Een Chinees wil vooruit

Evan Osnos schrijft over de ambities van Chinezen, Jonathan Holslag over China als grootmacht

Wat hebben Jezus, Karl Marx, Mao Zedong, Steve Jobs en Bruce Lee gemeen? Voor Michael Zhang is het antwoord overduidelijk: de mannen geloofden in zichzelf en wisten hun lot en de wereld om zich heen radicaal te veranderen. De jonge leraar Engels in zuidelijk China ziet ze als inspiratiebronnen.

Hoewel hij nog nooit naar het buitenland is geweest, spreekt hij dankzij jarenlang keihard oefenen uitstekend Engels, met een voorkeur voor een zuidelijk Amerikaans accent. Boven zijn bed hangt een papiertje met daarop: 'Het verleden weegt niet op tegen de toekomst', en: 'Creëer wonderen'.

Michael Zhang is de ambitieuze hoofdrolspeler in zijn eigen leven op een manier die zijn vader, een mijnwerker, nooit voor mogelijk had gehouden. Toch is de leraar zeker geen uitzondering in China vandaag. Voor de generaties die opgegroeid zijn sinds de start van de economische hervormingen eind jaren zeventig, geldt dat er groot gedroomd mag worden - hoewel de mogelijkheden voor zelfverwerkelijking zeker niet grenzeloos zijn.

Als eerste uit je familie of uit het dorp naar de universiteit, de grootste datingsite van China oprichten omdat je geen partner kunt vinden, keihard werken in het buitenland om je droomhuis te kunnen bouwen, honderden miljoenen mensen denken 'out of the box' bij het uitstippelen van hun leven.

De tomeloze ambitie van de mensen om hem heen is wat de Amerikaanse schrijver Evan Osnos het meest opviel tijdens de acht jaar dat hij correspondent was voor The New Yorker. Meer dan in de indrukwekkende statistieken van China's economische groei, was hij benieuwd naar hoe de snelle maatschappelijke veranderingen doorwerkten in de levens van de mensen die hij tegenkwam, van een straatveger die online poëzie publiceert tot een beroemd econoom die in een vorig leven een Taiwanese militair blijkt te zijn geweest. Het resulteerde in 'De ambities van China. Een volk gevangen tussen autoriteit en aspiratie', een meeslepend en persoonlijk verslag van zijn ervaringen in China waarvoor hij een National Book Award kreeg in de Verenigde Staten en dat onlangs in het Nederlands verscheen.

De mensen die hij ontmoet voor reportages volgt Osnos vaak jarenlang. In zijn boek focust hij eerst op de toegenomen vrijheid van Chinese burgers, met als hoogtepunt een verslag van zijn reis door Europa in een touringbus vol Chinese toeristen. Dan zoomt hij in op de teleurstelling die hij ook ziet. Veel van zijn vrienden raken gedesillusioneerd door de moordende competitie om hen heen. Ongeschoold werk is er wel, maar zonder geld en de juiste connecties blijkt het voor veel mensen onmogelijk door te stoten naar de middenklasse. Ook zijn Engelse schooltje gaat na twee jaar failliet.

In zijn boek vertelt Osnos de verhalen van in het buitenland bekende Chinezen, van de controversiële kunstenaar Ai Weiwei tot de blinde plattelandsadvocaat Chen Guangcheng die in 2012 via de Amerikaanse ambassade in Peking naar Amerika verhuisde. Hun ambities voor de samenleving - minder onrecht, meer vrijheid van meningsuiting - blijven botsen met het gezag, dat nog altijd zijn toevlucht neemt tot geweld en wetteloosheid als het zich in het nauw gebracht voelt.

Het boek van Osnos wordt gaandeweg steeds pessimistischer van toon. Voor Chinese burgers met eigen ideeën blijft het 'dansen in ketens'. Vrijheden kwamen maar gingen ook weer. Toen hij tien jaar geleden in China aankwam was het internet een spannend nieuw podium waarop iedereen zijn mening kwijt kon, toen hij wegging had de Chinese regering het meest geavanceerde online censuurapparaat ter wereld gebouwd.

Het land mag dan wel stabiel zijn, maar hoeveel ruimte er voor individuele ambities overblijft, zeker in een China waarin de economie steeds langzamer groeit en de Partij er alles aan zal doen haar gezag te behouden, is een open vraag.

Een pessimistische boodschap heeft ook Jonathan Holslag, die internationale politiek doceert aan de Vrije Universiteit Brussel. In zijn boek 'Onmogelijke vrede' zijn het de ambities van de Chinese staat die centraal staan, en die zijn slecht nieuws voor de rest van de wereld. Niemand moet zich illusies maken over China's 'vreedzame opkomst', is de boodschap. Het land stelt zich gematigd op en gaat steeds vaker internationale samenwerking aan, maar zodra China de Verenigde Staten voorbijstreeft als belangrijkste supermacht, zal dat veranderen. Dan zal het zijn geopolitieke ambities agressiever gaan nastreven, is Holslags overtuiging.

Doelstellingen als het veiligstellen van grondstoffen die nodig zijn voor het in stand houden van de economische groei, en het inlijven van betwiste gebieden - Taiwan bijvoorbeeld en de eilanden in de Zuid-Chinese Zee, beschouwt China als volledig legitiem. En die doelstellingen zijn de afgelopen tientallen jaren nauwelijks veranderd. Het land is nu alleen niet in de positie om ze te verwezenlijken. Als dat wel zo is, zal dat vrijwel onvermijdelijk grote gevolgen hebben voor de internationale verhoudingen, denkt Holslag, en eindigen in een conflict waarin ook westerse landen stelling zullen moeten nemen.

'Onmogelijke vrede' stelt belangrijke vragen: hoe zal de opstelling van China in de wereld veranderen naarmate het steeds meer een geopolitieke grootmacht wordt? Welke houding kunnen landen in de regio, maar ook Amerika en Europa het beste aannemen? Het zou immers naïef zijn om aan te nemen dat China minder geneigd zou zijn tot het maximaliseren van de eigen macht en belangen dan andere grootmachten hebben gedaan en doen. Holslag zegt het zelf al: deze ambities van China zijn op zich 'heel gewoon'.

Maar hoewel het boek een gedegen overzicht geeft van de regionale betrekkingen in Azië sinds 1949 komen de besproken ambities en hun implicaties voor de huidige betrekkingen met China niet tot leven. De schrijfstijl van Holslag resulteert meer in een collegedictaat dan in lekker leesvoer voor op de bank.

Waar je bij Osnos individuen met een eigen verhaal ontmoet, heeft Holslag het vooral over 'China' (de staat) en 'het Chinese volk'. Slechts af en toe biedt hij een inkijkje in de diversiteit achter die termen, bijvoorbeeld als hij zegt dat Chinese diplomaten vaak een stuk progressiever zijn dan andere overheidsdienaren.

Natuurlijk, de insteek van de journalist is een andere dan die van de professor: Osnos probeert mensen te begrijpen, Holslag landen. Toch had het geopolitieke relaas van Holslag aan kracht kunnen winnen bij een meer persoonlijke aanpak. Dat schept misschien niet direct meer duidelijkheid in de grote vragen van onze tijd. Osnos heeft zelfs het idee dat hoe langer hij in China is hoe minder hij zeker weet over het land. Maar ook persoonlijke portretten kunnen aanzetten tot brede reflectie. Dat bewijst 'De ambities van China'.

Evan Osnos: De ambities van China.

(Age of Ambition. Chasing Fortune, Truth, and Faith in the New China) Vert. Albert Witteveen. De Bezige Bij; 480 blz. euro 29,90

Jonathan Holslag: Onmogelijke vrede. China's moeizame opmars in Azië.

De Bezige Bij Antwerpen; 288 blz. euro 19,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden