’Duurzaam gevangen tonijn is er amper’

Een geelvintonijn, opgepakt door een arbeider in General Santos, de 'tonijnhoofdstad' van de Filippijnen. (FOTO AFP )Beeld AFP

Als Nederland tonijn eet, is dat bijna altijd tonijn uit blik. Het overgrote deel van die blikken is gevuld met de skipjack, de gestreepte tonijn. Waar de beroemde blauwvintonijn met uitsterven wordt bedreigd, komt de gestreepte nog veelvuldig voor. Toch is het hoog tijd dat de tonijnvisserij duurzamer gaat werken. Een eerste begin is er.

Gaat het over tonijn, dan denkt iedereen gelijk aan de blauwvin. De smakelijke en dus dure soort is bijna geheel weggevangen. Maatregelen om de vangst van de blauwvin te beperken, stuiten op grote weerstand van de landen die op deze tonijnsoort jagen. Dus is het idee al snel dat alle tonijn binnenkort is uitgeroeid.

Maar dat is niet zo. „Er is zo veel meer dan alleen die blauwvin”, klaagt Henk Brus, handelaar in tonijn. „Nederland eet bijna alleen tonijn uit blik en dat is voor 95 procent gestreepte tonijn of skipjack, een veel voorkomende soort en, naar ik hoop, binnenkort ook vooral duurzaam gevangen.”

Brus is directeur van ’Sustunable’ en tracht via dat bedrijf het goede voorbeeld te geven. Dat valt niet mee. „Duurzaam gevangen tonijn bestaat nog amper. Vaak is dat een kwestie van kosten, want duurzaam vissen is bewerkelijk. Als dat niet in de prijs kan worden verwerkt, is het een nutteloze exercitie. Dat geldt zeker voor de tonijn, na garnalen het meest verhandelde zeevoedsel. Het gaat om zo veel mogelijk vangen tegen zo laag mogelijke kosten.”

Moeilijk of niet, er moet wel iets gebeuren, realiseert de als psycholoog opgeleide Brus zich al langer. Anders ondergaan de andere tonijnsoorten op den duur het lot van grote broer blauwvin. Daarom heeft hij eerst een kleinere stap gezet.

„Na contacten met organisaties als het Wereldnatuurfonds en Greenpeace en grote supermarktconcerns ben ik begonnen met wat ik noem: verantwoordelijk vissen met zo min mogelijk schade aan het milieu. Wij hebben veel kennis van de tonijn, van de vangsttechnieken en van plaatselijke visgronden en weten precies wat we doen.

Op elke boot vaart een onafhankelijke waarnemer mee die elke vangst rapporteert aan de regionaal werkende visautoriteiten. Voorts kan elke consument mijn schepen volgen op internet (www.sustunable.com), zien wat en hoe we vangen, en hoe en waar we dat verwerken. Ook wil ik graag lokaal werken. In Colombia vis ik met veertien boten. Die zijn van een Colombiaans bedrijf met Colombiaanse bemanning. De vangsten laat ik in dat land verwerken. We verschepen alleen eindproducten naar Europa en de VS.”

Brus loopt naar eigen zeggen voorop met zijn manier van werken. Daarnaast bewerkt hij als voorzitter van de Wereld-tonijnconferenties overheden om regels op te stellen voor een duurzame tonijnvangst.

„Dat is een moeizame zaak. Tonijn zwemt wereldwijd rond. Regulering en handhaving zijn daardoor uiterst lastig. Maar steeds meer dringt door dat met een combinatie van onze kennis, hun autoriteit en de nieuwste informatietechniek je grote visgebieden kunt beheren. In de Stille Oceaan is dat al gaande. Als er maar politieke wil is.”

Vorige maand gaf Brus een workshop aan visinkopers. Daar werd de tonijnwijzer voor visinkopers gelanceerd. Een tonijnwijzer voor visinkopers? „Dat is echt nodig. Het verhaal van de tonijn is ingewikkeld”, zegt Brus. „Ik ben dag en nacht met tonijn bezig, maar visinkopers van veel bedrijven, denk aan supermarkten, hebben met vele soorten vis te maken. Die hebben, zo merk ik vaak, minder goede informatie. Die tonijnwijzer, een ordner met 60 pagina’s, sluit aan op de behoefte van de supermarkten om de klant goede informatie te verschaffen.”

Die goede informatie aan het eind van de keten is des te meer nodig, omdat juist van de supermarkten de verandering komt, zegt Kees Lankester, ook aanwezig bij de workshop. „Zij voelen de druk vanuit de samenleving het meest. Daarom verheffen zij vaker hun stem, meer dan de consument”, aldus de zelfstandig adviseur en bestuurslid van het Marine Stewardship Council, die het duurzame MSC-label beheert.

„Duurzaam gevangen vis zit in de lift. MSC groeit spectaculair. Sinds begin 2009 is het aantal uitgegeven keurmerken verzevenvoudigd. Tonijn is een van de meest gegeten vissoorten, maar blijft in dit verband behoorlijk achter. Daar heeft praktische oorzaken, zoals Henk Brus ook zegt. Het grote spreidingsgebied is erg lastig te reguleren.”

Als voorbeeld van supermarkten die hun stem verheffen, noemt Lankester giganten als het Amerikaanse Wal-Mart, het Franse Carrefour en het Duitse Metro die actief zijn als het gaat om duurzame vis. „Elke keer als deze ketens publiekelijk aankondigen dat zij over vijf jaar alleen duurzame vis willen verkopen, zien wij bij MSC de reacties. Er is een macht aan het groeien tegen de grote tonijnbedrijven.”

Niet alleen druk vanuit de keten, ook zakelijke kansen nopen grote partijen richting duurzaamheid. Lankester schetst een beeld, bekend uit de oliewereld. „Zo’n zes of zeven grote bedrijven beheersen de markt voor tonijn. Dat zijn vooral de inblikkers. Die zien het succes van MSC, succes dat nu aan hun neus voorbij gaat. Daarom hebben zij vorig jaar gereageerd met de oprichting van de International sustainable seafood foundation (ISSF). Zo proberen ze de ontwikkelingen in eigen hand te houden.”

Of dat lukt is zeer de vraag. Handelaar Henk Brus meldt dat in oktober de druk op de grote tonijnbedrijven nog werd opgevoerd door de oprichting van de PNA, de Parties of the Nauru Agreement. ,,Dat betreft Nauru en zeven andere eilandstaatjes in de Stille Oceaan die qua landoppervlak klein zijn, maar een enorm zeeoppervlak beheren. Een landje als Kiribati heeft een zeeoppervlak dat even groot is als de VS. Deze PNA, een soort kolen- en staalgemeenschap voor de tonijn, heeft grote gebieden in de Stille Oceaan afgesloten voor de vangst van de geelvin- en de grootoogtonijn, omdat overbevissing op die soorten dreigt. Voor de skipjack streven ze naar het MSC-label.”

Ook Lankester ziet het verschijnen van de PNA als een grote stap voorwaarts. „Je kunt de PNA beschouwen als een groot bedrijf dat zijn economische belangen wil veiligstellen. Die grote inblikkers voorzien dat hun marktaandeel zal slinken. De effecten zijn al merkbaar. Zo is in ISSF-verband afgesproken dat de strijd wordt aangebonden met de illegale tonijnvangst, een groot kwaad in die sector. De illegale vangst is ongeveer een zesde van de totale vangst.

„Er komen zwarte lijsten van boten die zodoende niet meer kunnen aanlanden in havens. Ook worden hun vangsten niet meer verwerkt. Parallel daaraan moet de werking van die regionaal georganiseerde visautoriteiten, verbeteren. Het is zeker geen wondermiddel, maar het levert wel een bijdrage.”

Voor Brus, die veel met overheden aan tafel zit, gaat dat te langzaam. „Het gedrag in de visserij moet veranderen. Daarbij moeten we ons niet te veel verlaten op de politiek. Elk land heeft zijn eigen belangen. Daarom zijn politieke afspraken vaak te waterig. Ik zeg wel eens gekscherend: het is een georganiseerde manier van uitmoorden. De slag die gemaakt moet worden, moet vooral komen vanuit de retail en de consument. Het MSC-label speelt daarin een sleutelrol. De visserij moet positief geprikkeld worden. Dus niet zeggen: tonijnvisserij is niet duurzaam, maar vragen om MSC-gecertificeerde tonijn. Dan stimuleer je de handel daarmee aan de slag te gaan.”

(Trouw)
Tonijn uit blik, meestal gevuld met het vlees van de gestreepte tonijn. (FOTO AFP )Beeld GETTY IMAGES
(Trouw)Beeld AFP
Een geelvintonijn, opgepakt door een arbeider in General Santos, de 'tonijnhoofdstad' van de Filippijnen. (AFP)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden