Review

Een beetje nostalgie, heerlijk toch?

E. F. Lattimore (tekst en ill.): 'Kleine Sjang', 'Kleine Sjang en zijn vriendjes', 'Kleine Sjang en de konijntjes', vert. Selma Noort, Leopold, resp. 104, 118 en 96 p, F 22,50 en F 22,90, v.a. 5 jaar. Jean Dulieu: stripserie 'Paulus de Boskabouter': 1. 'De hooikooi', 2. 'Het blokkenplan', 3. 'De mussenklus', 4. 'De heldenmol', Uitgeverij de Meulder, 104 p, F 19,90 p. st, v.a. 6 jaar. Beatrix Potter: 'Alle verhalen van Pieter Konijn', vert. Heleen Kernkamp-Biegel, 2e druk, Ploegsma, 80 p, F 35,-, v.a. 3 jaar. Bij Uitg. I.C. verscheen een derde deel in de serie video's 'De wereld van Pieter Konijn': 'De avonturen van Ronald Rat of de Kattesaucijs': een uitstekende animatie-bewerking van het gelijknamige prentenboekverhaal: F 29,90. Ook als cd en cassette verkrijgbaar: resp. F 16,95 en F 12,95.

Pas nu haalde ik het weer tevoorschijn, omdat het opnieuw vertaald en herdrukt is. Niet alleen 'Kleine Sjang' trouwens, ook 'Kleine Sjang en zijn vriendjes', waarin hij zes is, en 'Kleine Sjang en de konijntjes'. Een vierde deel, 'Kleine Sjang op school', verschijnt volgend jaar.

En herlezend wond Kleine Sjang me compleet om zijn vinger. Wat een verrukkelijk joch, en met wat een subtiel gevoel voor de psychologie van een jong kind beschreven! Twee dingen wil Kleine Sjang het allerliefst: snoep kopen en groot worden. Hij is een weglopertje, al vind hij zelf van niet. Hij wou alleen maar zo graag de stad zien. Of rotjes afsteken.

Of naar de markt.

De verhalen, met veel liefde voor Chinese boerencultuur geschreven, vanuit jeugdherinneringen van de schrijfster, werden vanaf 1931 gepubliceerd. Het China van Lattimore is een arcadisch China: een knusse, veilige en kindvriendelijke wereld waarin nog geen auto's rijden, waarin je nog net zoveel kinderen mag krijgen als je wil en waarin je nog niet op je hoede hoeft zijn voor verklikkers van de geheime dienst.

De boeren in het dorp van Kleine Sjang zijn arm. De woningen bestaan uit een kamer met raampjes van papier. Er is een groot stenen bed, met een haard eronder, waarin het hele gezin slaapt en waarop, geknield aan een lage tafel, gegeten wordt. Kinderen moeten al vroeg meewerken. Meisjes gaan niet naar school.

Toch is er geld en tijd over voor speelgoed (tollen, vliegers, knuffels) en snoep, voor nieuwe kleren met Nieuwjaar, voor vuurwerk, en voor huisdieren als kanaries en konijntjes. Veel wordt zelf gemaakt, zoals mooi versierde kleren, schaatsen en speelgoedbootjes.

Als tienjarige vond ik het te lief allemaal. Nu denk ik: heerlijk toch?

Een beetje nostalgie mag best. Er zijn al genoeg kinderboeken waarin kinderen hardhandig tegen grotemensenproblemen op lopen. En aan spanning en avontuur ontbreekt het niet in de drie boeken over Kleine Sjang die nu verschenen zijn. Kleine Sjang doet allerlei domme en ondeugende dingen die ook kinderen van nu nog aanspreken: hij laat de kanarie vrij uit zijn kooitje, valt in de rivier zonder te kunnen zwemmen, en later in een put, ruilt zijn babybroertje met het driejarige broertje van zijn vriendje omdat die tenminste kan praten en lopen, gaat uit bedelen, leert vissen, fokt per ongeluk konijntjes en gaat per ezel naar school.

Hoewel er misschien meer tienjarigen zijn die niet over een vijf- tot zevenjarige willen lezen, is het taalgebruik beslist niet te simpel voor tien jaar. Beschrijvingen van natuur en cultuur zijn soms vrij uitvoerig, en het leven van Chinese boerenkinderen aan het begin van deze eeuw mag dan romantisch weergegeven zijn, kinderachtig is het niet.

Bovendien bevatten de boeken nogal wat fijne humor die een zesjarige waarschijnlijk ontgaat, maar die een ouder kind wel oppikt.

De vertaling van Selma Noort sluit aan bij het hedendaagse spraakgebruik. De voetzoekers uit mijn vergeelde exemplaar heten nu rotjes en stuivers kwartjes. Helaas heeft ze soms typisch Chinese eigenheden afgevlakt: een jonk werd een zeilboot, muiltjes werden schoenen. Over de illustraties ben ik niet van mening veranderd: de meeste zijn nog steeds sterk: een vleugje Rie Cramer, soms kindergezichtjes a la Van der Hulst jr, met een penseelvoering die aan Patsy Backx doet denken.

Ook Paulus de Boskabouter, de creatie van Jean Dulieu (pseudoniem voor Jan van Oort), heeft de laatste jaren terecht een revival meegemaakt, mede doordat de VPRO de beroemde hoorspelen uit de jaren zestig weer uitzond. Pauluskenner Maarten de Meulder ontdekte echter dat vooral Dulieus werk uit zijn eerste stripperiode, van 1946 tot 1958, bewerkt en herdrukt werd, maar niet uit zijn tweede stripperiode, van 1973 tot 1984, waarin hij 23 stripverhalen van elk 100 stroken maakte, die in allerlei regionale kranten verschenen.

De Meulder, voormalige uitgever van het stripinformatieblad Stripofiel, besloot die stripverhalen, waarvan er maar enkele eerder in boekvorm verschenen, te gaan uitgeven in een reeks van zo'n twintig delen.

Er zijn nu vier delen verschenen. Daarvan zijn 'De hooikooi' en 'De heldenmol' nooit eerder in boekvorm gepubliceerd. 'Het blokkenplan' en 'De mussenklus' wel, in 1977. Het zijn weer heerlijke Paulusverhalen, met Eucalypta als het grote gevaar. De woordspelingen zijn soms erg grappig, maar soms ook nogal voorspelbaar, zoals Oehoeboeroe de Uil die een uiltje gaat knappen. De slapstick-achtige poppenkastgrapjes zijn hardhandiger dan in de vroegere verhalen. Zo krijgt Eucalypta in 'Het blokkenplan' een stel zware houtblokken op haar hoofd, dreunen waarvan ze steeds weer als een springveer overeind komt, en vliegt de slome das Gregorius in 'De mussenklus' op Eucalypta's bezem door de lucht om in de heksenhut neer te ploffen. Vooral in 'De mussenklus' is Dulieu op dreef geweest, met Paulus als dokter, en heeft hij zich met hart en ziel uitgeleefd op de heks. Een uitstekend initiatief, deze reeks.

Nog een derde onsterfelijke kinderheld kreeg dit jaar een nieuw jasje: 'Pieter Konijn' van Beatrix Potter. Nieuw aan 'Alle verhalen van Pieter Konijn' is dat de prenten opnieuw gelithografeerd zijn van de originele aquarellen.

Dat scheelt enorm! Wie de nieuwe druk vergelijkt met de vorige, heeft het gevoel dat de lens op de prenten voor het eerst echt scherpgesteld is. De prenten zijn veel levendiger en gedetailleerder, de kleuren natuurlijker, minder kitscherig. Opeens zie je tere penseelstreken, die nooit eerder als zodanig herkenbaar waren. Alleen doodjammer dat een prent, een uitvergrote nog wel, 'vergeten' is bij deze grote schoonmaak.

Een prent waaraan je ziet wat je in vorige drukken altijd gemist hebt, dat wel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden