Driestuiversliefde blijft op toneel bloedeloos en beschaafd

Na de eerste scène valt het doek. Applaus, bloemen, afgelopen uit. Ger Thijs kent zijn moderne klassiekers, weet dat je met een omgekeerde volgorde het publiek op een ander been kan zetten en zo de kijkhouding kan beïnvloeden. Dat wordt een verrassend avondje. Wat een understatement zal blijken.

Heeft Thijs zich in de afgelopen jaren vooral onderscheiden met bijzondere literatuurbewerkingen zoals ’Kleine Zielen’ (naar Couperus), ’Gloed’(naar Sandor Marai), of ’Max Havelaar’(naar Multatuli), daarnaast profileerde hij zich als autonoom toneelschrijver met stukken, waarvan een drietal opvoeringen een nominatie voor de Toneel Publieksprijs kregen. Topper was ’Het licht in de ogen’, een vlijmscherpe kijk op de toneelwereld. Behalve zijn toneelervaringen gebruikt Thijs ook zijn eigen verleden. Voordeel: je weet waar je het over hebt. Nadeel: je kunt moeilijk afstand nemen. Dat laatste lijkt het geval in ’De Grote Liefde’.

De titel slaat op theatergebouw De Liefde dat, na deze laatste voorstelling, gesloopt gaat worden om op dezelfde plaats te herrijzen als De Grote Liefde. Parallel daaraan het moeizame liefdesdrama dat zich op het kale toneel ontwikkelt tussen een schrijver/acteur, zijn vrouw (actrice) en zijn voormalige geliefde, een Antilliaanse. De laatste is komen kijken naar deze laatste voorstelling van een stuk, dat de schrijver over hun verhouding heeft geschreven.

Al weeft Thijs zo een paar anekdotische motieven dooreen, het lijkt diepzinniger dan het is. Wat daar tussen dat drietal gebeurt, begint allengs trekken aan te nemen van een driestuiversromannetje. Zijn schrijver en geliefde even alleen, betrapt de echtgenote hen net op het moment van een omhelzing. Ruziën schrijver en vrouw net even flink, staat geliefde opeens weer voor hun neus. Over elkaar wordt alleen in jaloers wraakzuchtige termen gesproken, terwijl de schrijver als een besluiteloze slapjanus tussen beide vrouwen blijft zwalken.

Thijs gebruikt afgezaagde conflictmomenten en rolmodellen onbeschroomd zonder er een nieuwe lading aan te geven. De personages blijven plat. Zelfs een topbezetting met Kitty Courbois, Derek de Lint en Renée Soutendijk lukt het niet er leven in te blazen. Zo weinig dramaturgische afstand Thijs tot zijn thema lijkt te bewaren, zo veel afstand blijft er tussen de personages. Geen greintje chemie die je tussen (gewezen) geliefden zou verwachten.

Had Ger Thijs de regisseur het werk van Ger Thijs de schrijver met een vette knipoog bekeken, dan had er misschien nog smakelijk realistisch volksdrama uit kunnen rollen. Nu blijft het banale getwist verbazend beschaafd en bloedeloos.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden