Duitsland tekent de nederlaag

Op de elfde van de elfde in 1918, om 11.00 uur Parijse tijd, zwegen de wapens. Duitsland had de oorlog verloren. Het leger hield vol dat het niet op het slagveld was verslagen, maar door de linkse revolutionairen in Berlijn. Een legende waar Adolf Hitler later gretig gebruik van maakte.

Duitsland, zeggen sommige historici, verloor de Eerste Wereldoorlog al enkele weken na het begin, in de late zomer van 1914. De bedoeling was België en vooral Frankrijk binnen een paar weken te overrompelen en daarna de strijd met Rusland aan te gaan. Maar het verzet van de Belgen en de Fransen was veel sterker dan gedacht en de aanval liep door logistieke problemen bovendien grote vertraging op, zodat keizer Wilhelm II verplicht was zijn leger langer in het westen te houden. Er dreigde wat Berlijn juist had willen voorkomen: een twee-frontenoorlog. "Nuchter bezien was de oorlog op dat moment eigenlijk al verloren", aldus de Duitse geschiedkundige Volker Ullrich, de biograaf van Adolf Hitler. Hij doelt daarbij op de situatie half september 1914.

Wat volgde was een jarenlange, zinloze loopgravenoorlog die aan miljoenen soldaten het leven kostte. De Duitsers probeerden in het voorjaar van 1918 alsnog een doorbraak te forceren, kort nadat ze in Brest-Litovsk met de Russen een vredesverdrag hadden gesloten en dus aan het oostfront geen zorg meer hadden. Maar dat mislukte. De Duitsers werden juist teruggedreven, vooral ook doordat het Amerikaanse leger inmiddels op volle sterkte was.

In september 1918 kwam de generale staf (de Oberste Heeresleitung) van het Duitse leger onder leiding van veldmaarschalk Paul van Hindenburg en generaal Erich Ludendorff tot de conclusie dat de oorlog verloren was; de situatie was in alle opzichten hopeloos. Maar het zou nog weken duren alvorens aan die analyse ook gevolg werd gegeven. Pas toen er een invasie van geallieerde troepen in Duitsland dreigde, vroeg het land in de loop van oktober om een wapenstilstand.

De legertop wilde hoe dan ook vermijden dat er een nederlaag te velde zou worden geleden en het land onder de voet zou worden gelopen. De Duitsers wisten dat er onder de geallieerden een sterke stroming was die hen tot een onvoorwaardelijke en vernederende capitulatie wilde dwingen. De stafchef van het Amerikaanse leger in Europa, John Pershing, drong daarop aan, net als de vroegere president Theodore Roosevelt en de leider van de Republikeinen in het Congres in Washington, Henry Cabot Lodge. De Amerikaanse kranten eisten in vette chocoladeletters evenzeer de volledige overgave van het gehate Duitse leger.

Treinwagon 2419D

Maar onder aanvoering van president Woodrow Wilson, die veertien eisen had geformuleerd waaraan een vredesverdrag zou moeten voldoen, besloten de geallieerden in te gaan op het Duitse verzoek om een wapenstilstand. Op de twee laatste dagen van oktober voerden ze daarover overleg in Versailles.

Ze stelden een hele serie voorwaarden voor het staakt-het-vuren op. Duitsland zou in alle landen op kortst mogelijke termijn zijn legers moeten terugtrekken, de aangerichte schade moeten herstellen en vergoeden, gebieden in Elzas en Lotharingen moeten teruggeven, akkoord gaan met een brede gedemilitariseerde zone tussen Frankrijk en Duitsland, en op grote schaal ontwapenen. Ook het voor de Duitsers zo gunstige vredesverdrag met de Russen moest op de helling. 'De keizer mag z'n paardrijbroek houden, maar verder niets', zo vatte de Franse premier Georges Clemenceau de conclusies van het beraad kernachtig samen.

Op vrijdag 8 november begonnen op een spoorwegemplacement in het Bos van Compiègne nabij het Noord-Franse plaatsje Rethondes de onderhandelingen. De delegatie van de geallieerden stond onder leiding van maarschalk Ferdinand Foch (er is geen stad in Frankrijk die geen straat naar deze oorlogsheld vernoemd heeft). Hij was tot geen enkele concessie jegens Duitsland bereid: "Voorstellen? Ik heb geen voorstellen", was zijn gevleugelde uitspraak. Fochs Duitse tegenhanger was Matthias Erzberger, geen militair, maar een politicus - hij was staatssecretaris, en zou het later nog tot minister schoppen.

De Duitse delegatie was die vrijdag in de vroege ochtend in vijf auto's de frontlijn overgestoken. Vervolgens had ze urenlang, geëscorteerd door Franse wagens, rondgereden door het verwoeste landschap in Noord-Frankrijk zodat ze met eigen ogen kon zien wat voor schade er was aangericht. Via telexen en telegrammen was er contact met de regering in Berlijn die de onderhandelaars opriep met elke voorwaarde van de geallieerden akkoord te gaan.

De situatie in de hoofdstad, en ook in andere Duitse steden, was explosief. Op zaterdag 9 november werd de republiek uitgeroepen, de sociaal-democraat Friedrich Ebert werd de nieuwe rijkskanselier. Een dag later kreeg de Duitse delegatie Franse kranten onder ogen waaruit op te maken was dat keizer Wilhelm II was afgetreden; hij zou naar Nederland vluchten waar hij tot zijn dood in 1941 zou verblijven.

Op maandag 11 november ondertekenden de Duitsers en de geallieerden tussen 5.12 en 5.20 uur in de ochtend de wapenstilstand. Het gebeurde in de vijf jaar oude notenhouten treinwagon 2419D van Wagon Lits die normaal dienst deed als dinerrijtuig, maar nu het hoofdkwartier was van maarschalk Foch. Formeel was het geen overgave van de Duitsers, maar feitelijk kwam het daar wel op neer.

De wapenstilstand zou zes uur later ingaan, om 11 uur Parijse tijd (in Duitsland was het een uur later), op de elfde dag van de elfde maand. Die periode was nodig om de commandanten aan beide kanten op de hoogte te stellen. In die zes uur zijn trouwens nog duizenden militairen gesneuveld. Vooral de Amerikanen leden flinke verliezen. Opperbevelhebber Pershing besloot nog een laatste offensief in te zetten; hij is daarvoor zwaar bekritiseerd. De tol was hoog, de terreinwinst mager, en de Amerikanen, de overwinnaars, hadden die later ook zonder strijd kunnen boeken.

De dolkstootlegende

Dat het Duitse leger kon volhouden dat het niet op het slagveld was verslagen, maakte de weg vrij voor de befaamde dolkstootlegende. Duitsland had niet verloren door militaire zwakte, zo wil deze legende die na de oorlog in conservatieve en rechtse kring veel aanhang kreeg, maar doordat de krijgsmacht was verraden door linkse revolutionairen en communisten die de macht in Berlijn hadden overgenomen en die het leger opdracht hadden gegeven de strijd te staken. Zo hadden de dappere militairen een mes in de rug gekregen van hun eigen landgenoten. Terwijl er nog volop kansen waren om de strijd in het voordeel van Duitsland te beslechten.

Partijen als de NSDAP van Adolf Hitler maakten van deze dolkstootlegende gretig gebruik; de hongerende en straatarme bevolking die jaar in, jaar uit had gehoord dat de overwinning nabij was en die nu plotsklaps vernam dat de zaak verloren was, wilde het verhaal graag horen. Maar het klopte van geen kant.

Volgens alle analyses had Duitsland de oorlog in het najaar van 1918 op alle fronten verloren. Het leger was uitgeput, had geen reserves meer, beschikte over te weinig vuurkracht, en er was onvoldoende aanwas van rekruten. Bovendien hadden Duitslands bondgenoten, zoals Oostenrijk-Hongarije, de strijd al gestaakt.

Het land stond er alleen voor, en kreeg bovendien te maken met een sterkere tegenstander door de deelname van de Amerikanen aan geallieerde kant. Intussen morde de bevolking steeds meer: door de Britse zeeblokkade was er een nijpend tekort aan levensmiddelen en andere goederen, ook die onrust sloeg terug op het moreel van het leger. De positie van Duitsland was kortom uitzichtloos.

Matthias Erzberger, de Duitse onderhandelaar, moest zijn handtekening op die elfde november uiteindelijk met de dood bekopen. Een kleine drie jaar later, op 26 augustus 1921, werd hij in het Zwarte Woud door rechts-extremistische nationalisten vermoord.

Ene Adolf Hitler was daar niet rouwig om. Sterker: hij had bijgedragen aan het creëren van het klimaat waarin deze moordaanslag mogelijk was. Tijdens zijn opzwepende toespraken in de bierkelders van München haalde hij voortdurend uit naar Erzberger die met zijn ondertekening van de wapenstilstand de weg had vrijgemaakt voor het voor Duitsland zo smadelijke Verdrag van Versailles. Erzberger was 'een staatsmisdadiger' die binnenkort 'niet meer op zijn plaats zou zitten'; de nazileider in opkomst werd bijna op zijn wenken bediend.

Adolf Hitler, zelf gewond tijdens de Eerste Wereldoorlog, nam een kleine 22 jaar later wraak voor de vernedering die de Duitsers in zijn ogen aan het eind van die oorlog hadden moeten ondergaan. Op 10 mei 1940 vielen de Duitsers behalve Nederland en België ook Frankrijk binnen. Zes weken later, op 22 juni, ondertekenden de Fransen de capitulatie.

Op last van Hitler gebeurde dat in dezelfde treinwagon, op exact dezelfde plaats. De gehele nazitop was erbij, inclusief de dictator zelf. Het was de ultieme belediging. Het rijtuig werd vervolgens naar Berlijn vervoerd. Vijf jaar later, toen het Derde Rijk ineen zeeg, werd het door SS-troepen verwoest.

De allerlaatste slachtoffers van WOI

Het laatste slachtoffer van de Grote Oorlog aan geallieerde kant was de 23-jarige Amerikaanse militair Henry Gunther. Hij sneuvelde op 11 november 1918 om 10.59 uur, één minuut voordat de wapenstilstand van kracht werd, in het Noord-Franse plaatsje Chaumont-devant-Damvillers. De soldaat werd geraakt voor Duits geweervuur en stierf ter plekke.

Gunther was in juli 1918 in Europa aangekomen en had toen de rang van sergeant. Hij was verantwoordelijk voor de uitrusting van de mannen van zijn eenheid.

Dat hij niet direct aan de gevechten tegen het Duitse leger hoefde deel te namen, kwam hem goed uit: zijn familie was van Duitse afkomst. In een brief aan het thuisfront beklaagde hij zich over de slechte omstandigheden waarin hij verkeerde, een vriend raadde hij aan om te proberen aan uitzending naar Europa te ontkomen.

De censor onderschepte de brief, Gunther werd gedegradeerd tot soldaat. Postuum kreeg hij echter eerherstel, niet alleen via de rang van officier, maar ook door een militaire onderscheiding.

Het laatste Duitse slachtoffer, luitenant Tomas, viel volgens de overlevering een minuut na ingang van de wapenstilstand, ook aan het front in Noord-Frankrijk. Hij liep op een groepje Amerikaanse soldaten af in de veronderstelling dat ook zij wisten dat de oorlog voorbij was. Dat was echter niet het geval.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden