Dromen hebben geen muren

Zijn debuut 'Feest' verraadde zijn talent al maar illustrator Arnoud Wierstra heeft met zijn tweede boek 'De grote dag' de écht goede vorm te pakken.

Ik kan niet schrijven." Arnoud Wierstra zegt het haast verontschuldigend als we het over zijn tekstloze prentenboeken hebben. Maar is dat zo'n gemis? Nee, denk je al bladerend en kijkend. Helemaal niet. De stripachtige beeldverhalen doen hun werk ook wel zonder letters. En wat een vondst is dat toch: een droom uitbeelden, een gedachtengang, door de muren, vloeren en de plafonds gewoon niét te tekenen. Waardoor alles en iedereen zweeft.

Wierstra (1968) debuteerde drie jaar geleden met 'Feest', een geïllustreerde vertelling voor grote en kleine mensen waarin dertien personages worden gevolgd die naar een feest toeleven. Los van elkaar bereiden ze zich voor op hetzelfde verjaardagsfeest, zo blijkt uiteindelijk. De meest tot de verbeelding sprekende figuur uit 'Feest' is de hoofdpersoon in opvolger 'De grote dag'. Daarin leven we mee met de muzikant met afro-kapsel die niet kan wachten tot hij zijn geliefde kan omhelzen. Maar voor het zo ver is komt hij allerlei hindernissen tegen. Er gebeurt veel op de plaatjes; Wierstra's boeken zijn alleen geschikt voor wakkere kijkers. Wakkere kijkers die van dromen houden.

In zowel 'Feest' als 'De grote dag' leidt het verhaal naar één gebeurtenis. Blijkbaar trekt dat u aan.

Na enig gepeins: "Ik ben meer een ideeënman dan een verhalenman. Bij mij zit het verhaal in het idee besloten. In 'Feest' is alles gericht op die ontmoeting. Het moest ook een verjaardagsfeest worden. Het verhaal eist dat gewoon. En dit boek moest een roadmovie worden, dat zat al een tijdje in mijn hoofd."

Waarom nam u juist de afro-figuur uit uw vorige prentenboek als hoofdpersoon voor 'De grote dag' ?

"Ik wist vanaf het begin dat hij hopeloos verliefd is. En hij is de muzikant. Veel liedjes gaan over de liefde, ik vond hem daar het beste bij passen. Hij is een dromerig type én hij is het leukste om te tekenen. Het liefst teken ik de hele dag door."

Zou dat niet gaan vervelen?

"Afwisseling is wel nodig. Je kunt er ook niet van leven. Ik teken twee dagen in de week en in de avonden, als de kinderen naar bed zijn. Daarnaast heb ik een baan als psycholoog op twee middelbare scholen. Daar praat ik met jongeren, ouders en mentoren over allerlei problemen die leerlingen kunnen tegenkomen: gedragsproblemen, slechte motivatie, huiselijk geweld, of jongeren die sociaal angstig zijn. Faalangst hebben. Ik schakel dan tussen de instanties, verwijs door."

Heeft die baan invloed op uw tekeningen?

"Er is wel een link tussen psychologie en het feit dat ik dromen interessant vind. Of dat ik het boeiend vind hoe het geheugen werkt. Toch is het meer de weg naar mijn werk toe die me inspireert. Als ik in de metro zit of in de auto stel ik me altijd van alles voor. Dan kijk ik door huizen heen en denk dan: wat gebeurt er aan de achterkant van die muren?"

Dus tekent u die muren niet. Huisraad en mensen lijken te zweven doordat u plafonds, vloeren en muren weglaat. Wat is de betekenis van die vondst?

"Ik wilde ermee laten zien hoe dichtbij het verscholene is. Kijk, fysiek is mijn buurman heel dichtbij, maar tegelijkertijd is hij ver weg, heeft een heel ander leven. Terwijl: wat zit er nu tussen? Twintig centimeter? Ik vond het leuk om alles te laten zien, transparant te maken. Dus weg met die muren en die plafonds. Die zwevende badkuip, het huisraad, de mensen; ik wilde ook benadrukken dat alles en iedereen in wezen een stukje lucht inneemt. Dat luchtige, dat zweverige legt ook het accent op het feit dat die muzikant droomt en dat je in een droom altijd jezelf ziet."

Heeft u een (fictieve) lezer in uw hoofd als u een verhaal tekent?

"Eerlijk gezegd denk ik dat ik vooral voor mezelf werk. Wat zou ik zelf leuk vinden om te lezen? Daar denk ik aan als ik teken. En ik hou mijn werk voor mezelf. Het mag pas gezien worden als het klaar is. 'Feest' heb ik helemaal in het geheim gemaakt. Je kan zeggen: het is faalangst, maar het is een proces dat niet verstoord mag worden en het is spannend om aan een project te werken dat helemaal van jezelf is."

Tekeningen worden vaak gezien als hulpmiddel voor kinderen. Zou volwassen literatuur ook niet geïllustreerd moeten worden?

"Door tekenaars als Charlotte Dematons en Thé Tjong-Khing ontdekte ik dat je heel goed een verhaal kan vertellen zonder tekst. Toch ben ik heel jaloers op schrijvers. Zij zijn in staat om Parijs of Londen zo te verbeelden dat ik die steden werkelijk voor me zie. Een goede schrijver activeert mijn geheugen, waardoor er allerlei herinneringen boven komen. Dat is iets heel moois. Een illustratie kan dat weer kapot maken. Andersom zou het misschien wel kunnen: dat een schrijver een verhaal bij een schilderij maakt."

Arnoud Wierstra: De grote dag. Gottmer, Haarlem; 36 blz. euro 14,95. Vanaf 4 jaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden