Duitsland verzet zich tegen gulle ECB

In Nederland is de discussie over de eurozone in alle hevigheid gaande. Vandaag vergadert de Europese Centrale Bank daarover. Daarbij gaat het niet zozeer over het redden van Griekenland, als over het opkopen van obligaties van de grotere zuidelijke eurolanden.

GIJS MOES | BRUSSEL

Moeten de Europeanen binnenkort met een kruiwagen vol bankbiljetten naar de bakker? Dat lijkt zwaar overdreven. Toch is de angst voor hyperinflatie de drijvende kracht achter het Duitse verzet tegen ingrijpen door de Europese Centrale Bank, die vandaag in Frankfurt vergadert.

De hele financiële wereld zal aan de lippen van ECB-president Mario Draghi hangen. Grote vraag: hoe duidelijk zal hij zijn over zijn plannen om staatsobligaties van zwakke eurolanden op te kopen? De verwachtingen zijn hooggespannen, sinds Draghi eind juli zei dat hij om de euro te redden 'alles zal doen wat nodig is'. Als hij nu vaag blijft, zijn de markten teleurgesteld en stijgen de rentes in Spanje en Italië weer.

Maar Draghi kan ook niet te ver gaan, vanwege Duits verzet. De president van de Bundesbank, Jens Weidmann, heeft herhaaldelijk laten weten dat hij niets ziet in massale opkoopprogramma's. Daarmee krijgen de regeringen van zwakke eurolanden immers in feite 'gratis geld' en hoeven ze zelf dus minder inspanningen te doen om de markten gerust te stellen.

Nog belangrijker voor de Duitsers is echter het feit dat de ECB haar eigen regels zou schenden door obligaties op te kopen. Het eerste doel van de bank is immers de prijsstabiliteit, het voorkomen van inflatie. Die afspraak eiste Duitsland in de jaren negentig in ruil voor het opgeven van de sterke D-mark en de invoering van de euro.

Twee jaar geleden heeft de ECB wel degelijk grote aankopen van obligaties van zwakke eurolanden gedaan, ter waarde van ruim 200 miljard euro. Die aankopen waren vooraf met een maximum beperkt, maar toch waren ze voor Weidmanns voorganger Axel Weber reden om op te stappen. Duitse media hebben al gespeculeerd dat Weidmann dat ook zal doen.

Een beetje steun heeft Weidmann wel, vooral van zijn Nederlandse, Finse, Oostenrijkse en Luxemburgse collega's. Zij zijn minder streng in de leer dan de Duitsers, maar willen wel duidelijke voorwaarden stellen aan een opkoopprogramma. Zo kunnen landen daar alleen aanspraak op maken als ze ook officieel om steun vragen bij een Europees noodfonds, en dus meteen een strikt bezuinigingsprogramma krijgen opgelegd.

De Zuid-Europese landen staan aan de andere kant: zij zien ingrijpen door de ECB als enige oplossing die de eurozone nog voorhanden heeft. De bank uit Frankfurt kan immers massaal geld scheppen en zo de markten verzekeren dat alle obligaties hun waarde behouden. Maar ook de Angelsaksische financiële sector steunt zo'n stimulerende rol voor de ECB. Het Amerikaanse stelsel van centrale banken Fed stimuleert volop, zonder zich veel zorgen te maken over inflatie.

Draghi heeft een internationale bijeenkomst van centrale bankiers, in het Amerikaanse Jackson Hole, vorige week aan zich voorbij laten gaan om plannen uit te werken. Hij moet nu dus wel met iets komen. Doet hij dat niet, dan slaat de onrust in de eurozone direct weer toe.

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden