Echtgenoot vermist, loketten gesloten

Vermoedelijk overlijden partner leidt tot ambtelijke wirwar 'Ik heb 50.000 euro voorgeschoten'

Er moet in Nederland één centrale instantie komen voor zakelijke en juridische ondersteuning van mensen van wie de partner overlijdt, maar van wie het lichaam niet is teruggevonden en mogelijk blijvend wordt vermist. Dit pleidooi komt van Karin van Gorkum (55), tandarts in Bodegraven. Tijdens een vakantie in juli 2009 in Italië raakte haar man tijdens het zwemmen in het Gardameer vermist. Zijn lichaam werd niet teruggevonden; volgens de politie vanwege de forse begroeiing op de bodem van het soms honderden meters diepe meer.

Vier jaar later noemt Van Gorkum het 'treurig en zelfs onredelijk' dat in Nederland niets is geregeld voor mensen die in dezelfde situatie als zij terechtkomen. "Ik heb de eerste twee jaar alles bijeen zo'n 50.000 euro moeten voorschieten", berekent zij. "Ik kan mij voorstellen dat er lotgenoten zijn die het onder soortgelijke omstandigheden niet redden."

In haar situatie was er geen mogelijkheid voor rouwverwerking. Vanwege de vermissing heeft zij geen afscheid kunnen nemen van haar echtgenoot. Er ontstonden financiële zorgen: een inkomen viel weg, maar premies moesten worden doorbetaald. Zij stuitte aanhoudend op een gebrek aan kennis bij de vele loketten. De ingewikkelde en zeer tijdrovende procedures ervoer zij als een bureaucratische ramp.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek weet niet hoeveel Nederlanders een dergelijk lot jaarlijks treft. Het instituut houdt hiervan geen cijfers bij. Bij Slachtofferhulp Nederland zijn verzoeken om materiële en/of juridische ondersteuning van mensen van wie de partner is vermist, niet bekend. "Er is kennelijk niet iets voor deze mensen geregeld", zegt een woordvoerster. "Dat is heel triest en schrijnend. Het onderwerp is niet eerder onder de loep genomen."

Ook Jan de Wit, SP-Kamerlid en oud-advocaat en procureur, zegt dat de problemen die Van Gorkum als partner van haar niet-teruggevonden man benoemt voor hem nieuw zijn. "We zullen hier goed naar kijken", zegt de parlementariër.

De partner van een vermiste moet over een 'rechtsvermoeden van overlijden' beschikken om zaken formeel te kunnen afwikkelen. Een dergelijke verklaring kan veelal pas een jaar na de vermissing via de rechter worden aangevraagd.

Voor Karin van Gorkum duurde het na dit eerste jaar, mede vanwege een volle agenda van de rechtbank, uiteindelijk nog eens vijftien maanden voordat zij het rechtsvermoeden daadwerkelijk kreeg. Pas hierna, najaar 2011, kon zij een begin maken met het formeel afwikkelen van administratieve handelingen bij de diverse (gemeentelijke) loketten.

DE VERDIEPING

'Mevrouw, u hoort nog van ons'

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden