Drastische voorjaarsbeurt

Als de zon gaat schijnen, gaan de vingers jeuken. Dan ontwaken de tuiniers uit hun winterslaap en trekken massaal de tuin in, gewapend met hark en snoeischaar. Weg met oude stengels en takken. Maar pas op, voor je het weet knip je te ver.

door Jeannette van Ditzhuijzen

Het eerste zonnige weekeinde hebben we achter de rug en vele tuinen hebben dat aan den lijve mogen ondervinden. Met schoffels en snoeischaren werden ze bewerkt tot er geen sprietje onkruid meer te zien was en elke uitstekende tak in de biobak was verdwenen. Bij deze voorjaarssnoei moet de hortensia (Hydrangea macrophylla) het nogal eens ontgelden en wordt de clematis vergeten. Met nare gevolgen: geen of weinig bloei in de hortensia en kale clematisstammen met bloei bovenin.

Dat het vaak fout gaat, is niet zo gek. De hoofdsnoeiregel luidt immers: laatbloeiende struiken nu snoeien omdat zij bloemen maken op het nieuwe hout. Maar bij de bolhortensia zitten de knoppen voor deze zomer al sinds september aan de struik. Nu snoeien betekent dus het einde van die knoppen en straks (bijna) geen bloei. Geen wonder dat er zoveel klachten komen over niet of slecht bloeiende hortensia's. Dat gaat dan meestal over de H. macrophylla (zowel de bolle versie als die met platte bloemschermen), maar ook de H. serrata en de H. aspera, een hortensia met zacht, aaibaar blad horen bij deze groep die niet of nauwelijks gesnoeid mag worden.

Wat moet er dan wel gebeuren? Om de struik open en gezond te houden, kunt u nu een of meer oude takken (herkenbaar aan hun grijzige kleur) tot aan de grond toe wegknippen. Daardoor krijgen nieuwe scheuten de kans om uit te groeien. Probeer u verder nog even te beheersen en knip de uitgebloeide hortensiabloemen niet voor half april af (tot het eerste knoppenpaar). Zij beschermen de nieuwe knoppen namelijk tegen vorstschade en late nachtvorst is de grootste vijand van de hortensia. Als de knoppen eenmaal stukgevroren zijn, krijgt u dit jaar waarschijnlijk geen bloei meer. Voor alle zekerheid kunt u bij dreigende nachtvorst de struik afdekken met vliesdoek of oude vitrage.

Korthouden zit er dus niet in bij deze hortensia's. Wilt u een lage struik, kies dan liever een compactere soort (de H. serrata bijvoorbeeld), of pas wortelsnoei toe: steek met een schep rondom de plant de wortels af; dat remt de groei.

Heeft u een boomhortensia (H. arborescens, de populaire 'Annabelle' bijvoorbeeld), een boeren- of pluimhortensia (H. paniculata) of een eikenbladhortensia (H. quercifolia), dan kunt u probleemloos met de snoeischaar aan de gang. Dat kan wel een beetje ten koste van de bloei gaan, maar niet ernstig. Pluimhortensia's lopen overigens nogal laat uit.

Blijft over de klimhortensia met haar kantachtige bloemen. Dat is de makkelijkste, want u hoeft helemaal niets te doen. Mochten er nog verwelkte bloemen aan de plant zitten, dan kunt u die nu natuurlijk weghalen.

Clematissen houden zich wel aan de hoofdregel: vroege bloeiers na de bloei snoeien, late bloeiers nu afknippen. C.alpina, C.macropetala en C.montana zijn bekende vroegbloeiende clematissen waarvan op een warme plek de knoppen al zichtbaar zijn. Na de bloei kunt u de struik fatsoeneren: dus oude, zwakke en te lange scheuten weghalen. Als u de uitgebloeide bloemen wegknipt, mist u wel de fraaie zaadhoofdjes die sommige vroege clematissen produceren. Is de groei in de loop der jaren helemaal uit de hand gelopen, dan is een drastische wintersnoei aan te raden: knip daarvoor in januari of februari de hele plant tot aan de grond af en geef verse scheuten een kans.

De clematissen die laat bloeien, na midden juni, moeten nu wel rigoureus worden teruggesnoeid. Dat wil zeggen dat u alles weghaalt boven een stevig knoppenpaar op zo'n 30centimeter van de grond. Daardoor stimuleert u de plant tot het maken van nieuwe grondscheuten en krijgt u een mooi vertakte plant. Wees niet bang, de plant zal echt weer meters lange scheuten maken, waaraan de aantrekkelijke bloemen verschijnen. Bind de nieuwe scheuten zo nodig aan of -mooier- laat ze door een (klim)roos, boom of struik groeien. Clematissen die tot deze categorie behoren zijn de C. viticella, C. tangutica, C. flammula, C. recta, C. florida, C. 'Perle d'Azur', C. 'Jackmannii' en C. 'Huldine'.

De derde categorie omvat de grootbloemige clematissen die vanaf mei/juni bloeien. Het gaat hier om bekende hybriden zoals C.'Elsa Spüth', C.'Lasurstern', C.'Mrs. Cholmondeley', C.'Nelly Moser' en C.'The President'. Het beste haalt u nu de lelijke en dode takken weg. Na de bloei haalt u de bloem samen met twee volgende bladknoppen (verdikkingen in de tak) weg. Als u dan meteen mest geeft, heeft u kans op een tweede bloei later in het jaar.

Nu we het toch over mesten hebben, begin daar nu mee. Geef de clematissen (organische) tuinplantenmest; rozenmest is bijvoorbeeld heel geschikt. De getallen op de verpakking geven de verhouding tussen stikstof (N), fosfor (P) en kali (K) aan. Stikstof zorgt voor de groei, fosfor voor een sterk wortelgestel en kali ten slotte voor de bloei.

Direct na de bloei kunt u weer mesten en anderhalve maand later doet u dit voor het laatst. Voor een flinke hap compost zijn clematissen u ook zeer dankbaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden