Een bisschop met een vurig hart en een vrouwenhand

Wie met liefde preekt, heeft succes. Stelregel van kersvers priester François de Sales, als hij in de Frans-Zwitserse grensstreek 'overlopers' naar het calvinisme moet bekeren. Na zijn snelle successen mag hij bisschop van Genève worden. Maar wel in ballingschap.

Mijn grootvader van vaderszijde was een radicaal die zich in het begin van de vorige eeuw van de parlementaristische sociaal-democraten losscheurde, en met andere intellectuelen een 'communistenbond' stichtte. Toen de berichten over de Sovjet-Unie, de linkse heilsstaat, in de jaren dertig steeds somberder werden, maakte hij zich ook los van dat gezelschap.

Mijn grootmoeder was aanvankelijk even radicaal als haar man. Het verhaal ging in de familie dat zij tijdens politieke betogingen bij voorkeur in lantaarnpalen klom, een eigenaardigheid die mij zeer voor haar innam. Maar al eerder dan haar man keerde zij zich van de beweging af, en zocht haar toevlucht tot het katholicisme. Ze beoefende het geloof met hetzelfde enthousiasme waarmee ze eerst de 'roden' had aangevuurd. Zo'n toewijding heeft jammer genoeg al gauw iets kwezelachtigs, vooral als zij gepaard gaat met brave boekjes.

Een van de traktaten die zij van aantekeningen en commentaar voorzag was 'Inleiding in het devote leven' van de Franse heilige François de Sales (1567-1622). Het is een gids voor goed gedrag die de bisschop in 1609 voor een bevriende adellijke dame schreef. Een 'hoe het hoort', vol raadgevingen over wat te doen bij opkomende woede, hoe zich netjes te kleden en van welke spelletjes zich afzijdig te houden als belijdend katholiek. Mijn grootmoeders radicalisme zocht een uitweg in beheersing en onthouding.

François de Sales was de oudste zoon van een landedelman uit Savoye, de bergachtige grensstreek tussen Frankrijk en Italië. De streek werd door de in Turijn residerende hertog van Savoye bestuurd, maar moest zich voortdurend bemoeienissen van de Franse en Spaanse vorsten laten welgevallen, terwijl ook stadstaten als Bern en Genève aan het grondgebied knaagden. In deze contreien waren vele gevoeligheden te ontzien, wilde men niet in gewelddadige oplossingen van conflicten blijven vervallen. Het kan geen toeval zijn dat juist in het roerige Noord-Italië de twee beroemdste etiquetteboeken van de Renaissance verschenen, 'De hoveling' van Castiglione (1528) en 'Galateo' van Della Casa (1558). Diplomatieke omgang drong de opvoeding binnen.

Genève was een geval apart. De stad was sinds 1532 in handen van de calvinisten, de katholieke hiërarchie was er verdreven en de betrekkingen met de omringende landen waren gespannen. In 1602 werd François de Sales de vijfde bisschop van Genève in ballingschap, met standplaats Annecy, op veertig kilometer van zijn eigenlijke diocees. Zijn leven lang zou hij, tevergeefs, zich inspannen voor een terugkeer van Genève tot de moederkerk.

Met iets meer succes zou hij zich sterk maken voor goede betrekkingen met de jaloerse hertogen en koningen waar zijn kerkelijke bedoeninkje van afhing. Als ijveraar voor een doorleefd katholicisme mat hij zich met de protestanten op hun eigen terrein -de persoonlijke verantwoordelijkheid en gewetensvorming. Niets in zijn leven en werken was bijzonder opvallend of heldhaftig, maar zijn vasthoudend fatsoen in een tijdperk van godsdienstoorlogen en feodale twisten was velen een voorbeeld.

Dirk Koster, een pater Salesiaan, meende er goed aan te doen van dat vrome leven nog eens getuigenis af te leggen in een boek 'François de Sales' dat zich uitdrukkelijk in de hagiografische overlevering plaatst. Geen theologisch of sociologisch onderzoek naar de grondslagen van de Salesiaanse gevoeligheid, maar een uitvoerig en eerbiedig heiligenleven. Het is verlucht met veel foto's en prenten, waarvan de voorplaat nog de aardigste is. Men ziet daarop François de Sales afgeschilderd, een vlammend heilig hart in zijn hand, en op zijn rug Jeanne de Chantal, de vrouw die hij in 1610 aan het hoofd van een nieuwe orde van Visitandinen stelde. De 'vrouwenlast' tekent zich af tegen een platteland met kasteel.

De beschavingsarbeid die de 'gentleman heilige', zoals hij wel genoemd is, op de woeste grens ondernam, bediende zich vooral van vrouwen. Vrouwen wogen zwaar voor François de Sales. In zijn eigen leven had hij zich op zijn moeder verlaten om bij zijn vader begrip te wekken voor zijn religieuze roeping.

De Visitandinen ontleenden hun naam aan de Visitatie, het verhaal in het Lucas-evangelie over het bezoek dat Maria aan Elisabeth bracht, om haar bij te staan in haar zwangerschap van Johannes de Doper. Zelfs een argeloze biografie als die van Koster maakt verscheidene malen melding van de verlegenheid waarin vrouwen François de Sales brachten. In zijn zwakte zocht hij kracht. Bij de weduwe Chantal 'voelde hij voor de eerste keer zijn hart vrijuit gaan naar een vrouw'.

Het hart, het heilig hart, werd het symbool van de vrouwenorde die hij stichtte. In een brief aan zijn pupillen schrijft hij in 1618 over dat hart: ,,Dochters, als u dit Hart beziet, moet het u wel bevallen. Want het is een Hart zo zoet, zo zacht, zo medelevend, zo liefdevol voor de arme schepselen als zij maar hun schande toegeven. Zo genadig voor de ellendigen, en zo goed jegens de berouwvollen! Ach, wie zou dit koninklijk Hart niet beminnen, dat zo vaderlijk moederlijk (mijn cursivering, SdL) voor u is?' François de Sales en Jeanne de Chantal spraken elkaar ook over en weer aan met 'vader' en 'moeder'.

Maar die voorbeeldige rolverdeling maakte de spanning tussen aan de ene kant de beschouwelijkheid, en aan de andere de zorg voor armen en zieken waar de Visitandinen zich op toelegden, er niet minder op. Opzettelijk hield François de Sales de drempel tot intreding zolang mogelijk vaag en laag. Toch duwden zowel de kerkelijke autoriteiten als de novieten de Visitandinen beurtelings in een mystieke, dan wel maatschappelijke richting. In het kloosterleven staat het dilemma bekend als het 'Martha-of-Maria-complex', naar de twee fans van Jezus die hun liefde respectievelijk met luisteren en stofzuigen uitdrukten (Lucas 10).

Kosters bewondering voor de stichtelijke lessen zullen niet velen meer delen, en het laveren tussen hoffelijkheid en oprechtheid van François' woorden maakt een gekunstelde indruk. In de veroordeling van reformatie en jansenisme vereenzelvigt de biograaf zich met de katholieke orthodoxie, zonder zich te verdiepen in de psychologische overeenkomsten die de Savooyse bisschop met de hervormingsbeweging vertoonde. Maar datzelfde traditionalisme van de auteur schetst ook de contouren van een verlegen moederskind dat de vrouwen bij het maatschappelijk gesprek betrok. Dankzij François de Sales dempte de mannenwereld zijn toon. Driehonderd jaar later waren die conversatieregels echter een korset geworden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden