Ed Spanjaard dirigeert in Tokkelfestival flamenco met de ingewanden

AMSTERDAM - Een vakantiereisje en een mini-advertentie in de krant leidden bij dirigent Ed Spanjaard tot een verwoede passie: flamenco-dansen. Deze Zuid-Spaanse kunst vervult hem volledig op de momenten dat hij zich even niet hoeft te verdiepen in gecompliceerde partituren van Boulez of Verdi.

Deze week vloeit zijn met hartstocht beoefende hobby gedeeltelijk samen met zijn werk als dirigent van het Nieuw Ensemble. Dat speelt een belangrijke rol in het Tokkelfestival dat vanuit het Nieuw Ensemble wordt georganiseerd samen met het Concertgebouw, Paradiso en het Tropeninstituut. Tokkelen hoort bij het Nieuw Ensemble, dat zich van de andere nieuwe-muziekgroepen onderscheidt door zijn bezetting. Er is namelijk een vaste plaats toebedeeld aan de tokkelinstrumenten harp, gitaar en mandoline.

Zeven concerten met tokkelinstrumenten uit het Midden Oosten, Turkije, China, Japan, India, Gambia, Paraguay én Spanje vullen de programma's. Vier daarvan komen voor rekening van het Nieuw Ensemble; het derde programma, op 7 februari, wordt voor Ed Spanjaard zeer bijzonder, want dat voert naar Andalusië, de bakermat van de flamenco.

In dit programma dirigeert Ed Spanjaard flamenco-composities, een unicum, want flamenco hoort gezongen, gedanst, geklapt en gevoeld met de ingewanden ('con las tripas'), maar níet gedirigeerd. Toch durfde het Nieuw Ensemble het waagstuk aan, componisten te vragen enkele stukken te schrijven waarin de tradities van de gitaar en van de dansvloer met die van het klassieke concertpodium versmelten.

“Net als de meeste Hollandse jongens heb ik na de verplichte Engelse wals op de middelbare school het dansen links laten liggen”, bekent Ed Spanjaard, gevraagd naar het ontstaan van zijn danswoede. “Pas rond mijn veertigste stak dit virus zijn kop op. In Zuid-Spanje zag ik de Sevillanas dansen en ik raakte geboeid door het 'ritme in de mens'. Elke tapas-verkoper daar kan die rare ritmes en tegenritmes moeiteloos produceren, op een manier waar menig slagwerker bij ons een puntje aan kan zuigen. Een annonce onder het kopje 'Flamenco-dans voor beginners' deed bij thuiskomst in Amsterdam de rest. Inmiddels heb ik drie dansleraren en vele schoenen versleten”, zo vertelt de thans 49-jarige musicus.

Van wezenlijk belang bij het spelen en dansen van flamenco is de 'compás', een ritmisch stramien dat bij het improviseren houvast geeft. Bij de flamenco-composities die het Nieuw Ensemble zaterdagavond in première brengt, is het een groot voordeel dat Spanjaard dit 'compás' in zijn lijf meedraagt.

“Net als bij de andere concerten in deze reeks, zit de grootste uitdaging voor mij als dirigent in het overwinnen van de 'vervreemding' die optreedt als je zulke verschillende musici samenbrengt. De meesten zijn absoluut niet gewend om op een dirigent te spelen. Om te voorkomen dat ze op het verkeerde moment inzetten, moet ik allerlei listen en veiligheidssystemen in mijn dirigeer-gebaren inbouwen. Gelukkig houdt een aantal van de stukken die we hebben laten componeren, rekening met de verschillende muzikale achtergronden.”

“Bij de flamenco-stukken die ik zaterdag dirigeer, kan mijn bekendheid met het 'compás' houvast bieden. Gelukkig werk ik in het flamenco-programma samen met twee erg goede Nederlanders, de danseres Josien Locher en de gitarist Peter Kalb; met hen hebben we het programma opgezet en zij legden de contacten met de Spaanse medewerkenden. Er is ook het nodige voorwerk verricht. Maar een van de Spaanse zangers en de bespeler van de caja (letterlijk: kist, het ritme-instrument dat een jaar of twintig geleden in de flamenco werd geintroduceerd) kunnen pas vrijdag op de repetitie komen. Het wordt dus spannend hoe de contacten in de praktijk gaan uitpakken.”

Inmiddels is de belangstelling voor dit programma-onderdeel bij het flamenco-minnend publiek zo groot gebleken dat een tweede, extra concert is ingelast om aan de vraag naar kaartjes te kunnen voldoen. Behalve wat meer klassieke stukken als een bewerking van 'La sérénade interrompue' van Claude Debussy en een op moderne leest geschoeide middeleeuwse Tristan-ballade, vermeldt het programma van zaterdag drie 'flamenco'-composities. Flamenco-gitarist Peter Kalb ontwierp 'Dos escenas flamencas' in nauwe samenwerking met de componist Amargós, die de virtuoze ensemble-partij in partituur bracht.

“Met twaalf premières in zes dagen tijds is dit wel een van de zwaarste projecten die ik ooit bij het Nieuw Ensemble heb gedaan”, constateert Spanjaard. “De musici van het Ensemble beleven er ook veel lol aan, juist door het 'vervreemdingseffect' en de onverwachte verwarring die soms optreedt als musici met zulke verschillende achtergronden en met allerlei talen gaan samenspelen. Ik werk nu met instrumenten waarvan ik de meeste nog nooit van dichtbij had gezien, zoals de kanun uit Iran, de tar uit Azerbeidjan of de ud uit het Midden Oosten.”

“Ik krijg te maken met muziek die me ontroert en fascineert, maar op een manier waar ik nog geen vat op heb. Ik kan het eigenlijk alleen maar vergelijken met een sensatie uit mijn vroege jeugd. Op het Houtplein in Haarlem stond een poffertjeskraam waar een strijkje speelde. Als vier, vijfjarig jongetje werd ik vooral gefascineerd door de contrabas, zo'n groot instrument. Bovendien werd die bespeeld door een vrouw. Dat maakte een geweldige indruk op me. Iets dergelijks voel ik nu weer in de omgang met deze exotische tokkelinstrumenten.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden