Een appeltje is in Rotterdam veel te weinig

Rotterdam is de ongezondste stad van Nederland. In sommige achterstandswijken gaan mensen gemiddeld tien jaar eerder dood dan in de betere buurten. Schokkend, vindt de gemeente. Tijd voor actie.

Sharlene Bennett hangt lachend aan een fitnessapparaat. De 45-jarige vrouw wil 'wat kilootjes' kwijt, zegt ze. Bennett vertelt over haar dieet en het 'hangende, flabberende vet onderaan de armen'. "Ja, het mag allemaal wat mooier en strakker." Ze lacht nog harder.

De sportschool waar Bennett naar toe gaat heet 'Feijenoord Beweegt' en is sinds deze week open. Het pand ligt aan de Hillevliet in Rotterdam-Zuid, een plek waar drie achterstandswijken samenkomen: de Afrikaanderwijk, Bloemhof en Hillesluis. Deze gebieden worden geplaagd door grote werkloosheid en armoede. De bewoners leven te ongezond en bewegen te weinig.

De nieuwe sportschool moet dat veranderen. Mannen en vrouwen van veertig jaar en ouder kunnen 'voor een zacht prijsje' fitnessen en aerobics-lessen volgen, vertelt Bea van den Bosch, voorzitter van de vereniging Feijenoord Beweegt. Wijkbewoners kopen voor vijf euro een strippenkaart waarmee ze vier keer mogen sporten. Een schijntje vergeleken met reguliere sportscholen. Vrouwen kunnen er twee ochtenden in de week terecht, mannen vooralsnog één avond. Het is een bescheiden sportschool; er staan zes - tweedehands - fitnessapparaten.

Van den Bosch is al jarenlang bestuurslid van Ladyfit, een laagdrempelige sportschool in de Utrechtse wijk Kanaleneiland. De club heeft inmiddels 1800 leden. Veertig vrijwilligers houden de tent daar draaiende. Feijenoord Beweegt moet net zo'n succes worden. Van den Bosch is naar Rotterdam gekomen om, met haar ervaring, 'een handje te helpen'. Ook deze sportschool moet straks geheel dankzij vrijwilligers - en een 'startsubsidie' van deelgemeente Feijenoord - kunnen bestaan. Toen de Rotterdamse wethouder Marco Florijn (PvdA, zorg) het sportcentrum deze week opende, nam hij als cadeau een weegschaal mee - en geen cheque.

De gemeente vindt het belangrijk dat de vereniging zichzelf leert bedruipen; bewoners moeten ook beseffen dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen gezondheid, vindt Florijn. "Daar hoort niet als automatisme een subsidie van de gemeente bij. Ik geloof dat initiatieven die vanuit de bewoners zelf komen meer invloed hebben dan wanneer de gemeente zegt: leef gezond en eet toch vooral een appeltje."

Er is de wethouder veel aan gelegen dat een project als Feijenoord Beweegt slaagt. Boven de stad hangt een onderzoek van hoogleraar volksgezondheid Lex Burdorf van het Erasmus MC, waaruit blijkt dat Rotterdammers gemiddeld anderhalf jaar eerder dood gaan dan de mensen elders in het land. Dat verschil loopt binnen de Maasstad verder op. Wie in het rustige en groene Kralingen opgroeit, wordt gemiddeld zeven tot tien jaar ouder dan de bewoners in Tarwewijk of Hillesluis. Daarnaast blijkt uit de laatste gezondheidsenquête van de gemeente dat Rotterdammers niet tevreden zijn over hun eigen welzijn. In deelgemeente Feijenoord bijvoorbeeld, geven de bewoners hun gezondheid - op een schaal van 1 tot 10 - een 2. De gemeente is zich, in de woorden van wethouder Florijn, 'rot geschrokken'.

De gemeente heeft als antwoord drie zogenoemde 'gezondheidsmakelaars' aangesteld. Zij bekijken in zes wijken van de stad (Bloemhof, Hillesluis, Afrikaanderwijk, Lombardijen, Tarwewijk en Nieuwe Westen) welke gezondheidsproblemen er spelen en hoe de bewoners daar zélf iets aan kunnen doen.

Annette Straver, die de wijken Bloemhof, Afrikaanderwijk en Hillesluis onder haar hoede heeft, hoorde van opbouwwerkers dat met name oudere buurtbewoners behoefte hebben aan betaalbare sportfaciliteiten, een schaars goed 'op' Zuid. De gezondheidsmakelaar regelde een onderkomen voor een sportschool en benaderde Bea van den Bosch in Utrecht. Zo ontstond sportvereniging Feijenoord Beweegt.

De kunst is nu, zegt ze, "om de vereniging een gezond leven te geven". Dat kan via sponsoring of dankzij betalende leden. Het doel van Straver is dat in 2014 in totaal 1400 mensen uit de wijken hun eigen gezondheid verbeteren. De sportschool is daar een middel voor, maar ook het hebben van een eigen moes- of kruidentuin. "Het is heel zorgelijk dat mensen in deelgemeente Feijenoord hun eigen gezondheid het cijfer 2 geven", vindt Straver. "Dat zijn dus de bewoners in 'mijn' wijken. Dan wil je toch weten; wat zit daar achter?"

Voor een deel is dat bekend. Mensen hebben zorgen over schulden en hun slechte woning. Bovendien is Rotterdam een buitengewoon ongezonde stad, zegt hoogleraar Burdorf, de man van het 'alarmerende' onderzoek. Maar de precieze oorzaak is volgens hem niet eenvoudig te noemen. "Dat de luchtverontreiniging in Rotterdam groter is dan elders in Nederland speelt mee. De buurten waar mensen eerder dood gaan zijn weinig groen en liggen aan drukke wegen. Criticasters zeggen dan: die mensen hebben weinig geld, anders ga je daar niet wonen. Er zijn meer factoren van belang, zoals het inkomen. Ik ben ervan overtuigd dat de levensverwachting daar nauw mee samenhangt. Wie geen werk heeft, voelt zich minder goed. Eet minder goed. Ervaart stress. Alles hangt met elkaar samen."

In de klassieke analyses, zegt Burdorf, keken onderzoekers vooral naar de levensstijl van de mensen. Roken, drinken, bewegen, eten. Daar ging alle aandacht naar uit. "We beseffen nu dat vooral werk en opleiding invloed hebben op de gezondheid. Een baan geeft structuur in je leven. Op je werk word je mentaal en fysiek uitgedaagd. Alle functies blijven in ontwikkeling. En werkenden creëren eigenwaarde. Je kijkt anders naar jezelf."

Burdorf vertelt dat hij voor een onderzoek ooit duizend Rotterdamse werklozen heeft gevolgd, van wie een klein deel betaald werk kreeg aangeboden. "De gezondheid van de mensen mét baan schoot omhoog, het verschil was echt opmerkelijk."

Voor een ander onderzoek uit 2008 zette hij 250 langdurig werklozen op een fiets om zo hun zuurstofcapaciteit te meten. De resultaten waren 'schrikbarend slecht'. "Zo erg had zelfs ik niet verwacht. Een deel van de groep slaagde er niet in om de test af te ronden. Dat zegt wel voldoende." De hoogleraar woont in Rotterdam-Zuid. Hij fietst dagelijks over de Erasmusbrug naar zijn werk. "Ik zeg wel eens: als je er niet in slaagt om over die brug te fietsen, heb je een probleem. En ik zie elke dag mensen afstappen."

De Rotterdamse gezondheidsproblemen lijken onoplosbaar. In de Afrikaanderwijk heeft een op de vijf bewoners last van migraine. In Bloemhof lijdt een kwart aan rugpijn. In Feijenoord voelt een op de vier zich depressief. In Lombardijen heeft bijna 20 procent een hoge bloeddruk. Als een goede opleiding en een baan de oplossing van deze aandoeningen vormen, is er een serieus probleem. Rotterdam kampt namelijk met de hoogste schooluitval van alle grote steden. De gemiddelde Citoscore op de basisscholen ligt een stuk onder het landelijk gemiddelde. De stad worstelt al jaren met het grote aantal bijstandsgerechtigden. De teller staat nu op 33.500. Bijkomend probleem is dat Rotterdam financieel aan de grond zit en nauwelijks kan investeren.

Het zal niet lukken om de gezondheidsachterstand van Rotterdam binnen vier, acht of twaalf jaar geheel weg te werken, denkt hoogleraar Burdorf. "Maar moeten we de problemen dan maar accepteren? Dat is een morele vraag, waar ik 'nee' op antwoord. We moeten ons blijven bekommeren om die mensen die niet goed voor zichzelf kunnen zorgen." Zo'n sportschool als Feijenoord Beweegt, zegt hij, is daar een mooi voorbeeld van. "Het zal stapsgewijs moeten gaan."

In de sportruimte is Sharlene Bennett klaar met haar oefeningen. Ze schrikt als ze hoort dat in haar wijk, Bloemhof, de levensverwachting van bewoners zeven tot tien jaar lager ligt dan in een groene villawijk. Wat Bennett vanmiddag gaat doen? "Mijn buurvrouwen naar deze sportschool sturen." En weer die lach.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden