Duitsland wil de industriële giganten van de toekomst kweken, maar niet iedereen is enthousiast

Een robotarm van het Duitse bedrijf Kuka vult een glas met Bavaria Weiss bier op de ‘Hannover Fair’.Beeld REUTERS

Duitsland wil via subsidies ervoor zorgen dat er ook in Europa industriële giganten ontstaan: écht grote digitale spelers. Maar het plan oogst ook kritiek.

Best leuk hoor, die start-up-scene in Berlijn. Maar waar blijft de Duitse of Europese Google of Facebook? Waar zijn de nieuwe Duitse topondernemingen als het gaat om de in­dus­trieën van de toekomst, zoals kunstmatige intelligentie? De Duitse minister van economische zaken Peter Altmaier (CDU) ziet ze niet. Volgens hem loopt zijn land, net als heel Europa, te ver achter de troepen aan.

Hij wil dat Duitsland en Europa met subsidies de industriële giganten van de toekomst helpen kweken: écht grote spelers, die in de champions league van de digitale wereld de finale halen. Altmaier ontvouwde zijn plannen in zijn ‘Nationale industriestrategie 2030’ uit februari.

Hij oogstte er veel kritiek mee in zijn land. Industrieleiders, ondernemers en economen keerden zich tegen hem. En de kritiek ebt niet weg. Vooral Altmaiers nadruk op de rol van grote bedrijven steekt – hij wil Duitse en Europese ‘kampioenen’. Maar in Duitsland is men juist trots op de vele kleine, gespecialiseerde bedrijven, die op hun terrein de wereldmarkt aanvoeren. Bijvoorbeeld in het bouwen van specifieke machines of machineonderdelen.

Verborgen kampioenen

De ‘hidden champions’ worden ze genoemd: verborgen kampioenen. “Die komen in Altmaiers strategie amper voor”, zegt Tomaso Duso van het Duitse instituut voor economisch onderzoek DIW. Juist door hun lenigheid zijn ze zo succesvol, aldus Duso. Ze worden als kracht gezien achter de Duitse boom van de afgelopen tien jaar. Duitsland werd wereldkampioen exporteren: Exportweltmeister.

Het is een medaille die het land zich graag opspeldt. Maar de trots gaat gepaard met angst: raken we onze positie niet kwijt? Ook in Altmaiers industriestrategie klinkt huiver voor neergang. Bij nieuwe, revolutionaire industrieën geldt volgens de minister: wie aan de start de beste positie heeft, groeit uit tot bijna almachtige leider, anderen kunnen slechts volgen.

Altmaiers Duitse en Europese kampioenen moeten daarom stevig in nieuwe sleuteltechnologieën investeren: robotica, digitale platforms, kunstmatige intelligentie, elektrische mobiliteit. Ook wil Altmaier bedrijven beschermen tegen Chinese overnames, bijvoorbeeld door een fonds dat Duitse bedrijven koopt waar China zijn oog op heeft laten vallen.

Angst voor China

De angst dat Chinezen hoogwaardige Duitse technologie uit overgenomen bedrijfjes opslurpen, is groot, zegt Duso. “Exemplarisch was het debat rond het succesvolle robotbedrijf Kuka. Een Chinees bedrijf wilde het kopen. Moest de staat dat uit nationaal belang verhinderen?” Dat gebeurde niet: in 2016 ging het over in Chinese handen. Buso vindt de angst voor ‘de Chinezen’ wel wat overdreven: “Er worden bedrijven gekocht maar het zijn er niet extreem veel.”

Directe achtergrond van Altmaiers industriestrategie was een fusieplan van de Duitse en Franse treinbouwers Siemens en Alstom. Door die fusie zou een Europese reus ontstaan die de concurrentie aankon met het grote Chinese spoorbedrijf CRRC (ontstaan uit het samengaan van twee staatsbedrijven). Maar de Europese Commissie blokkeerde dat, omdat de fusie tegen de mededingingsregels was.

Duso: “De Duitse en Franse politiek steunden de fusie wel heel erg. Direct na het mislukken daarvan kwam Altmaier met zijn visiedocument. Twee weken later presenteerde zijn Franse evenknie, minister Bruno Le Maire, een soortgelijke strategie.”  Samen zetten Frankrijk en Duitsland druk op de Europese Commissie, aldus Buso – noem het een nieuw soort Frans-Duitse as. Ze willen een meer interventionistische industriepolitiek, waarbij fusies tussen grote bedrijven makkelijker worden. Andere machtsblokken stellen hun eigen belang immers ook steeds schaamtelozer voorop.

Duits-Franse koers

De nieuwe Duits-Franse koers stuit bij veel academici en gezaghebbende economen op verzet. Ook Duso’s eigen instituut DIW keert zich ertegen. “Wij vinden: de Europese controle op oneerlijke concurrentie werkt tamelijk goed, ze schept een gezond klimaat. Om dat op te geven, alleen om internationaal mee te kunnen doen, dat is de verkeerde weg. De bescherming die Altmaier wil, zorgt voor zwakke reuzen. Ze past ook niet bij Europa. Duitsland is geen China. En ze pakt nadelig uit voor de consument.”

Lees ook:

De Duitse auto-industrie is om: elektrisch rijden heeft de toekomst

Ook bij accu’s is er nu een eerste stap gezet voor Europese productie. Een Duits-Frans ‘consortium’ gaat accu’s produceren, eerst in een ‘pilot’-fabriek in Frankrijk, daarna ook, zo is de bedoeling, in Duitsland. 

Geen fusie tussen Siemens en Alstom: Europese super-treinenbouwer van de baan.

De vliegtuigindustrie kent Airbus, maar in de wereld van de treinen komt zo’n Europese megaproducent er niet. De Europese Commissie heeft een streep gehaald door het plan van het Duitse Siemens en het Franse Alstom om hun treinendivisies samen te voegen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden