'EDWARD II'

Nog maar kort geleden ging 'The garden' (1990) van de Engelse regisseur Derek Jarman in premiere. Deze week volgt zijn nieuwste film 'Edward II', naar het gelijknamige toneelstuk (vermoedelijk uit 1592) van Christopher Marlowe. Gelet op hun vorm verschillen 'The garden' en 'Edward II' hemelsbreed van elkaar; gezien hun thematiek echter stemmen ze overeen. In beide films belicht Jarman, zoals in al zijn werk, de lusten en - meer nog - de lasten van de homoseksuele geaardheid.

'The garden' sluit aan bij eerdere films als 'The last of England' en 'The Angelic conversation'. Jarman, die kunstgeschiedenis studeerde en ook schildert, leeft in deze films zijn passie uit voor materiele facetten van film. Ze hebben een grillige en associatieve opbouw en ontlenen hun zeggingskracht vooral aan een geraffineerd gebruik van kleur, licht, beweging, geluid en montage.

'Edward II' ligt in het verlengde van eerder werk als 'Sebastiane' en 'Caravaggio'. Ook dat zijn veel meer op de inhoud toegespitste en vaak heel theatraal vormgegeven films waarin Jarman, die ook actief is als kostuum- en decor-ontwerper, hoogst eigenzinnige en weinig rooskleurige interpretaties geeft van legendarische homoseksuele figuren en mythen.

Die thematiek verbindt, zoals al gezegd, Jarmans zo verschillende films. Zo liet hij in 'The garden' Christus, die doorlopend geschoffeerd, belasterd en gemarteld wordt, spelen door een homo-paar. 'Edward II' sluit hier naadloos bij aan. In navolging van Marlowe laat Jarman dit keer de homoseksuele koning Edward zwaar boeten voor zijn liefde voor graaf Gaveston.

Verbannen

Afgezien van zijn homoseksuele ondertoon wijkt Marlowe's 'Edward II' weinig af van het gemiddelde koningsdrama. Wanneer de jonge Edward (Steven Waddington) de troon bestijgt, roept hij zijn verbannen lieveling graaf Gaveston (Andrew Tierman) terug aan het hof en overlaadt hij hem met gunsten.

Dat zet kwaad bloed bij Edwards echtgenote Isabella (Tilda Swinton), broer Kent (Jerome Flynn), de legerleider Mortimer (Nigel Terry), de adel en de kerkelijke macht. Binnen de kortste keren ontbrandt er een met alle middelen gevoerde machtsstrijd, waarin Edward en zijn minnaar op gruwelijk wrede wijze het onderspit delven.

Jarman heeft Marlowe's ongeveer vier uur durende toneelstuk grondig bewerkt en teruggebracht tot negentig minuten. Bij hem is Edward een gekwelde ziel. Hij houdt boven alles van Gaveston. Door die blinde passie verwaarloost hij zijn koninklijke en echtelijke plichten, roept hij heftige haat en agressiviteit op en heeft hij geen oog voor de minder frisse kanten van Gavestone's karakter. Ongewild en het fijne er niet van begrijpend, betaalt hij een hoge en afschuwelijke tol voor zijn liefde.

Dat thema keert terug bij Isabella. Eerst is zij een aandoenlijk trouwe echtgenote en koningin. Telkens wijst ze Edward op zijn en haar echtelijke en koninklijke plichten. Als Edward haar trouw en plichtsbesef blijft verzaken, verandert ze - zonder dat ze er iets aan kan doen - in een sluwe en bloeddorstige intrigante, die voor geen middel terugdeinst om zich te wreken.

Gezien Jarmans affiniteit met homoseksualiteit, is het opvallend dat de oncontroleerbare en tot waanzin drijvende facetten van de seksuele drift en machtswellust bij Isabella beter uit de verf komen dan bij Edward. Dat moet wel haast de verdienste zijn van Swinton; een klasse-actrice, die voor deze rol verleden jaar in Venetie bekroond werd met de prijs voor de beste actrice.

Jarman heeft zijn liefdesdrama prachtig theatraal en expressionistisch vormgegeven. Hoewel hij zich concentreert op het gekwelde en vertroebelde innerlijk van zijn personages, schuwt hij geen middel hun gevoelens zichtbaar te maken. Zo zien we Isabella letterlijk de strot van haar zwager Kent doorbijten, waarna ze met een met bloed besmeurde mond en lege ogen haar triomf viert. Dat is theater in optima forma.

Keldergewelf

Al even sterk wist Jarman zijn thematiek te vereeuwigen en te actualiseren. Het drama speelt zich af in een tijdloos wit-grijs keldergewelf en is doorspekt met modernismen. Isabella is eerst gekleed als Audrey Hepburn, de vlees geworden onschuld en zuiverheid. Later gaat ze gehuld in de sexy gewaden van de door de wol geverfde en verdorven Hollywood-vamps. De edelmannen en -vrouwen dragen driedelige kostuums en mantelpakjes, een krijgsberaad vindt plaats in een moderne directie-kamer, etc., etc..

Jarman gaat zelfs zo ver pop-idool Annie Lennox in beeld een ballad te laten zingen, waarin Edwards gevoelens vertolkt worden. Al die modernismen storen geen moment. Ze maken perfect zicht- en voelbaar wat Edward en Isabella, wat ieder door blinde harstocht gedreven mens - waar en wanneer hij ook leeft - doormaakt.

Alleen met de scenes waarin M.E.ers inhakken op homo-demonstranten, gaat Jarman over de schreef. Dan laat hij te expliciet zien wat hij met andere, meer geraffineerde middelen ook duidelijk maakt. Desondanks is 'Edward II' een prachtfilm. Als er dan al toneel verfilmd moet worden, moet het zo: gedurfd theatraal en met brutale, alleszeggende, expressionistische middelen.

Amsterdam-Uitkijk; Springhaver-Utrecht; Scala-Nijmegen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden