Echt geen normaal beroep

Prostitutie? Dat hebben we hier prima opgelost, houdt Nederland stug vol. Intussen is mensenhandel aan de orde van de dag. Wethouder Lodewijk Asscher doorbreekt het taboe.

Op de werkkamer van Lodewijk Asscher in het Amsterdamse stadhuis hangt een veelzeggende poster. Een lachende Asscher kijkt door een autoraampje naar een straatprostituee die zijn richting op buigt. Daaronder de tekst: 'Is dit wat u wilt?'

De poster is gemaakt door tegenstanders van de Wallenaanpak die de PvdA-wethouder wenst. Ze willen hem duidelijk maken dat zijn plannen voor het postcodegebied 1012 - waarbinnen de Amsterdamse rosse buurt valt - averechts zullen uitwerken. Repressie werkt illegale prostitutie in de hand, luidt de boodschap. Vrouwen zullen weer moeten gaan tippelen als de prostitutie onderdrukt wordt. Asscher vat het op als een aanmoediging, de poster hangt er al jaren. "Er gebeuren veel foute dingen op de Wallen. Daar mogen we onze ogen niet voor sluiten. We moeten alles aangrijpen wat we kunnen doen tegen die misdaden. Vrouwen staan daar de hele dag achter het raam en worden twintig keer per dag commercieel verkracht. Dat is afgrijselijk. Dat moet ophouden."

In het zogeheten '1012-project', dat in 2007 van start ging, probeert de gemeente Amsterdam de rosse buurt te verkleinen door bordelen te verwerven en hun bestemming te wijzigen. Intussen wordt de buurt opnieuw ingericht, verfraaid en worden hoogwaardige horeca en de creatieve industrie gestimuleerd om zich daar te vestigen. Over tien jaar moeten de Wallen een ander aanzicht hebben gekregen.

Dat is broodnodig, vindt Asscher. Hij is volstrekt niet tegen vrijwillige prostitutie, maar het romantische beeld dat nog steeds kleeft aan de Wallen, klopt niet. "We moeten af van het idee dat alle vrouwen (en mannen) die in de seksindustrie werken dat vrijwillig doen. Van een Hongaars meisje dat op haar achttiende naar Nederland komt en achter het raam wordt gezet, kan ik mij niet voorstellen dat zij dat geheel vrijwillig doet. We weten ook uit allerlei onderzoeken dat een groot deel van de prostituees op de Wallen slachtoffer is van mensenhandel, intimidatie, mishandeling en verkrachting."

Daar consequenties aan verbinden blijkt echter moeilijk. Nederlanders zijn bang om 'fatsoensrakkers' of 'preuts' te worden genoemd. "Maar je komt helemaal niet toe aan discussies over preutsheid of fatsoensrakkerij als je spreekt over mensenhandel. Die termen staan buiten de orde van dit probleem. Het is een nationale vergissing dat onze omgang met prostitutie thuishoort bij het rijtje vrijheid, blijheid en tolerantie. Die gedachte strookt niet met de werkelijkheid."

Volgens de wethouder is het onderdeel van de nationale identiteit "dat we dit probleem ontkennen. En dat we, sterker nog, volharden in het beeld dat we het hier superieur hebben opgelost in vergelijking met andere landen. Met dat beeld ben ook ik opgegroeid en dat vond ik ook een veel prettiger gedachte: onze oplossing is niet hypocriet, zij is pragmatisch, et cetera. Maar dat veronderstelt wel dat je geïnteresseerd bent in wat er echt gebeurt, anders wordt die tolerantie onverschilligheid. Ik denk ook regelmatig: voordat je weer een mening hebt over Afghanistan of Rwanda, loop even vijf minuten mee. Er is een pijnlijk contrast tussen de morele superioriteit die we soms tonen ten opzichte van andere landen en de onverschilligheid die we hebben over wat er in eigen land gebeurt. Het lijkt alsof er wordt gedacht: het zijn Oost-Europese meisjes, die lusten er wel pap van. Onze houding laat nare dingen van onszelf zien."

Er is ook zelden echte ophef, terwijl politie en justitie geregeld grote zaken afronden en openbaar maken. "De enige keer dat er echt publieke verontwaardiging is ontstaan de afgelopen tien jaar, was toen in 2009 Saban B. vluchtte, een Turkse pooier die samen met anderen vrouwen in de prostitutie had uitgebuit. Dat hij vluchtte, was de trigger. Toen gingen mensen denken: is dat nu een hoge straf, zeven jaar voor meer dan honderd vrouwen. Toen kwam er iets naar voren van het verhaal over hoe die man zijn brood verdiende. Maar het vluchten leek ons nationale ongenoegen nog wel zwaarder te raken dan de zaak zelf. Omdat het onze trots aantastte."

Asscher zegt veel 'comfortfeministen' tegen te komen die zich bezig zouden moeten houden met de rechten van vrouwen, maar zich vooral druk maken over het topsegment van de escortmarkt en denken dat de gevallen van mensenhandel excessen zijn. "Ongelooflijk dat er vrouwen zijn die dat zeggen. Het lijkt wel alsof ze geen idee hebben wat de ruwe werkelijkheid is in zo'n peeskamer. Ze weten kennelijk niet hoe vrouwen midden in de stad, om de hoek, verschrikkelijk worden uitgebuit. Er is een aantal vrouwen die het beeld hebben doorbroken, zoals Karina Schaapman (ex-prostituee en PvdA-raadslid, red.), en die zijn daarom heel belangrijk. Maar er is een grijze consensus die opmerkelijk onkritisch is."

Terug naar de poster: klopt het dan niet dat als je prostitutie wegdrukt, zij ondergronds gaat? Asscher gelooft er niet in. Toen Amsterdam in 2003 de Theemsweg sloot, werd gewaarschuwd dat er overal illegaal getippeld zou gaan worden. "Niets van waar gebleken", aldus Asscher. "Daarop is toen stevig gecontroleerd. Natuurlijk kunnen bepaalde vormen van prostitutie ondergronds gaan, we moeten vanwege dat risico ook waakzaam zijn, maar doe er dan wat aan. Als klanten die vrouwen kunnen vinden, kunnen overheidsinstanties het ook. Prostitutie is geen kinderporno, de meeste aandacht zit niet in het verstoppen. Als je illegale prostitutie aandacht geeft en prioriteit, moet je het kunnen vinden."

Het argument deugt ook om principiële redenen niet, vindt Asscher. "Als je de redenering teveel zou toepassen, kan je het hele Wetboek van Strafrecht schrappen, want ja: maak diefstal maar legaal, dan kun je het reguleren. Ik heb op een gegeven moment voorgesteld de minimumleeftijd voor prostituees naar 23 te verhogen. Dan krijg je: "Maar mannen willen toch jonge vrouwen?" Tja, maar als mannen iemand van 14 willen gaan we dat toch ook niet in de wet zetten? Zo'n redenatie is helaas symbolisch voor de discussie."

Inmiddels ligt er in de Eerste Kamer een nieuwe prostitutiewet, die de minimumleeftijd verhoogt naar 21 jaar en enkele andere maatregelen bevat om de sector te reguleren en misstanden te bestrijden. "Wat ik positief vind, is dat de hoofdtoon definitief is verlaten dat het allemaal goed komt als we het reguleren. De redenatie 'geef die vrouwen meer informatie over hun rechtspositie, dan emanciperen ze vanzelf tot vrije ondernemers', hoor je bijna niet meer. Het is geen normaal beroep, normaliseren is ook niet de oplossing. De wetgever doet een paar extra ingrepen om de misstanden harder aan te pakken. Ik denk dat de verplichte registratie van alle prostituees (ze moeten zich aanmelden voor een intakegesprek bij de gemeente, red.) een kans inhoudt om veel beter te weten te komen wie hier rondlopen. Daarmee moet je vervolgens ook de bredere samenleving duidelijk maken wie daar eigenlijk dagelijks hun lichaam staan te verkopen."

Maar de wethouder ziet de nieuwe wet wel als een laatste kans. "De prostitutiewet bevat maatregelen die ze tien jaar geleden zijn vergeten. De wetgever schudt hier de naïviteit af die met de opheffing van het bordeelverbod gepaard is gegaan. Maar de tien jaar zijn wel voorbij gegaan en zoveel tijd is er niet nóg eens. Dus er hoort bij dat we de wet nu met heel veel kracht uitvoeren. Inclusief extra capaciteit bij politie en justitie om de criminelen te vervolgen. Met een zero tolerance benadering van iedereen die van mensenhandel profiteert. Het is echter wel mijn opvatting dat dit de laatste kans is om de prostitutie goed te reguleren. Als dat met deze wet nog steeds niet lukt, dan moeten we het Zweedse model overwegen. Daar is prostitutiebezoek verboden en de klant strafbaar. Daar heeft een mentaliteitsverandering plaatsgevonden. Moreel vind ik het ook rechtvaardiger dat de vrouw niet gecriminaliseerd wordt maar de klant."

Asscher merkt dat dingen aan het veranderen zijn, maar dat het erg traag verloopt. "Wil Nederland een andere koers gaan varen, dan moet veel beter bekend worden wat er eigenlijk aan de hand is. Het moet in het publieke bewustzijn doordringen. Ik ben nu in Amsterdam vijf of zes jaar met het thema bezig. Voor mijn gevoel val ik permanent in herhaling. Maar onderschat niet hoe breed nog op de verjaarsfeestjes en in de opinieonderzoeken het beeld bestaat dat we het prima op orde hebben, dat het overdreven gedoe is, 'even die paar fouten eruit halen'. Dat vergt een radicale verandering van ons beeld van de werkelijkheid en daarmee ook van ons zelfbeeld."

Asscher liep enkele weken geleden nog eens samen met gemeentelijke toezichthouders op de Wallen rond. Na een paar rondjes langs de 'etalages' zei hij tegen zijn ambtenaren: "Kom we gaan. Ik heb wel genoeg gehad." Hij benadrukt dat hij niet walgt van de vrouwen zelf. Hij wordt misselijk van het idee dat ze daar staan, papieren in orde, maar de onvrijheid straalt ervan af.

De parallel ligt voor de hand. "Als je ziet hoe we ons bewust worden over het vlees dat we eten, en met wat voor morele lading de discussie nu gevoerd wordt over ons voedsel. Dat is ook terecht. Men deinst er niet voor terug om heel duidelijk tegen de klant te zeggen: met de aanschaf in de supermarkt ben jij verantwoordelijk voor dierenleed. In de prostitutie wordt er geen teen in het water gestoken. We vinden prostitutie normaal, maar er wordt niet over gepraat wat voor normaal consumentengedrag je dan mag verwachten. Er lijkt een collectieve zwijgafspraak te zijn. We hebben een beeld dat we verkopen in de buitenwereld, en voor de rest hebben we het er niet meer over. Terwijl vaak blijkt dat mensen zich oprecht niet realiseren wat er gaande is. Officieren van justitie vertellen dat ze op taps horen dat van meisjes wordt verwacht dat ze zich zonder condoom anaal laten nemen voor 15 euro. Dat is niet wat je leest in Trouw bij je muesli. Dat is misschien ook wat veel."

Het Zweedse model
Zweden verbood het kopen van seks op 1 januari 1999. Toen steunde slechts 33 procent van de bevolking dat en werd gevreesd dat handhaving en hulpverlening onmogelijk zouden zijn en er een grote illegale prostitutiesector zou komen. Nu is het percentage voorstanders 71. IJsland en Noorwegen hebben vergelijkbare wetten. Voor Stockholm (1,5 miljoen inwoners) schat de politie dat zich via websites nog dagelijks honderd vrouwen aanbieden en op straat twintig tot dertig. De helft Zweeds, de helft buitenlands. In Amsterdam werken in bordelen, clubs en privéhuizen ruim duizend vrouwen, en zijn er honderden thuiswerkers, escortdames en escortheren. Wie in Zweden een prostituee betaalt, riskeert honderden euro's boete of een jaar cel. De prostituee gaat vrijuit. De wet bevat een heldere morele boodschap: seks kopen is niet normaal. Er zijn jaarlijks tien tot twintig veroordelingen voor pooiers, met straffen tot zes jaar. Onlangs maakte een wetswijziging het bewijzen van mensenhandel makkelijker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden