Muller (1964), mede-oprichter van Picnic, is niet voor niets het gezicht naar buiten van de online supermarkt. Hij weet als geen ander hoe je een bedrijf verkoopt met een mooi verhaal. Eerder was hij onder meer betrokken bij Tango, een keten van onbemande tankstations, en wegenwacht Route Mobiel, uitdager van de ANWB.

Nu hij zich bezighoudt met het beconcurreren van traditionele supermarkten, is hij terecht gekomen in het vaarwater van zijn oudere broer Frans Muller (1961), de topman van Ahold Delhaize, het moederbedrijf van Albert Heijn.

Muller reageert ongemakkelijk op de vraag wat zijn broer vindt van de harde groei van Picnic. “Dat zou je hem moeten vragen. Daar praten wij niet over. Je moet bedenken dat mijn broer daar aan de top zit. Die houdt zich niet de hele dag bezig met de online bestellingen. Ieder zijn eigen verantwoordelijkheid.” Toch kan Muller het niet nalaten om te vertellen dat een stel rode tegeltjes in het distributiecentrum voorheen blauw waren, omdat de loods eerst werd gehuurd door Albert Heijn. “Daar hebben we stickers op geplakt.”

Lees ook:

FNV sleept Picnic voor de rechter

Vakbond FNV stapt naar de rechter om de supermarkt-cao af te dwingen voor personeel van Picnic. De bond stelde de online supermarkt een ultimatum om met voorstellen te komen voor een cao, maar het bedrijf wil daar niet aan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden