Duurzaamheid is nog ver weg in het klaslokaal

Meisje steekt vinger omhoog tijdens les in klas.Beeld Hollandse Hoogte

Slechts op enkele basisscholen wordt lesgegeven in duurzaamheid. Greenpeace hoopt met speciale workshops voor pabo-studenten het animo te vergroten. Maar de praktijk blijkt weerbarstig.

Het is het eind van de middag. Twintig studenten van de pabo van de Haagse Hogeschool zijn, ondanks het relatief late tijdstip, afgekomen op een extra les: een workshop van Greenpeace over duurzaamheid.

En meteen is het nadenken geblazen. Voor de eerste opdracht moeten de studenten een plek kiezen, dichtbij of verder af van een streep op de vloer. Die streep symbolyseert duurzaamheid. De meesten staan niet al te ver af van honderd procent duurzaamheid. “Ik doe alles op de fiets, maar ik douche te lang”, verklaart één van hen haar plek, een meter van de streep. Dat is fors dichterbij dan een student achter haar. “Ik ben gemakzuchtig en pak altijd de auto’’, legt hij uit.

Het is het zevende pabo-gastcollege van Elize van Berkel, educatiemedewerkster van Greenpeace. Van Berkel – rood geverfd haar, het gifgroene shirt met het logo van de milieuorganisatie onder een vlot jasje – wil dat het basisschoolonderwijs meer gaat bijdragen aan het behoud van een leefbare planeet. Slechts hier en daar geven leerkrachten hun kinderen les over duurzaamheid.

Dat komt vooral door kennisgebrek, meent Van Berkel. “De gemiddelde pabostudent snapt bijvoorbeeld niet dat vegetarisch eten beter is voor milieu en klimaat.” Goede informatie is dus broodnodig. Aan de leerlingen op de basisschool ligt het niet, meent zij. “Schoolkinderen zijn op een leeftijd waarop ze goed voor de aarde en voor de dieren willen zorgen. Zij zijn allemaal wereldverbeteraars in de dop.”

Dus spijkert Greenpeace de juffen en meesters van de toekomst bij met informatie over klimaatverandering, CO2-uitstoot, de circulaire economie, het belang van keurmerken en de biologische landbouw. In de hoop dat de neuzen de goede kant op gaan.

Vloeken en vlees

Het gaat daarbij uiteraard ook over het belang van het goede voorbeeld geven. Want, redeneert Van Berkel, “als je wilt dat je leerlingen niet vloeken, dan doe je dat als leerkracht van een basisschool uiteraard zelf ook niet.” Maar het goede voorbeeld geven, is ingewikkeld. De studenten wijken, zo blijkt ook vanmiddag, nauwelijks af van de gemiddelde Nederlander, die bang is dat duurzaamheid samenvalt met verlies aan verworvenheden. Van Berkel: “In zo’n geval hoor ik al gauw: ‘Ik laat me mijn stukje vlees toch niet afpakken’.”

De talloze aspecten van duurzaamheid blijken soms nieuw voor deze studenten die gemotiveerd zijn om het een en ander via Greenpeace op te steken. Een van hen vindt de nieuwe kennis verwarrend. “Ik stuit elke keer op nieuwe dilemma’s. Wat is beter: je lunch twee weken lang in hetzelfde zakje meenemen of in een broodtrommeltje, dat elke avond in de vaatwasser gaat?”

Aan de Haagse Hogeschool, een van de 25 pabo’s met in totaal bijna 6000 studenten, is er slechts zo nu en dan aandacht voor milieu en klimaat, zegt Gert van der Slikke, docent natuur en techniek. Ook krijgen de studenten tijdens hun stages weinig goede voorbeelden. Zo is het op basisscholen slecht gesteld met gescheiden afvalinzameling. Slechts hier en daar is er een vrijwilliger, een opa of soms de leerkracht zelf, die het papier, plastic en groen afval scheidt en apart wegbrengt.

Voorbeeldfunctie

En als ze dan een duurzaam initiatief tegenkomen, is dat helaas weinig inspirerend voor de aankomende leerkrachten. “Op mijn stageschool geeft de leerkracht het plastic dat de kinderen meenemen, weer mee terug naar huis. Op school wordt dat niet apart ingezameld, thuis hopelijk wel”, vertelt één van de deelnemers. Een goed voorbeeld? In elk geval schuift een groot aantal paboleerlingen flink op richting de streep bij de vraag: ‘Hoe duurzaam moet een leerkracht zijn?’

“Omdat ik een voorbeeldfunctie heb, ga ik nu iets extremer staan. Als de leerlingen een stukje van mijn gedrag overnemen, zijn zij al behoorlijk duurzaam bezig. Thuis hoef ik dit allemaal niet te doen’’, zegt hij. “Dat is hypocriet”, vindt een ander, “duurzaamheid staat voor mij gelijk aan eerlijkheid.” Dat is nou precies de reden waarom één van de hbo-studenten op vrijwel dezelfde plek is blijven staan. “Je hoeft als leerkracht geen paus te zijn. Overgaan op alleen nog maar groenten knagen, of altijd naar school fietsen, dat hoeft heus niet.”

De les van Van Berkel loopt op zijn eind. Ze is toe aan haar laatste opdracht: Ontwerp je eigen duurzame klaslokaal. Het levert heel wat ideeën op, als een pomp om warmte uit grondwater te halen, trappers onder de tafels waarmee de leerlingen stroom kunnen opwekken, een vleesvrije dag en een speelgoed- en kledingruilbeurs. Maar duurzaamheid lijkt nog ver weg, realiseren de studenten zich als Van Berkel de bomvolle prullenbak van het lokaal demonstratief in hun midden zet. Die is gevuld met plastic bekers, papier en klokhuizen.

Een apart vak?

Wat er van een basisschoolleerkracht wordt verwacht, is vastgelegd in bekwaamheidseisen op het gebied van duurzaamheid. Die zijn in 2011 opgesteld door een commissie van de Verenigde Naties. Maar deze worden niet in de Nederlandse praktijk toegepast, zegt André de Hamer van Duurzame PABO, een netwerk waarin pabo’s en basisscholen samenwerken. “Het onderwijsprogramma is overvol en eenzijdig gericht op vakken die bij de Citotoets ertoe doen: rekenen, taal, aardrijkskunde, natuur en geschiedenis”, vindt hij.

Moet duurzaamheid dan een apart vak worden? Dat vindt De Hamer geen goed plan. Het gaat in feite om wereldburgerschap. “De wereld kun je niet in hokjes verdelen”, aldus De Hamer. Hij verwijst naar voorbeeldlessen – van het bouwen van een insectenhotel voor de kleinsten tot aan het inzamelen van zwerfafval met leerlingen van de bovenbouw – die vanuit meerdere vakken zijn opgebouwd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden