Een contract voor 4 jaar: niet vast, niet flex, maar een tussenbaan

Beeld ANP XTRA

Supermarkten willen met een nieuw contract van vier jaar een tussenvorm bieden tussen de zekerheid van een vaste baan en de kleine tijdelijke baantjes. Wordt dit een succes?

Arbeidsmarktdeskundigen, werkgevers, werknemers en politici; allemaal kijken ze vanaf nu met meer interesse naar de supermarkten. De levensmiddelenbranche is van plan om als eerste te gaan werken met 4-jarige contracten. De discussie over flexibiliteit op de arbeidsmarkt krijgt hiermee een nieuwe dimensie. Hoe gaat deze tussenbaan uitpakken?

Met de invoering van de Wet werk en zekerheid in 2015 werd een contract voor een periode van maximaal vier jaar mogelijk, mits de werknemers daarmee instemmen in de cao. Toch komt deze optie zelden op de onderhandelingstafel terecht. De tijd was er nog niet rijp voor. Bij de supermarkten is het min of meer uit nood geboren.

De vorige cao-onderhandelingen tussen de vakbonden en de levensmiddelenbranche verliepen enorm stroef. Uiteindelijk ondertekende alleen het CNV, maar wel met het verzoek om daarna te blijven nadenken over de toekomst. Dat is gebeurd. “Het was nodig om afstand te nemen van het klassieke debat met de tegenstellingen tussen flex en vast, zodat we tot nieuwe oplossingen konden komen”, vertelt Wessel Breunesse, bestuurder bij CNV Vakmensen.

Ze kwamen tot een tussenbaan waarbij de werknemers ook geld voor scholing ontvangen zodat ze na vier jaar ook makkelijker elders werk kunnen krijgen. Dat is vooral belangrijk voor de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De vele scholieren die vakken vullen en achter de kassa zitten zullen daar minder behoefte aan hebben.

Vaste baan blijft ook

Voor het CNV is het 4-jarige contract welkom omdat er bij supermarkten heel veel werk wordt gedaan door flexibele krachten. Ongeveer driekwart van het personeel heeft een tijdelijk contract. Breunesse: “Voor hen is de tussenbaan in ieder geval een verbetering.” De werknemers met een tussenbaan hebben dezelfde sociale rechten als de collega’s in vaste dienst.

De vakbond heeft wel benadrukt dat het niet mag leiden tot nog minder vaste banen. Die intentie heeft de werkgever ook niet, weet CNV. Het zou natuurlijk ook kunnen dat het leidt tot juist meer vaste banen, omdat een werkgever na vier jaar echt wel weet wat hij aan iemand heeft. “Dat zou helemaal mooi zijn”, reageert Breunesse. “Maar we weten het niet. Dit is nieuw. We gaan straks monitoren wat er gebeurt in de praktijk.”

Niet meteen de laatste keer

CNV verwacht niet dat de tussenbaan veel overgenomen gaat worden in andere sectoren. Met name omdat de vakbonden vooralsnog niet staan te trappelen. “Voor ons blijft een vaste baan de norm”, zegt Breunesse stellig. Bij supermarkten is er weinig te verliezen doordat er al zo weinig mensen een vast contract hebben. Maar daar is de levensmiddelenbranche vrij uniek in.

De werkgevers zien het wel zitten. De brancheorganisatie VNO-NCW pleit al langer voor het tussencontract. Ook werkgeversvereniging AWVN verwacht niet dat dit de eerste en laatste keer is. “Dit kan nu vaker op tafel komen. Eigenlijk overal waar in de ogen van vakbonden te veel flexibele contracten zijn, kan het aan de orde komen”, denkt Jannes van der Velde van AWVN. Of het gaat leiden tot meer of juist minder vaste banen durft hij niet te voorspellen. “Dat is hèt grote vraagstuk.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden