Duurzame thee uit de Blauwe Bergen

thee met suiker In India, een grote producent van thee en suiker, dreigen watertekorten. Daarbij staan armoede en ongeletterdheid de ontwikkeling naar duurzame teelt in de weg. Hulporganisatie Solidaridad zoekt een uitweg. Deel één van een tweeluik.

Tussen de theestruiken door glibbert Bakialakshmi Sivasi op haar teenslippers bergopwaarts over spekgladde kleipaadjes, op weg naar haar theeplantage van twee hectare groot. Af en toe werpt ze een blik op de robuuste wandelschoenen van die lange Hollander. Na een tijdje vraagt ze naar de prijs. "200 euro? Oei, dat is mijn inkomen voor zeker drie maanden", zegt ze zacht.

Sivasi is een van de miljoenen kleine theeboeren in Zuid-India die met vallen en opstaan het hoofd boven water proberen te houden. Letterlijk vallen en opstaan, want het regent vaak in de Blauwe Bergen, het belangrijkste theegebied in Zuid-India in het noordwesten van de deelstaat Tamil Nadu. Op de natte rode klei glijdt ze regelmatig weg en raakt ze geblesseerd aan armen en benen, vertelt Sivasi. "Medische zorg is te duur, dus ik moet de pijn verbijten. Bovendien kan ik geen dag inkomen missen."

Ze plukt bijna dagelijks zo'n 20 kilo blaadjes en draagt die in een mand op haar hoofd de berg af. De opbrengst van vijf uur werk gaat dan naar de Kokalatty-theefabriek, een paar kilometer verderop. Daar worden de blaadjes schoongemaakt en verwerkt. De theeprijs wordt verder op een veiling bepaald, maar een vetpot is het voor theeboeren niet. De laatste maanden was de prijs gemiddeld 15 roepies (euro 0,20) per kilo. Voor de betere kwaliteit bladeren wordt 18-20 roepies betaald.

Terug in haar dorp Jegathala briest Sivasi dat die prijs veel te laag is. Ze laat wat rekeningen zien van de laatste maanden, met opbrengsten en kosten. "Soms moet ik arbeid inhuren om te oogsten, ik heb kunstmest nodig en ook onkruidbestrijdingsmiddelen. De prijzen daarvan gaan alleen maar omhoog."

Samen met haar man, die zich verhuurt als landarbeider of soms tijdelijk werkt in de stad, verdient zij ongeveer 11.000 roepies in de maand (circa 147 euro). Maar voor haar gezin van vier personen heeft ze minstens 15.000 roepies nodig. "Dat verschil moet ik overbruggen met leningen. Een bank is voor mij onbereikbaar, ik ben dus aangewezen op private geldschieters. Die rekenen tussen de 25 en 50 procent rente. Dat is niet vol te houden. Als de situatie zo blijft, moet ik mijn land verkopen."

Ongelijke macht

Thee mag dan na water de meest gedronken drank ter wereld zijn, deze kleine boeren merken daar niets van. Ze krijgen nog niet 3 procent van de consumentenprijs in de supermarkt. Dat is niet alleen een kwestie van ongelijke macht in de theeketen.

India is na China de grootste theeproducent ter wereld. Vanwege de immense thuismarkt blijft 70 procent van de productie in eigen land. "In India is er sprake van overproductie", zegt V. M. Arjun, de projectleider thee in Zuid-India van ontwikkelingsorganisatie Solidaridad. "Dat komt enerzijds doordat de switch naar een ander product onmogelijk is." De Tea Act uit 1851, nog een overblijfsel van de Britten, verbiedt theegronden voor andere landbouwproducten te gebruiken. De overheid houdt die regel in stand omdat een groot product als thee - samen met rijst en suiker de top 3 in India - de massa kansarmen een bestaan geeft, legt Arjun uit. "Een bestaan bieden, hoe minimaal ook, betekent vaak een stem in het stemhokje."

Bovendien is het, hoog in de Blauwe Bergen, niet gemakkelijk om van thee naar bijvoorbeeld groenten over te schakelen, zegt Arjun: "Groenten hebben een luw klimaat nodig en zijn ook veel bewerkelijker. En arbeid is een probleem, jongeren zijn nauwelijks nog te porren voor werk op het land. Maar de teelt van groente, in de warmere laaggelegen valleien van de bergketen, levert wel meer op: 10 en 20 keer zoveel als thee."

Te midden van al die machtige krachten probeert Solidaridad de kleine theeboeren te helpen. Kleine theeboeren zijn goed voor 40 procent van de Indiase theeproductie en dat percentage groeit. Hun levensomstandigheden zijn vaak schrijnend. De kennis om dat te verbeteren is minimaal - het zijn bijna allemaal ongeletterden.

"Duurzaamheid is uiteindelijk de sleutel tot verbetering", zegt Shatadru Chattopadhayay beslist in een hotellobby in de hoofdstad Delhi. Het hoofd van Solidaridad in Zuid- en Zuidoost-Azië is gepromoveerd op theeproductie. "De thee-industrie in India is onder de huidige omstandigheden niet levensvatbaar. Economisch niet, vanwege de extreem lage prijzen en het overaanbod. En milieutechnisch niet omdat theeproductie veel water en land kost in toch al ecologisch kwetsbare gebieden. India bevat 17 procent van de wereldbevolking, maar beschikt slechts over 2 procent van de wereldzoetwatervoorraad. In 2030 heeft India een watertekort van 50 procent. Dat laatste gegeven overschaduwt alles. Er moet duurzaam gewerkt worden."

Daar komt bij, stelt Shatadru, dat de groeiende middenklasse - nu al zo'n 300 miljoen mensen - meer en hogere eisen gaat stellen. "Het buitenland, vooral de westerse consument, doet dat al en is ook bereid daarvoor een betere prijs te betalen. Kortom: de theemarkt moet worden geliberaliseerd, er moet duurzamer worden geproduceerd en de kwaliteit van de thee moet omhoog."

Trustea

Het programma Trustea, door Solidaridad in de zomer van 2013 gelanceerd, moet boeren leren minder water en chemische bestrijdingsmiddelen te gebruiken en de bodem en het afval beter te beheren. Ook wordt gewerkt aan de arbeidsomstandigheden, betere voeding en hygiëne. Inmiddels hebben alle krachten in het theeveld - overheid, handel, theepakkers als Unilever en Tata, grote plantagehouders en inmiddels bijna 14.000 kleine boeren - zich aan Trustea verbonden.

Na twee jaar zijn al wat resultaten te melden. Thee met het Trustea-label krijgt toegang tot de ketens van grote spelers als Unilever en Tata. De opbrengst per hectare is 10-15 procent hoger, de arbeidsomstandigheden voor de betrokken boeren en loonwerkers zijn iets beter. Toch blijft het een wankel gebouw, erkent ook Shatadru. Zolang de Indiase overheid de overproductie niet aanpakt, blijft de theeprijs laag, ook die van thee met het Trustea-label. "En zo schiet verdere verduurzaming van de teelt er uiteindelijk bij in, wat de theeproductie in India op termijn in gevaar brengt."

Dat bevestigt ook voorzitter N. Dharmaraj van Upasi, de club van grote theeplanters in Zuid-India. "We staan met de rug tegen de muur. Zuid-India exporteert zo'n 40 procent van de productie. We zijn rond 2000 de grote Russische markt kwijtgeraakt. Dat verlies is nog niet goedgemaakt. Bovendien komt de buitenlandse concurrentie - met name Sri Lanka - steeds vaker onze markt op, omdat zij goedkoper kunnen produceren."

Dharmaraj wijst verder nog op de wettelijke plicht van plantage-eigenaren om hun werkers te huisvesten op het terrein. "Dat zijn een soort sociale lasten die eigenlijk voor de overheid zijn, en onlangs zijn ook nog eens de lonen in Zuid-India door vakbondsacties gestegen. Wij werken graag mee aan het verduurzamen van de theeproductie. We kunnen echter de kosten daarvan niet doorberekenen, want de klanten willen geen premium betalen. We zitten in een Catch-22."

Omdat steeds meer thee in Zuid-India wordt geleverd door kleine boeren - 10 jaar geleden was het nog 20 procent, nu 40 - is hun houding van groeiend belang. Deze trend maakt alles een stuk gecompliceerder, zegt Solidaridad-chef Shatadru. "Kleine boeren richten zich heel erg op de prijs omdat die hun leefsituatie sterk beïnvloedt. Niemand trekt zich hun lot aan. Met certificering hebben ze dan niet zo veel. Eigenlijk is er een nieuwe sociale beweging nodig, want duurzaamheid en armoede zitten elkaar in de weg."

hoogste opbrengst

Als je de plantage binnenrijdt, is het contrast met de toch wat rommelige omgeving opvallend. De theestruiken staan mooi in het gelid. De wegen, afgezet met keurig gestapelde stenen muurtjes, zien er verzorgd uit evenals de afwisselende en kleurige begroeiing. Alles wijst op een voorbeeldig bedrijf. Havukal in Kotagiri, een regio in de Blauwe Bergen van Zuid-India, is dat ook in meerdere opzichten. Die orde en netheid leveren de hoogste opbrengst per hectare in Zuid-India op.

"Het is natuurlijk meer dan alleen netheid", zegt plantagemanager M. Surendra Mohan in de verwerkingsfabriek in het hart van de plantage. "Het is vooral samenwerken met en investeren in je werkers en toeleverende boeren en constant in gesprek zijn over de aanplant, groei en snoeien van je theestruiken. We stimuleren ze om problemen aan te kaarten en verbeteringen voor te stellen. In ruil geven we ze zekerheid door een vaste theeprijs te betalen plus een premie van 25 procent. Op dat gegeven kunnen ze hun teelten plannen."

Havukal neemt zijn werkers en boeren bij de hand om thee te produceren met zo min mogelijk water en kunstmest. "Dat kan ook, zo blijkt. De opbrengsten zijn goed en de kwaliteit wordt steeds beter."

Dat laatste moet ook wel, want Havukal exporteert 70 procent van zijn opbrengst. Ook naar het westen. "Unilever is een van onze klanten en die eist duurzaamheid. Daarom hebben we ook alle certificeringen. Naast Trustea bijvoorbeeld ook Utz en Rain Forest Alliance. Thee kan echt milieuvriendelijk geproduceerd worden."

Zelfhulpgroepen voor vrouwen

Bakialakshmi Sivasi is lid van een zelfhulpgroep voor vrouwen. Vrouwen zijn de ruggegraat van de theesector, die echter door mannen wordt gedomineerd. Aanvankelijk stonden de kleine, vrouwelijke, boeren hun thee af aan een handelaar die ermee naar de fabriek ging. De vrouwen hadden geen idee wat er met hun thee gebeurde, waardoor er nogal eens gesjoemeld werd met de geleverde hoeveelheid en de prijs.

Door de vorming van zelfhulpgroepen, gestimuleerd en financieel ondersteund door de Teaboard of India, kunnen de vrouwen - de groepen tellen tussen de 30 en 60 leden - nu rechtstreeks aan de fabriek van hun keuze leveren. Die fabriek staat hen bij met kennis, waardoor de kwaliteit van de thee omhooggaat en daarmee de verkregen prijs. Trustea, het duurzaamheidsprogramma van Solidaridad, leert de vrouwen ook minder kunstmest en bestrijdingsmiddelen te gebruiken. Dat scheelt hen kosten en verhoogt dus de inkomens. Er zijn nu zo'n 2500 vrouwen met een Trustea-certificering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden