analyse

Een daad als deze is niet te voorkomen

Beeld AP

De aanslag in Berlijn doet meteen de beschuldigende vinger naar jihadistische hoek wijzen. En gisteren eiste terreurbeweging Islamitische Staat de aanslag inderdaad op. Maar verschillende groeperingen kunnen een motief hebben, en werkwijzen zeggen niet altijd iets over de ideologie van de daders.

Terroristen kopiëren elkaars methoden - zo plegen extreem-linkse Turken weleens zelfmoordaanslagen, en nam de Noorse terrorist Anders Breivik tactieken over van jihadisten die in 2008 een aanslag pleegden in het Indiase Mumbai.

Met een truck inrijden op het publiek is een techniek die vooal gebruikt wordt door jihadisten. In de zomer reed de Tunesiër Mohamed Lahouaiej-Bouhlel (31) met een vrachtwagen in op mensen in Nice, waarbij 86 mensen omkwamen en 434 mensen gewond raakten. De verantwoordelijkheid voor werd opgeeïst door IS.

In 2014 riep IS-woordvoerder Mohammed al-Adnani, die in de zomer werd geliquideerd door de Amerikanen, jihadisten in het Westen op aanslagen te plegen met onder meer voertuigen. Kort daarop gaf een jihadist in Canada hieraan gehoor: hij reed militairen dood. In Israël komen zulke aanslagen al veel langer voor.

Het hoofd van de Duitse politie, Klaus Kandt, zei gisteren dat dit soort aanslagen niet is te voorkomen. Er zijn volgens hem 'zoveel potentiële doelwitten', dat deze onmogelijk allemaal te beveiligen zijn. In heel Duitsland zijn er 2500 kerstmarkten, waarvan zestig alleen al in Berlijn.

Hoewel deze conclusie moeilijk te verkroppen is, heeft Kandt gelijk. Je kunt maatregelen nemen die het moeilijker maken voor burgers - en dus ook terroristen - om aan een wapen te komen, maar als je een aanslag als die van gisteren compleet wil uitsluiten dan moet je ofwel burgers verbieden om voertuigen te besturen of een rijverbod instellen in gebieden waar veel mensen bijeen kunnen komen. Dat zijn onmogelijke maatregelen.

Weinig sporen

Terroristen weten dat ook. Net zoals ze weten dat de kans op vroegtijdige ontdekking van het plan om burgers omver te rijden erg klein is. Een aanslag met een voertuig vereist nauwelijks logistiek, noch zijn er vuurwapens nodig. Veel aanslagplegers komen in het vizier van de inlichtingendiensten bij undercoveroperaties, als ze proberen vuurwapens te bemachtigen.

Op internet uitzoeken hoe je explosieven in elkaar kunt knutselen, hoeft de terrorist evenmin, dus van een digitaal spoor dat in beeld zou kunnen komen bij de geheime diensten is ook geen sprake. Zo'n spoor vergroot de pakkans: in oktober werd nog een 19-jarige Brit gearresteerd die van plan bleek een bom te maken en met het oog daarop basisgrondstoffen voor explosieven had aangeschaft.

De Europese veiligheidsdiensten hebben tegenwoordig ook te maken met een veel grotere groep radicalen dan voorheen, mede door de oorlog in Syrië. Sinds 2011 hebben zich al zo'n vijfduizend West-Europeanen aangesloten bij jihadistische organisaties in Syrië en Irak.

De inlichtingendiensten maken zich niet alleen zorgen om de terugkeerders, maar ook om de thuisgebleven radicalen. Op de Franse lijst van staatsgevaarlijke radicalen staan momenteel al meer dan 10.000 personen. Daarnaast zijn er grote zorgen over jihadistische infiltraties onder asielzoekers.

Wat een aanslag met een voertuig nog moeilijker te voorkomen maakt, is dat de terrorist niet afhankelijk is van de hulp van anderen. De kans dat een terrorist dus op een informant van de geheime dienst stuit, is daardoor veel kleiner.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden