Douane liet 23 keer container met drugs door

Van onze verslaggevers DEN HAAG - De douane heeft tot begin dit jaar liefst 23 keer opdracht gekregen een verdachte container ongemoeid te laten. De drugs kwamen via de havens het land binnen en zijn onder het oog van de politie meestal verdwenen naar het criminele circuit. Elke container bevatte duizenden kilo's marihuana of hasj.

Eindelijk krijgt de commissie-Van Traa meer zicht op de totale hoeveelheid softdrugs die 'gecontroleerd' zijn 'doorgeleverd'. Via de douane zijn nu 23 transporten getraceerd. De vroegere Amsterdamse officier van justitie heeft echter gemeld dat er sinds 1992 zeker 36 containers met softdrugs moeten zijn doorgevoerd, zodat er nu nog 'maar' 13 containers zoek zijn. Sinds het begin van de IRT-affaire is altijd onduidelijk geweest hoe vaak de politie zelf drugstransporten heeft mede-georganiseerd om een beter zicht te krijgen op bijna onaantastbare drugssyndicaten.

Omdat bijna alle drugs zijn binnengekomen via de havens, heeft de commissie de douane gevraagd met cijfers te komen. Getuige H. Huisman, hoofd van het Douane informatie centrum (DIC) in Vlaardingen, noemt ze grif. Zijn dienst kreeg in 1993 en 1994 van de FIOD en het Openbaar Ministerie zeker 23 keer opdracht aan wal te blijven staan bij het binnenlopen van een schip met softdrugs. Het ging hoofdzakelijk om drugstransporten onder regie van de politiekorpsen Haarlem en Utrecht, in enkele gevallen om Rotterdam en Enschede.

In 1993 kwamen er op die manier negen containers vol softdrugs 'gecontroleerd' het land binnen, en het jaar daarop veertien. “Ik vond dat toch wel veel”, zegt Huisman nu. “Ik dacht: gaat dat wel goed?” In 1995 stopte de 'doorvoer' opeens.

Van de 23 eerdere containers zijn er, voor zover het DIC weet, maar 7 in beslag genomen, met daarin in totaal 30 000 kilo softdrugs. Wat er met de 16 andere containers is gebeurd, vreest Huisman wel te weten. Ze zijn waarschijnlijk verhandeld in het criminele circuit, omdat de politie het nog te vroeg vond om in te grijpen.

Een rekensommetje is dan snel gemaakt. Volgens schatting van de douaneman is er in 1993 en 1994 zeker 115 000 kilo softdrugs 'gecontroleerd' op de markt beland, ongeveer evenveel als de binnenlandse consumptie. De 60-jarige oud-zeeman wil de commissie graag duidelijk maken dat hij het met die wilde praktijken helemáál niet eens is, ook al hielp zijn eigen dienst jarenlang mee met de uitvoering ervan. “Al in 1993 heb ik bij de FIOD aan de bel getrokken”, zegt Huisman. “Ze zouden eens komen praten, maar het kwam er niet van.” In 1994 voelde het DIC nóg meer 'nattigheid'. De douane had direct door dat de containers bestemd waren voor nep-firma's die de politie zelf had opgericht.

Maar pas in 1995 trok het Douane informatie centrum bij de FIOD aan de bel. De commissie-Van Traa vindt dat Huisman er nogal lang over heeft gedaan om boos te worden. In januari kreeg het Vlaardingse douane-centrum van de FIOD én van topambtenaren van Financiën de garantie dat alles in orde was. De 23 containers zouden echt in beslag worden genomen. Twee maanden later bevestigde de FIOD aan het DIC alsnog dat er iets mis was gegaan. De meeste drugs zijn in het criminele milieu beland.

Gesneden koek

Waar de douane begon te twijfelen was het in 1993 voor sommige officieren van justitie gesneden koek om gecontroleerd ingevoerde softdrugs uiteindelijk op de vrije markt te laten verdwijnen. De Amsterdamse officier Van Capelle legde de commissie gisteren uit wat de doelstelling was van dit systeem. Van Capelle zat in de leiding van het IRT Noord-Holland/Utrecht, het groots opgezette rechercheteam dat uiteindelijk uiteen spatte op de onwil van het Amsterdamse korps nog langer drugs door te leveren.

Eén van de IRT-methodes was erop gericht een informant net zolang vrij spel te geven in de softdrugshandel, tot hij contact kreeg met de hogere bendeleiders die zich gewoonlijk bezig houden met de harddrugshandel. Van Capelle vond het daarom acceptabel dat regelmatig forse ladingen softdrugs in het circuit verdwenen. “Ik vind dat een redelijk middel. Het gaat om zeer zware criminelen, die werken in een celstructuur. Het gaat om mensen die elkaar zeer goed kennen. Daar krijg je alleen vat op met een informant die in de organisatie probeert door te groeien.” De principiële grens lag voor Van Capelle bij de eventuele doorvoer van harddrugs. Zou er cocaïne of heroïne in beeld komen dan zou worden ingegrepen.

Maar toen de promoverende informant voor het eerst de gelegenheid kreeg om vier proefzendingen harddrugs te importeren, kwam Van Capelle volgens de commissie-Van Traa voor een dilemma te staan. Zelf ontkent hij dat. De officier zegt dat hij altijd van plan was te voorkomen dat deze ladingen in handen zouden komen van junks. Desnoods door via pseudokopers de lading na import op te kopen, hetgeen overigens een deal van tientallen miljoenen zou vergen. Maar de enquêtecommissie trof in de verslagen van politie en justitie nergens een keiharde afspraak aan dat niet mocht worden doorgeleverd naar de straathandel. De suggestie bleef ook gisteren hangen dat het IRT op het punt heeft gestaan 400 kilo harddrugs door te laten leveren, met het oog op een grote lading die er aan stond te komen: 5000 kilo coke.

De hele operatie met de proefzendingen en de latere mammoetpartij ging uiteindelijk niet door. Het rumoer in het IRT was zo hoog opgelopen dat het team ontplofte.

Dat er onderlinge ruzies bij justitie en politie kwamen was achteraf niet zo gek, gaf ook Van Capelle ruiterlijk toe. De officier had aanvankelijk maar weinig contact met zijn teamleider, de Amsterdamse hoofdinspecteur Van Kastel. Die werd pas in een laat stadium op de hoogte gebracht van het geheime systeem van drugsdoorlevering, waar de Haarlemse en Utrechtse IRT-rechercheurs mee bezig waren. Van Kastel sloeg alarm en veroorzaakte het begin van de IRT-affaire.

MORGEN VOOR DE COMMISSIE:

De enquêtecommissie verdiept zich morgen opnieuw in de Amsterdamse ruzies rond het IRT en bekijkt verder hoe het precies ging met de drugscontainers die de douane moest doorlaten.

Eerst getuigt woensdag de Amsterdamse officier van justitie mr. J. Valente. Inbrekers namen uit Valentes woning gevoelige onderzoeksinformatie mee. Onbekenden trokken hem van zijn fiets, gooiden hem in een sloot en gaven hem te verstaan dat hij zijn werk moest staken. Hij is nu officier in Middelburg.

G. Bakker die daarna komt, is leider van de douanerecherche. Hij weet veel van de Fiod-douane-relatie die gisteren al aan de orde kwam.

Waarna de politieman F. van der Putten aan het woord komt. Hij heeft jarenlange ervaring bij Criminele Inlichtingen Diensten. Voordat hij bij het regiokorps Gooi- en Vechtstreek chef werd, stond hij aan het hoofd van de CID Dordrecht.

Ten slotte hoort de commissie-Van Traa de Utrechtse korpschef mr. J. Wiarda. Hij beschuldigde ooit het Amsterdamse korps van corruptie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden