Een celesta voor jubilerend RPhO

ROTTERDAM - Béla Bartóks Concert voor Orkest behoort tot de absolute top van het 20ste-eeuwse symfonische repertoire. Aangezien het bovendien de voornaamste instrumenten en groepen laat soleren is het de perfecte compositie voor een jubilerend orkest om te gloriëren.

Het Rotterdams Philharmonisch Orkest gebruikte het vrijdag in De Doelen en zondagmiddag in het Amsterdams Concertgebouw dan ook als afsluiting van het concert ter viering van zijn 80ste verjaardag.

Voorwaarde om te excelleren is wel een eersteklas orkestcultuur en een dito dirigent. Valery Gergjev en zijn musici voldeden daar ten volle aan: de strijkers speelden gloedvol en gaaf; bijna onovertroffen waren de blaas- en slagwerksecties. Gergjev bleek andermaal een inspirerend dirigent die zichtbaar en hoorbaar alles op alles zette.

Zo uitbundig als deze Bartók-uitvoering was, zo sober was de rest van het verjaarsfeestje, dat begon met een gratis kopje koffie voor het publiek en eindigde met fles voor alle orkestmusici, aangeboden door de Vrienden van het Rotterdamse orkest. Een waardevoller verjaarscadeau was de nieuwe celesta die de Vrienden ook schonken.

De twee programma-onderdelen voor de pauze leken weinig met het verjaarsfeest te maken te hebben. Beide composities van respectievelijk Sibelius en Rachmaninov waren zeker interessant om een keer te horen, maar ze misten toch het grootse en feestelijke zoals dat later wel in Bartók er was. Het symfonisch gedicht 'Tapiola' van Jean Sibelius wordt algemeen beschouwd als het meesterwerk van deze Finse componist. Zoals Valery Gergjev het vrijdag vertolkte, kwam het echter niet als zodanig over. Een verhaal heeft dit stuk niet; het lijkt met zijn eenduidige thematiek en strakke structuur meer een schilderij dan een gedicht. Vooral in het begin klonk het allemaal erg statisch en eenvormig.

Het vierde pianoconcert van Sergei Rachmaninov wordt veel minder vaak uitgevoerd dan het overbekende tweede of het hondsmoeilijke en tegelijk evocatieve derde pianoconcert van Rachmaninov. Ondanks de puntgave, heldere en muzikale uitvoering die pianist Jean-Yves Thibaudet ervan gaf in samenwerking met Gergjev en het orkest, sprak het vierde pianoconcert - uitgesproken briljant en knap geconstrueerd - door een weinig meeslepende thematiek toch veel minder aan.

Aan zo'n werk beleeft een componist veel genoegen om het te schrijven en de musici om het uit te voeren, terwijl luisteraars er juist niet erg warm voor lopen. Dit geldt trouwens niet voor het largo, het wiegende tweede deel, waarin een simpele kindermelodie op allerlei manieren prachtig belicht wordt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden