Duinkerkens held is Jean Bart, die de Nederlanders overwon

De tweede etappe van de Tour de France start aanstaande maandag in Duinkerken, een stad die haar bekendheid niet aan wielrenners te danken heeft. Wel aan de Tweede Wereldoorlog, carnaval en kapers. Wie weet eigenlijk dat in het lied ’Al die willen te kap’ren varen...’ de Duinkerker kapers worden bezongen die eeuwenlang als schrik der zee bekendstonden?

Een kaper werd in oorlogstijd gemachtigd door de koning om koopvaardijschepen van de vijand aan te vallen. Die afspraak werd vastgelegd in een kapersbrief. De beroemdste kaper van Frankrijk is de in Duinkerken geboren Jean Bart. Die roem dankt hij vooral aan zijn succes tijdens de Negenjarige Oorlog (1688-1697) tussen Frankrijk en de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Tijdens de Slag bij Texel, op 29 juni 1694, heroverde kaperkapitein Jean Bart 96 Franse graanschepen die eerder door de Nederlanders waren buitgemaakt. Met het terughalen van dit graan kwam er een einde aan de schrijnende hongersnood in Frankrijk en werd Jean Bart door Lodewijk XIV als ridder in de adelstand verheven.

Ironie van het verhaal is dat Jean Bart vóór zijn bestaan als Duinkerker kaperleider leerling-matroos zou zijn geweest op de vloot van Michiel de Ruyter. Zou Jean Bart van ónze nationale zeeheld ook wat graantjes hebben meegepikt over de aanpak van strategische aanvallen op zee?

Deze Jean Bart mag dan al ruim drie eeuwen als ’Grote Fransman’ in de annalen staan bijgeschreven, het Frans was hij niet machtig. Geboren als Jan in 1650 sprak hij uitsluitend West-Vlaams. Zijn geboorteplaats Duinkerken lag immers in het middeleeuwse graafschap Vlaanderen, dat onder de Spaanse Nederlanden viel. Tijdens het leven van Jean Bart, in de tweede helft van de zeventiende eeuw, maakte de al eerder genoemde koning Lodewijk XIV een deel van dat graafschap buit op de Spanjaarden. Maar Duinkerke raakte ook nog even in handen van de Engelsen. Van hen kocht de Franse vorst de stad in 1662.

In een deel van dat veroverde gebied dat we Frans-Vlaanderen zijn gaan noemen werd een variëteit van het West-Vlaams gesproken. Dat gebied is de noordelijke helft van het Franse departement Nord en ligt ten noorden van de rivier de Leie. Verwijzend naar het taalgebied wordt ook vaak gesproken over de Westhoek, een grensoverschrijdende streek met een Belgisch en een Frans deel. Hier heet het dan ook de Franse Westhoek.

Een deel van de mensen in dit gebied spreekt nog het West-Vlaamse dialect dat verwantschap laat zien met onze Zeeuwse dialecten. Toch is dat West-Vlaams hard aan het uitsterven. Geschat wordt dat het nog door enkele tienduizenden, vooral oudere personen, wordt gesproken. Vooral na de Tweede Wereldoorlog is de achteruitgang snel gegaan door de centralistische politiek van de Franse overheid. Het spreken van dialect werd daarbij stevig de kop in gedrukt. De laatste decennia is er onder de bevolking een hernieuwd bewustzijn dat het verdwijnen van het oorspronkelijke dialect als een verlies gezien kan worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden