Echt ‘joods-christelijk’ zijn alleen islamieten

Sinds Fortuyn hebben we een ’joods-christelijke’ cultuur. Maar laat een PVV-Kamerlid één voorbeeld van een ’joods’ cultuurelement in Nederland noemen.

Er was wat opschudding afgelopen najaar rond het voorstel van de PVV, de partij van Geert Wilders, om de dominante christelijk/joods/humanistische cultuur vast te leggen in een nieuw grondwetartikel 1. De voor PVV-begrippen wat ingewikkelde drieslag (en joods, en christelijk, en ook nog eens humanistisch) gaat onmiskenbaar terug op het geestelijke erfgoed van Pim Fortuyn – die ten slotte professor was.

Wilders is meestal korter door de bocht. In een interview met deze krant zei hij: „Ik vind dat we niet moeten accepteren dat in Nederland in een wijk, stad of provincie een andere dan de joods-christelijke cultuur dominant is. Om te voorkomen dat dit toch gebeurt moet je maatregelen nemen die in strijd zijn met het non-discriminatiebeginsel. Je moet verbieden dat mensen met een niet-westerse achtergrond zich in een wijk vestigen waar al veel niet-westerse allochtonen wonen.”

Mij gaat het om die eigenaardige dubbelterm ’joods-christelijk’. Die wordt hier gebruikt als synoniem met ’westers’, met de fundamentele waarden van de westerse cultuur. Hier is iets vreemds aan de hand.

De combinatie ’judeo-christian’ stamt uit Amerika. In Nederland werd ze na de oorlog gangbaar onder protestantse theologen die met terugwerkende kracht de kerk aan haar wortels wilden herinneren. Dat had alles te maken met de oorlog, natuurlijk. En de protestantse schaamte was des te begrijpelijker, omdat de nazi’s dankbaar gebruik hadden gemaakt van typisch protestantse theologische leerstukken – zoals ze ook onder Duitse protestanten de grootste aanhang vonden.

In de jaren tachtig moet het begrip plotseling, als klassiek voorbeeld van gezonken cultuurgoed, opgepikt zijn in kringen rond het CDA. De piepjonge politieke partij stortte zich destijds in ideologische trainingen die zelfs haar brede cultuurkatholieke aanhang termen als ’rentmeesterschap en ’gerechtigheid’ in de mond leerden nemen. Ergens in die door de CDA-kaderschool gedrilde middenklassen moet ook deze term gemeengoed zijn geworden – en toegepast op een domein waarin ze niet thuishoort, namelijk dat van de cultuur en samenleving.

Echt onder het volk kwam ze pas door toedoen van Fortuyn. Hij liet niet na, de ’joods-christelijke’ fundamenten van onze samenleving af te zetten tegen de dreigende ’islamisering’. Sindsdien klonk alleen nog wat verweer uit de hoek van D66. Bij de discussies over de Europese grondwet verzetten de vrijzinnig-liberalen zich tegen een erkenning van de joods-christelijke grondslagen van Europa. Toenmalig fractieleider Lousewies van der Laan wist daarvoor nog een kamermeerderheid te mobiliseren.

Maar in recente kamerdebatten viel de term zelfs op te tekenen uit de mond van aangevallen politici van islamitische komaf, als synoniem voor de westerse waarden waar ze zich uitdrukkelijk toe wensen te bekennen. En daarmee hebben Fortuyn en Wilders ongemerkt hun zin gekregen: in het publieke debat is sluipenderwijs hún kretologie overgenomen om de vermeende dominante Nederlandse cultuur mee aan te duiden.

Toch durf ik te wedden dat geen enkel PVV-kamerlid ook maar één voorbeeld van een ’joods’ cultuurelement in de Nederlandse samenleving weet te noemen – en hetzelfde geldt ongetwijfeld voor de meeste andere Kamerleden. Als culturele typering is de dubbelterm even dubieus en willekeurig als ’grieks-gothisch’ of ’heidens-humanistisch’ dat zouden zijn.

Historisch is er natuurlijk maar één cultuur die aanspraak kan maken op de titel: namelijk die van de islam. Juist in Letter & Geest van Trouw is het afgelopen jaar meermalen verslag gedaan van onderzoek naar de joodse én christelijk oorsprong van de vroege islam. De hele Middeleeuwen door heeft de Europese christenheid de islam dan ook niet beschouwd als een vreemde godsdienst, maar als een christelijke sekte.

En nog eenvoudiger kun je die simpele waarheid gewoon op straat waarnemen. Neem de – van de vroege kerk geleende, lees Paulus er maar op na – hoofddoekjes, neem de vaste gebeden en rituele spijswetten: als er één groep in de moderne samenleving zichtbaar teruggaat op én joodse én christelijke wortels, dan zijn het de moslims. Dus laten we het voortaan eens over de joods-christelijke waarden van de islam hebben.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden