Drie predikanten blijven, maar dovenpastoraat staat onder druk

UTRECHT - Het dovenpastoraat staat onder druk. Voor crisispastoraat hebben de pastors nog tijd, voor catechese en groepsgesprekken nauwelijks. Dove gelovigen vrezen dat ze steeds minder vaak een beroep kunnen doen op een dovenpastor.

Drie dovenpastors zijn er momenteel, die de vijftienhonderd doven geestelijke bijstand verlenen. Een krappe bezetting, vooral doordat een van de predikant geruime tijd ziek is.

Met spanning wacht G. van Brenk, voorzitter van het deputaatschap pastoraat van de Christelijke gereformeerde kerken op het standpunt van de triosynode. ,,Houden we twee of drie pastors, dat is de cruciale vraag.'' De gereformeerden, hervormden en christelijke gereformeerden horen elk een dovenpastor te leveren, volgens een afspraak in de jaren zeventig gemaakt. ,,Als we het met minder mensen moeten doen is de werkbelasting in mijn ogen voor de dovenpastors niet verantwoord.''

Gisteren pleitte hij samen met de landelijke werkgroep interkerkelijk dovenpastoraat (IDP) in Utrecht voor een volle bezetting. In Lunteren, waar de triosynode wordt gehouden, kwam het verlossende antwoord: de drie dovenpredikanten blijven.

Algemeen directeur W. van Santen van de dienstenorganisatie van de Sow-kerken zei het te betreuren dat de indruk was ontstaan dat zij dit werk niet serieus nemen.

De dovenpredikanten mogen dan niet verdwijnen, wel bestaat het plan om één dovenpastor gedurende een jaar een andere taakomschrijving te geven. Deze zou een nieuwe 'structuur' voor het dovenwerk moeten opzetten, waardoor vrijwilligers beter kunnen worden ingezet.

Doven moeten vaker terecht kunnen in hun eigen kerk. Nu wordt vooral naar de specifieke predikanten verwezen die zich gespecialiseerd hebben in de dovenzorg. ,,Soms hebben kerken niet eens het idee dat ze doven in hun midden hebben. De kerken moeten dus meer worden toegerust'', vertelt dovenpastor S. Rienstra. Vrijwilligers en pastoraal medewerkers -die de gebarentaal machtig zijn- zouden hierin meer als een 'eenheid' moeten functioneren.

Blij is dovenpastor A. Dingemanse niet met de nieuwe invulling. Het gaat ten koste van het 'normale' werk. ,,Dat betekent dat de dovenpastor niet honderd procent ingezet kan worden voor het dovenpastoraat'', betreurt hij.

,,En wat is een nieuwe structuur? Straks moeten vrijwilligers ons werk doen en zijn we terug naar de situatie van vijftig jaar geleden. Dit werk is geen tolkengebeuren, het is predikantenwerk.''

Rienstra vervangt al geruime tijd voor dertig procenteen zieke collega. Zijn contract wordt door de Sow-kerken niet verlengd. Volgens hem is bezinning op de toekomst nodig, aangezien de werkdruk nu al bijzonder hoog is. ,,Er is alleen tijd voor crisispastoraat. Alleen bij sterfgevallen, ziekte en geestelijke nood kunnen we bijspringen. Elke maand moet ik wel een keer nee verkopen. Voor groepsgesprekken en catechese is nauwelijks tijd.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden