Een dag- en nachtmerrie van 630 dagen

UNHCR Nederland maakt van 2013 het jaar van de gezinshereniging. De overheid werpt volgens de VN-vluchtelingenorganisatie te veel juridische en praktische obstakels op, met schrijnende situaties tot gevolg.

De televisie en computer in zijn huis in Hilversum staan even uit. Maar Mounir Fattal is al maanden een nieuwsjunk. Hij volgt alle ontwikkelingen in Syrië op de voet, "en ik bel voortdurend of ik iets kan betekenen", aldus het bestuurslid van Het Syrische Comité, dat zich hard maakt voor verandering in het vaderland.

Het voelt een beetje als 1980, zegt hij. Onveilig, ondemocratisch, onrustig, angst. Ook toen kon je zomaar ineens van je bed worden geplukt en opgesloten. Het gebeurde hem, als 18-jarige student tandheelkunde, politiek actief bij het organiseren van ('vreedzame') demonstraties. Hij zat vier jaar in de gevangenis.

Die periode tussen 1980 en 1984 in de cel vertoont parallellen met de 630 dagen dat hij alleen in Nederland zat en wachtte op de komst van zijn vrouw en dochtertje. Fattal: "Ik ben van nature een optimist. Dat heeft me beide keren overeind gehouden. Ik dacht elke dag: morgen kom ik vrij of is mijn gezin hier weer compleet. Die hoop koesterde ik, en ik schoof die datum elke avond een dagje op."

Er was echter ook een wezenlijk verschil. Als tiener in de gevangenis knaagde niet dat gevoel van verantwoordelijkheid, van tekortschieten, van pijn, druk en stress. Van beloftes naar zijn vrouw die niet waargemaakt werden, van geloofwaardigheid die daardoor in het geding was. En er was nog geen dochter die door de telefoon vroeg wanneer papa weer terug zou komen van zijn werk.

"Iemand vlucht om te overleven, maar pas als zijn gezin weer bijeen is, kan hij dat leven echt hervatten", stelt René Bruin van UNHCR Nederland. "Als we willen dat ze snel integreren, zal een gezin snel moeten worden herenigd."

Fattal kan dat beamen. "Ik vond Nederland die 630 dagen een akelig, kil, bureaucratisch land. Het hele leven leek zwart-wit, ik kon hier niets moois ontdekken. Toen zij hier waren zag ik weer kleuren, prachtige natuur, mooie steden en lieve mensen. Ik ben in 'het land van de stomme regeltjes' zelfs de organisatie en structuur van de overheid gaan waarderen."

Na de periode in de cel in zijn geboorteplaats Aleppo, in het noordwesten van Syrië, hervatte Fattal zijn studie als tandarts. Daarna zat hij twee jaar in militaire dienst en verhuisde vervolgens naar Homs om daar een tandartsenpraktijk te beginnen. "Mijn dossier verhuisde mee. De geheime dienst in Homs riep me op voor een gesprekje, we werden in de gaten gehouden en er kwamen beschuldigingen dat ik in mijn praktijk politieke bijeenkomsten hield. In 1991 begon het idee te leven dat ik moest vluchten. Dat dit anders niet goed zou aflopen, dat ik opnieuw de gevangenis in zou gaan."

Dat lukte uiteindelijk vier jaar later, met heel veel smeergeld. Hij kreeg een visum voor een conferentie tandheelkunde in Parijs. "Ik stond op het vliegveld, met mijn vrouw en prachtige dochter van net drie jaar. Het was voor geen van ons drieën veilig in Syrië, maar alleen voor mij was er een vluchtkans. Moest ik die laten liggen? Een betere zou er niet komen. Als ik wegging, was er volgens mijn vrouw één zorg minder. Maar dat schuldgevoel... Ik liet ze in de steek daar, in slechte, onveilige omstandigheden. Dat was 630 dagen lang mijn 'dag- en nachtmerrie'."

Zijn vrouw, die ook kort in de gevangenis zat, werd in Syrië nog meer in de gaten gehouden. Op vragen van de veiligheidsdienst zei ze dat ze niet wist waar haar man was. Dat ze wilde scheiden. Dat stelde de geheime dienst gerust, maar maakte haar een paria in de gemeenschap. "De druk, angst en onzekerheid van die periode in Syrië: daar heeft ze later echt last van gekregen in de vorm van een heftige burn-out. Waarschijnlijk had ik toen ook goed een psychiater kunnen gebruiken."

De eerste tijd herenigd in Nederland was alles rozengeur en maneschijn. Er kwam een tweede dochter, hij werd na twee jaar studie mondhygiënist. "Het is gelukt, je bent samen blij. Maar later kwamen toch de verwijten bovendrijven. Ik had mijn vrouw en kind in de steek gelaten. Die jaren van niet samen beleefde emotie hebben hun sporen achtergelaten. Zij zat daar in Syrië met haar problemen en ik zat hier met mijn hoop, twijfel en angst. Het blijft daarmee onderhuids en onzichtbaar voor die ander. Zo kun je zonder dat je het door hebt, heel snel uit elkaar groeien. Het was helemaal fout gegaan als we daar niet op tijd over waren gaan praten."

DE CASUS

De Syriër Mounir Fattal (50) vluchtte in februari 1995 naar Nederland en hoopte dat de gezinshereniging met zijn in Homs achtergebleven vrouw en driejarige dochter snel zou zijn geregeld.

DE PROCEDURE

Fattal en zijn vrouw dachten twee, drie maanden van elkaar gescheiden te zijn. Het werden uiteindelijk, tot november 1996, 630 dagen. Het echtpaar woont nu, ook met een in Nederland geboren tweede dochter, in Hilversum. "Zo'n periode van 630 dagen is ruim voldoende om een huwelijk kapot te maken of een mens te breken. Ik hoor wel eens van procedures in gezinshereniging die vier, vijf jaar duren. Ik ben Nederland dankbaar voor de kansen die wij hebben gekregen, maar dit vind ik echt schandelijk voor het land."

DE DESKUNDIGE

René Bruin (UNHCR): "De procedures duren veel te lang, het gevoel van urgentie zou moeten groeien. We moeten de zorgen van de hier erkende vluchtelingen iets serieuzer nemen. Al die onzekerheid. Over je vrouw en kinderen. Dat moet fnuikend zijn."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden