Een boerderij vol rariteiten

(Trouw)

Kunstgebitten, dode kikkers en oude munten. Het huis van Jans Brands uit Nieuw Dordrecht puilt uit. Provincie Drenthe en gemeente Emmen geven een miljoen om de collectie te bewaren.

Als kind was hij al gek op dingen die hij had, maar een ander niet. Dat begon met een veertje van een Vlaamse gaai of een glimmend bonbonpapiertje. Jans Brands (76) uit Nieuw Dordrecht noemt zich aartsverzamelaar. „Eigenlijk verzamel ik alles, behalve vrouwen”, grapt de vrijgezelle Drent die zichzelf ook omschrijft als iemand van twaalf ambachten en dertien ongelukken. De woonkamer in zijn oude boerderijtje staat bomvol dozen, kranten, vazen, beeldjes en andere voorwerpen. De gangen en de deel staan ook vol. Een rariteitenkabinet.

De provincie Drenthe en de gemeente Emmen stellen maar liefst een miljoen euro beschikbaar om de spullen te bewaren voor het nageslacht. De boerderij in Nieuw Dordrecht, waar Brands zijn leven lang woonde, wordt verbouwd tot een cultuur-, kennis- en beleefcentrum. Een architect heeft al iets moois getekend.

Jans Brands vindt niks leuker dan te laten zien wat hij in huis heeft. Hij knoopt een boterhamzakje open en vist er een glimmende munt uit. „Een merovinger. Geslagen tussen 628 en 638. De enige in Nederland. Wereldwijd zijn er maar zes bekend.” Even later schudt hij een doosje leeg op tafel. Onderscheidingen van wijlen hoogleraar Henk Prakke, die een sleutelfiguur was in de regio.

Een rode draad is er eigenlijk niet in de collectie, vindt Brands. Hij heeft veel uit de streek verzameld, bijvoorbeeld alle afleveringen van de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 1823 tot 1987. Maar evengoed was hij in zijn nopjes met oude kunstgebitten, een antieke televisie of verkiezingsposters uit de tijd van Groen van Prinsterer. Op de deel steekt hij een enorme houten tang omhoog. Een disteltang, maar de verzamelaar meldt voor de grap dat het ding gebruikt werd in de dierentuin van Emmen om giraffentanden te trekken.

„Jans weet drommelsgoed wat alles is hoor”, grijpt Gerrit Wisman in. „En als hij iets niet weet, belt hij universiteiten op om het te vragen.” Wisman is een van de mensen die jarenlang gevochten hebben voor het veiligstellen van de collectie. Die groep, verenigd in de beheerstichting Collectie Brands, heeft de verzamelaar ook geleerd wat eerbiediger te zijn. En deel van de collectie ligt nu achter glas en heel veel stukken – waaronder 17.500 romans en wetenschappelijke boeken – zijn afgevoerd naar de bibliotheken in Assen en Emmen. Brands boerderij is te koud, te vochtig en te brandgevaarlijk.

Zelf zegt de verzamelaar van zijn spullen dat het ’gewoon rotzooi’ is. Een museum wil hij hier ook niet hebben. Een beleefcentrum, dat is prima. „Museum is zo’n dik woord. We zijn voor jan met de pet, niet voor de meneer met de hoed.” Gerrit Wisman ziet het zakelijker. Als Brands even de kamer uit is, zegt hij: „Voor de exploitatie hebben we de meneren met de hoed zeker ook nodig.” Hij grinnikt om Brands: „Eigenlijk hoort die man zelf ook bij de collectie.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden