Review

Een aap met de handen vrij

Wanneer gingen we rechtop lopen? Wanneer begonnen we met gereedschap? Weinigen leggen onze hominiden-voorgeschiedenis beter uit dan

Je krijgt zin om zelf de spade ter hand te nemen, om homo kudelstaartus uit het veen te halen, mijn verre voorvader. Zijn botten moeten het vertellen: liep hij al rechtop, was ie al handig, en zat een beetje schilderen er al in?

In die drie vragen zit de lijn verpakt van ’Waar komen we vandaan?’, een vlot, prachtig geïllustreerd leesboek van de Amerikaanse wetenschapsjournalist Carl Zimmer, over de historie van de hominiden. Die geschiedenis besloeg zes miljoen jaar, maar ze zijn in een oogwenk voorbij als je met Zimmer mee rent.

François Jacob, Frans medicus, zei eens dat de natuur een rok maakt uit oma’s gordijn. Een rasknutselaar! Zimmers relaas probeert duidelijk te maken hoe de evolutie het op weg naar haar laatste loot tot die haute couture kon brengen. Wat een engelengeduld.

Je begint bij de oerhominide uit Tsjaad, Sahelanthropus tchadensis, zes tot zeven miljoen jaar geleden. Amper 165 bladzijden verder ben je bij Cog, een eerste proeve van de robotmens die ons eens gaat vervangen. In die tussentijd mag je veel mooie plaatjes kijken, en toch presteert Zimmer het om je daarnaast zoveel inzicht bij te brengen dat je je aan het eind verwonderd afvraagt hoe dit evolutonaire knip- en plakwerk ooit kon plaatsvinden. Knap gedaan; van de natuur én van Zimmer.

Niet dat hij de zaken zo uitputtend behandelt als in zijn geroemde boek ’Evolutie – triomf van een idee’, maar hij weet de evolutie van Sahelanthropus naar moderne mens mooi te comprimeren tot de geschiedenis van, naar je gevoel, een enkel mensenleven. Het maakt weinig uit dat je al veel wist van wat je bij Zimmer leest. Hij zet je kennis voor je op een rijtje, in een chronologisch perspectief.

De kunst daarbij is om een paar grote stappen te nemen, en dat doet Zimmer. Bij de eerste stap komen de hominiden overeind, gaan ze rechtop lopen. Kunstig was dat, schreef de theoloog William Paley: de grootste aap staat op het kleinste oppervlak. Er waren nogal wat aanpassingen van het skelet voor nodig, maar toen had deze ’aap’ de handen vrij, om te gooien en te slaan.

Wanneer rees de hominide op? Geen idee, de datum wordt steeds dieper de historie in gedrukt. Darwin vermoedde al dat voorlopers van de mens er ook hun voordeel mee gedaan moesten hebben.

In 1924 vond men een Australopithecus-kind, 2,5 miljoen jaar oud, met het achterhoofdgat in het midden van de schedel. Dat leek de anatomie van een hoofd op een bezemsteel.

Later verried het skelet van Lucy dat zij 3,5 miljoen jaar terug al rechtop liep. En het kogelgewricht van de 6 miljoen jaar oude Orrorin tugensis, gevonden in 2002, suggereert dat het hele lichaam erop rustte. Ook al rechtop. Kortom, zover de paleontologen terug kunnen turen, hebben hominiden dit kapitale voordeel gehad ten opzichte van mensapen. Wat een mogelijkheden bood het: ver lopen, ver reiken, ver kijken.

Maar vreemd genoeg bleef de tweede grote stap, naar de mens als vervaardiger van allerhande gereedschap, lang uit. Er moet een forse uitbouw van de bovenkamer voor nodig geweest zijn, en die schoot aanvankelijk niet op.

Geen wonder: hersens verbruiken twaalf keer meer zuurstof dan spierweefsel en slorpen een vijfde van alle calorieën op. Hoe kwamen de hominiden aan die proviand? Moesten ze al niet slim zijn om slim te kunnen worden? Zimmer schetst een ’ingewikkelde evolutionaire dans van genen, hersenen en werktuigen’.

Voor je het weet arriveert hij dan bij de menswording, anno 2 miljoen jaar terug. Het brein dijt uit, de gereedschapskist ontploft, zo leest de geschiedenis heerlijk mee. Er moest natuurlijk nog een grote stap komen: een cultuurshock. De mens ging met kwast en verf de grotten van Lascaux in, om zich te uiten. En ergens onderweg is hij daarbij gaan praten. Wanneer? Tja!

Dit alles is uiteraard te veel voor 165 pagina’s, maar loop toch even met Zimmer mee. Leer je ook dat de mens er nog niet is. Zijn abstractievermogen kan best een extra zetje gebruiken. Lees dat in deel 2, over een miljoen jaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden