Duurzaam beleggen te vaak nattevingerwerk

Frans Maas, Deutsche Bahn, Vopak en Koninklijke Olie: het zijn bedrijven die zelfs duurzame beleggingsfondsen graag omarmen. Duurzaam beleggen klinkt zo mooi, alleen jammer dat particuliere beleggers vaak niet eens weten op basis van wat voor criteria organisaties als ASN Bank, Triodos Bank en Robeco Groep hun geld in bepaalde bedrijven steken. Dat blijkt uit een vorige week gepubliceerd onderzoek van Ernst & Young.

,,Het is vaak nattevingerwerk, het vastleggen en toetsen van de criteria kan veel beter'', zegt Nancy Kamp van de adviesgroep milieuaccountancy van Ernst & Young. De onderzoekers van Ernst & Young keken naar de duurzame beleggingsfondsen van de ASN Bank, Triodos Bank, Robeco Groep, ING en ABN Amro. Aanleiding: duurzaam beleggen wordt steeds populairder. Vandaar dat ABN Amro en ING ook maar hun eigen 'groene' fondsen introduceerden.

,,Wat transparantie betreft valt er nog een hoop te winnen'', stelt Kamp. De meeste duidelijkheid aan de beleggende klanten geeft Triodos Bank. Ernst & Young heeft in het onderzoek een lijst weergegeven met 34 negatieve selectiecriteria, die bepalen of een bedrijfstak of activiteit niet bijdraagt aan duurzaamheid. Het gaat daarbij onder meer om ondernemingen uit sectoren als de wapenindustrie, bontindustrie tot producenten van alcoholische dranken. Alleen Triodos Bank stelt resoluut dat elk bedrijf, waarop een van die 34 criteria van toepassing is, wordt uitgesloten van haar Triodos Meerwaarde Fonds en communiceert dat ook aan haar cliënten.

De andere fondsen zijn minder eenduidig. Over bijvoorbeeld het criterium met betrekking tot 'visserijmethoden welke ernstige negatieve maatschappelijke gevolgen hebben', laat de ASN Bank haar cliënten in het ongewisse. Het is dus eigenlijk gissen voor de belegger of ASN Bank al dan niet geld steekt in ondernemingen die zich daar schuldig aan maken. En de Robeco Groep Duurzaam-Aandelen Fund laat zelfs achterwege in haar informatie voor aandeelhouders of het investeert in bedrijven die zich bezighouden met de productie van alcoholische dranken. ,,Het is voor de belegger moeilijk te zien op basis waarvan bedrijven nu precies worden geselecteerd. Gaat het om bijvoorbeeld ethische of louter milieutechnische maatstaven? Het komt niet altijd aan bod'', zegt Kamp van Ernst & Young.

Wat vooral moeilijk blijkt is het verzamelen van betrouwbare informatie. Voor het toetsen van bedrijven of ze werkelijk duurzaam bezig zijn, wordt gebruikgemaakt van informatie van bedrijven zelf, en andere bronnen, zoals brancheorganisaties en de media. Vaak maken de fondsbeheerders ook nog gebruik van externe onderzoeksinstituten, maar die zijn meestal zelf eveneens afhankelijk van de bedrijven zelf, voor het verkrijgen van informatie. Milieuverslagen zeggen daarbij ook vrij weinig, omdat ze bijna niet gecontroleerd worden op hun betrouwbaarheid.

Vooralnog moeten particulieren genoegen nemen met een certificaat van het Stichting Milieukeur. Maar ook dat stelt niet veel voor. Kamp: ,,De stichting kijkt bijvoorbeeld of de helft van de bedrijven die in het fonds zit een relatief beperkte milieubelasting heeft. Hierdoor komt het accent te liggen op de dienstensector. Zo heb je een selectie snel gemaakt.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden