Droomgezichten van Tom Waits

Black rider. Island 74321.16822 Buddha. Arista 74321.170042 Tough. Rough rade 388.7009.242 Honeymoon. Red eye 514.870.

STAN RIJVEN

Het stuk is inmiddels uit de theaters, de cd ligt nu in de winkel. In het begeleidend boekje schrijft Waits dat hij geintegreerd, gevleid en bang ineen was toen Wilson hem uitnodigde. “Ik had zijn 'Einstein on the beach' gezien en werd meegezogen in een indrukwekkende droom van enorme schoonheid. Wilson is uitvinder van de ontdekkingsreis naar de diepste delen van een geestelijk woud”.

Een typering die zo op Waits' eigen oeuvre slaat, want wederom weet hij je met betoverende melodieen en stemmingen mee te voeren. Het bric a brac ensemble dat Waits optrommelde, haalde hij van de straathoek en uit de klassieke hoek. Omfloerst spelende fanfares, morsige orgeltjes, zingende zagen en vette cowboy-gitaren rijgen vormen een kermis waar vaudeville en avantgarde elkaar omhelzen.

Waits kreunt, krijst en kraait terwijl de carrousel maar doordraait. Dan weer komt hij tot bezinning en klaagt sentimenteel op zijn accordeon. De Zwarte Ruiter wordt door Waits een magier, die met zijn muziek alle menselijke gevoelens weet op te roepen. Tenminste, wanneer de luisteraar daar moeite voor neemt. De beloning is er naar. Een soortgelijke uitdaging kreeg David Bowie voorgelegd toen hij de muziek mocht componeren voor het televisie-vierluik 'The Buddha of suburbia'.

Het is de verfilimg van een novelle die zich afspeelt onder Aziatische migranten in het Londen van de jaren '70. Zonder die informatie valt er niets van deze achtergond aan de soundtrack af te proeven. Bowie maakt zich wederom schuldig aan zijn bekende leentjebuur-formule. Sommige nummers, beige gezongen met het herkenbare timbre, voorziet hij van een bijdetijdse housebeat. Andere lijken regelrecht gekaapt van Brian Eno's ambient-platen 'Music for films' en 'Airports'. Weinig suburbia en al helemaal geen buddha, hooguit gemakzucht kenmerkt de plaat.

In vergelijking hiermee klinkt 'Tough & Sweet' van Kevin Coyne als een verademing. Coyne is een met Waits verwante ziel. Hij bleef altijd in de marge zijn zangkunsten vertonen zonder erkend te worden. Hij bezit de imposante verschijning van de vroege Johnny van Doorn, een robuuste kop met ragebol en diens luidruchtige kopstem.

Op 'Tough & Sweet' (21 songs) trekt Kevin alle registers open. Met stampende voeten en raspende gitaar drijft hij zijn eigen kwelduivels uit. Enkele nummers zijn voorzien van een dansbeat of orkestratie zonder dat de ontroering verdwijnt.

Filmisch luistergenot beleef je eveneens bij 'The Honeymoon is over' van The Cruel Sea. Het is niet de eerste Australische band die wars van conventies de woeste uitgestrektheid van het continent ('dewrede zee') verklankt. Het desperate van 'The Birthday Party' en de vervreemding van 'Drowning, not waving' keren terug in instrumentale passages en venijnige zang.

De songs overvallen je als klankschappen op cinerama-formaat waarin troebele moerasgeluiden, trommels en orgels, zich mengen met het dreigend ritme van vreemd afgestelde gitaren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden