Opinie

Echte literatuur als alarmbel voor het examen

Fé Toussaint. Beeld
Fé Toussaint.

Zes jaar lang hadden we de tijd er tegen op te zien, maar nu zou het toch echt gebeuren: ons mondeling voor Nederlands. Zelfs van mijn tijd als onverpest bruggertje weet ik nog dat mijn klas altijd vol ontzag toekeek, als een examenjaarleerling onze docent nog wat laatste dingetjes kwam vragen voordat het zo ver was.

Gelukkig voor ons lag het überhaupt moeten opbouwen van een heuse boekenlijst toen nog in een ondenkbaar verre toekomst.

Vanaf de vierde klas, echter, wordt scholieren op het hart gedrukt vooral wel 'echte' literatuur te lezen. In de tweede en derde klas kwam een leerling die Tonke Dragt of zelfs Carry Slee haar lijst op had weten te smokkelen, met de schrik vrij. Vanaf nu zou alles anders zijn, zo werd ons tijdens vele donderpreken over het gevaar van zogenaamde 'puberliteratuur' bijgebracht. Voortaan moest elk boek voor de zekerheid goedgekeurd worden door de leraar, om te voorkomen dat men in de zesde zou eindigen met een lijst waarin de gehele Hoe overleef ik-serie was opgenomen. Deze verandering werd door het gros van de leerlingen bepaald niet in dank afgenomen. De meesten onder ons zetten 'literatuur' destijds nog in hetzelfde rijtje als 'sleur', 'cellulitis' en 'gasrekening' – dingen waar we ons voorlopig liever niet druk om zouden maken.

Alleen al bij het horen van het grootse woord leek dan ook een groot deel van de wil om te lezen te vervagen. Hoewel ikzelf in de onderbouw altijd nogal een boekengek was geweest, sloeg ook bij mij spontaan de angst toe. Op de een of andere manier werkte het enorm demotiverend, te weten dat plots enorm veel waarde werd gehecht aan wélke boeken je las.

Bovendien was de plotselinge overgang van puur op entertainmentwaarde gerichte boeken naar relatief hoogstaande literatuur een veel te grote voor de gemiddelde scholier.

Lezen verwerd met een noodgang tot niets meer of minder dan een verplicht schoolonderdeel.

Ook nu, een kleine drie jaar later, zijn de littekens van de abrupte verandering tussen de derde en de vierde klas nog altijd zichtbaar. Docenten klinken altijd trots als ze tijdens het mondeling ontdekken dat iemand zijn of haar boeken (gedeeltelijk) niet gelezen heeft – alweer een luie leerling betrapt! – maar de werkelijkheid ligt genuanceerder. Toegegeven, sommige scholieren verzuimen hun boeken te lezen puur wegens energie- of motivatiegebrek. Voor een andere groep geldt echter dat sommige boeken gewoonweg erg moeilijk waren. Natuurlijk wordt van ons terecht verwacht dat wij na het behalen van ons VWO-examen in theorie alle niveaus van literatuur aan zouden moeten kunnen. Daarvoor is echter wel nodig dat er meer tijd en energie gestoken wordt in de kennismaking met literatuur.

Ik vrees namelijk dat onze gedachtegang wat betreft boeken juist andersom werkt dan men naar aanleiding van stereotypen van ons zou verwachten. Waar menig vijftienjarige na haar eerste slokje breezer er een aantal maanden gretig op los feest, hebben we in het geval van een nieuw niveau van literatuur juist de neiging keihard terug naar de boekenweekgeschenken en novelles te rennen. We willen weg van de tijd die we erin zouden moeten investeren en weg van de woorden die onze vocabulaire overstijgen. Maar meer dan alles, willen we weg van de confrontatie met het feit dat zoiets serieus als het mondeling vroeg of laat toch echt moet plaatsvinden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden