Dossier patiënt bevatte al bewijs van resistentie

Microbioloog: 'Ernst melding kwam bij Maasstad niet over'

Ook zonder meldingen van buitenaf had het Maasstad Ziekenhuis moeten weten dat er een extra resistente Klebsiella-bacterie op de intensive care rondhing. Het dossier van de besmette patiënt die begin april naar het Amsterdamse Slotervaartziekenhuis werd overgeplaatst, bevatte daar al een aanwijzing voor.

"De patiënt, een 73-jarige man met brandwonden en hartklachten, kwam hier op 5 april binnen", vertelt Jayant Kalpoe, medisch microbioloog in het Slotervaart-ziekenhuis. "De patiënt werd toen al een week behandeld met carbapenems, een zware categorie antibiotica. Toch zat de bacterie nog steeds in zijn bloed. Dat is vreemd. Zoiets kan wijzen op resistentie."

Kalpoe deed een snelle robotanalyse, beschikbaar in elk ziekenhuis. Die wees op resistentie tegen carbapenems. Een uitgebreidere test, klaar op 8 april, bevestigde dit beeld. Nog diezelfde dag waarschuwde Kalpoe het Maasstad Ziekenhuis. Ook vroeg hij een aantal testuitslagen uit het Rotterdamse patiëntendossier op. Er zat een vergelijkbare robotanalyse tussen die al wees op de resistentie. Volgens de richtlijnen hadden de microbiologen na die uitslag meteen een aanvullende test moeten doen om de resistentie te onderzoeken. Kalpoe: "Het lijkt erop dat men heeft zitten te slapen."

Het enzym waaraan de bacterie de ongevoeligheid voor carbapenems dankt, Oxa-48, werd eind april door het RIVM opgehelderd. Er is een dure test voor nodig waar ziekenhuizen niet zomaar over beschikken. Voor de aanpak van de uitbraak is de aard van het enzym niet eens zo belangrijk, relativeert Kalpoe. "Het gaat erom dat je weet tegen welke middelen de bacterie resistent is, en dat was bekend."

Het Maasstad Ziekenhuis kampt ook al twee jaar met een lichtere vorm van resistente Klebsiella: een zogeheten ESBL-variant, die bestand is tegen veelgebruikte antibiotica als cefalosporines en penicilline. Zo'n langdurige uitbraak is volgens Kalpoe op zich al vreemd. Nog vreemder is het dat niemand heeft gemerkt dat de bacterie de ongevoeligheid voor carbapenems erbij had gekregen. Dit verergerde probleem had opgemerkt kunnen worden zodra een patiënt met een infectie niet meer genas met carbapenems. Mogelijk gebeurde dat al in oktober, toen de Oxa-48-uitbraak zou zijn begonnen.

Kalpoe heeft het Maasstad Ziekenhuis driemaal gewaarschuwd: op 8, 17 en 29 april. Hij sprak twee van de vier medisch microbiologen uit de maatschap van het ziekenhuis, en vond dat er nogal laconiek op zijn telefoontjes werd gereageerd. "Als ik toen had geweten wat er nog meer mis was in het ziekenhuis, had ik de Inspectie voor de Gezondheidszorg gebeld." Een derde medisch microbioloog uit de maatschap werd op 14 maart al op de hoogte gesteld van de carbapenems-resistentie door medisch microbioloog Ann Demeulemeester van het huisartsenlaboratorium Etten-Leur. Pas eind mei brachten de Rotterdamse microbiologen hun ziekenhuisdirecteur Paul Smits op de hoogte.

Kalpoe vindt het jammer dat de media zich nu vooral bezighouden met de schuldvraag. "We verspillen veel energie met het reconstrueren van wie wat precies wist, en wanneer. Op zich is dat belangrijk, ook voor nabestaanden die willen weten wat er is gebeurd. Maar belangrijker zijn de achterliggende wetenschappelijke vragen: hoe is deze bacterie het ziekenhuis binnengekomen, en kunnen we dat in de toekomst voorkomen?"

De bacterie, een Klebsiella pneumoniae met het resistentie-enzym Oxa-48 aan boord, is in 2004 voor het eerst beschreven in een Turks ziekenhuis. Sindsdien verspreidt zij zich snel over Europa. Er zijn al uitbraken geweest in Spanje, Frankrijk, België en Ierland, en nu dus ook Nederland. "Misschien is het verstandig om patiënten die in bepaalde landen zijn geweest voortaan te onderzoeken op deze bacterie, zoals we dat al jaren met veel succes doen bij MRSA-bacteriën", oppert Kalpoe. "Daar schiet je meer mee op dan met de contraproductieve 'blame game' waar we nu in blijven hangen."

Interimmer León Eijsman moet besmettingsprobleem oplossen
In het Maasstad Ziekenhuis gaat maandag interim-bestuurder León Eijsman (65) aan de slag om de problemen rond de besmetting op te lossen. De raad van toezicht stelt hem aan "omdat het bestrijden van de multiresistente bacterie niet te combineren is met het dagelijks bestuur van het ziekenhuis". Het laatste blijft directeur Paul Smits doen. Ondertussen hebben patiënten weinig vertrouwen meer in het ziekenhuis. De afgelopen twee weken hebben zeker 150 patiënten afgezegd uit angst voor de bacterie. Albert Grootendorst, hoofd van de medische staf en de intensive care, vindt dit vreselijk. Volgens hem heeft een klein clubje microbiologen het hele ziekenhuis een slechte naam bezorgd, terwijl de andere artsen prima werk leveren. Het toezicht is inmiddels zo streng, zegt hij, dat het voor patiënten nergens veiliger is dan in het Maasstad Ziekenhuis. Weliswaar zijn 27 besmette mensen overleden, maar Grootendorst schat dat de bacterie in hooguit één geval de dood heeft veroorzaakt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden