Een conflict van dertig jaar oplossen bij een glaasje thee

De Westelijke Sahara is Marokkaans, zegt Rabat al jaren. Koning Mohammed biedt de Saharanen nu autonomie aan. Als ze zijn macht maar erkennen.

Saharaanse vrouwen zitten koket op klapstoeltjes naast elkaar. In hun mooiste omslagdoeken en met goud omhangen vallen ze op in de menigte mannen. Ze luisteren naar de toespraak van Khali Henna Oeld Errachid, voorzitter van de Corcas, de Conseil Royal Consultatif pour les Affaires Sahariennes.

De commissieleden van dit adviesorgaan, allen Saharanen, zijn onlangs benoemd door de Marokkaanse koning Mohammed VI. Binnenkort moeten zij advies uitbrengen over de toekomst van de Westelijke Sahara, gebied dat wordt betwist door Marokko en de Saharaanse onafhankelijkheidsbeweging Front Polisario.

De zaal van het Palais des Congrès in de hoofdstad Lajoen is tot de nok toe gevuld met notabelen, sjeiks en huisvrouwen. „We zijn op weg naar een historische verzoening. Het cement dat ons Saharanen bindt, is het Marokkaanse koningshuis”, roept voorzitter Oeld Errachid vanaf het podium. De vrouwen antwoorden met verheugd joejoe-geroep.

Alsof er geen dertig jaar strijd heeft plaatsgevonden, legt voorzitter Oeld Errachid uit dat de oplossing simpel is: „We vergeten alles, nemen een glas Saharaanse thee en lossen de problemen onderling op.” Hij pleit namens de Marokkaanse regering voor een autonome provincie met eigen bestuur en nodigt de leider van Front Polisario, Mohamed Abdelaziz, uit te komen praten. „Abdelaziz kan zelfs president worden, als hij de Marokkaanse koning maar erkent”, zegt hij.

Het is voor het eerst dat de Marokkaanse regering naar de mening van de lokale bevolking in de Westelijke Sahara vraagt. „Onder de vorige koning Hassan II werd alles besloten door het ministerie van binnenlandse zaken en zijn minister Driss Basri, een Marokkaan. Oeld Errachid is tenminste een Saharaan”, zegt Fadel Aboe-Elhassan, journalist bij de regionale tv in Lajoen.

Maar voor ex-politiek-gevangene Daha Rahmoeni komt dit veel te laat. De Marokkanen hadden dertig jaar geleden, toen het leger binnenmarcheerde, naar de mening van de Saharanen moeten vragen.

Rahmoeni verdween eind jaren tachtig vier jaar in een cel zonder licht en wordt nog steeds regelmatig ondervraagd door de geheime dienst. „Of ik lid wou worden van de Corcas, vroegen ze mij een paar maanden geleden”, vertelt hij. Onder voorwaarde dat hij de Marokkaanse staat erkent. Hij weigerde.

Volgens hem is gewapende strijd de enige oplossing. Net als zijn vrienden, van wie sommigen net zijn vrijgelaten na maandenlang gevangenschap, heeft Rahmoeni geen vertrouwen meer in de VN, die sinds 1991 een staakt-het-vuren controleert. „De mensen willen niet meer wachten. Als Polisario zelfbeschikking wil voor de Saharanen, moet ze de wapens oppakken”, betoogt hij.

Journalist Fadel Aboe-Elhassan kent de verhalen van de separatisten, zoals hij Rahmoeni en zijn vrienden noemt. Volgens hem vormen ze een kleine minderheid in Lajoen. Zelf wil hij geen onafhankelijke staat, omdat de Saharanen historisch gezien bij Marokko zouden horen. Sommige Marokkaanse dynastieën stammen rechtstreeks van Saharanen af, zegt hij. „Wij willen onze eigen zaken regelen onder de soevereiniteit van koning Mohammed VI”, zegt hij.

Voor Aboe-Elhassan is het conflict een strijd om macht tussen Marokko en Algerije. Iedereen in Lajoen heeft familie in de kampen van Tindoef, in Algerije. „Wij zijn de enigen die ons over hen bekommeren”, zegt hij. Hij zou ze graag zien terugkeren. Maar hij weet dat de Corcas in Tindoef weinig effect zal hebben. Zelfs al is de vader van Polisario-leider Mohammed Abdelaziz lid van dit adviesorgaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden