Doorbraak in het hol van de leeuw

En toen ging de telefoon. Een kans uit duizenden: 'Pelléas en Melisande' bij de Opera van Lyon. Eindelijk gerechtigheid voor de bescheiden Nederlandse dirigent Ed Spanjaard (55). Loopbaanplanning interesseert hem niet. Opeens gloort internationale erkenning.

,,Ik heb vannacht onrustig geslapen'', zegt dirigent Ed Spanjaard, drie dagen voor de première. ,,Dat is een goed teken. Gisteren zei mijn intuïtie voor het eerst dat het goed komt. Daar raak ik altijd wat geagiteerd van.'' Zondag is de première.

De bas Frode Olsen, die de blinde koning Arkel speelt, weet het zeker: ,,Dit wordt een mooie productie. Alle voortekenen wijzen erop. Dit moet een muzikaal en theatraal succes worden.'' Drie violistes uit het orkest zijn onder de indruk zijn van Spanjaards kennis van de partituur. En intendant Serge Dorny voorspelt dat dankzij de Nederlandse dirigent de beroemde Franse opera 'Pelléas et Mélisande' van Debussy ,,alles in zich heeft om een fantastisch resultaat op te leveren''.

Vrijwel niemand van de Opéra de Lyon -het tweede operagezelschap van Frankrijk- had ooit van de Nederlandse dirigent Ed Spanjaard (55) gehoord. Plotseling kwam hij invallen voor chef-dirigent Ivan Fischer, die bonje kreeg met de Belgische intendant Dorny. Maar na vijf weken repeteren heeft de innemende dirigent de harten en het vertrouwen van zangers en musici gewonnen. ,,Ook de tekst ken hij bijzonder goed'', zegt Paul Gay, die een van de hoofdrollen vertolkt. ,,Hij heeft ook een goed gevoel voor dramatiek. Een echte operadirigent.'' ,,Hij is heel duidelijk over wat hij wil bereiken'', zegt Olsen. ,,En dat is belangrijk bij zo'n fijnzinnige opera als deze. Het stuk heeft vooral veel verschillende 'kleuren' nodig. Spanjaard is daar heel goed in.''

Opeens staat een -voor het grote publiek relatief onbekende- Nederlandse dirigent volop in de schijnwerpers, in het buitenland. De Opéra de Lyon trof in Spanjaard een lot uit de loterij. Andersom geldt dat ook voor Spanjaard. Het is niet zomaar een productie: hij dirigeert de herneming van een legendarische productie van de Duitse regisseur Peter Stein. En dan is 'Pelléas et Mélisande' toevallig óók nog eens Spanjaards lievelingswerk, al sinds zijn zestiende.

De opera, gebaseerd op het libretto van de Belg Maurice Maeterlinck, beschrijft hoe de ridder Golaud verdwaalt in een bos en daar de geheimzinnige Mélisande ontmoet. Hij wordt verliefd en trouwt haar, maar vervolgens raakt zij verliefd op zijn jongere halfbroer Pelléas en hij op haar. Spelend bij een diepe put laat ze haar trouwring in het water vallen. De jaloerse Golaud doodt Pelléas, Mélisande sterft in het kraambed. Golaud blijft voor altijd in onzekerheid over de aard van de verhouding van Pelléas et Mélisande.

Spanjaard omschrijft de muziek van Debussy als 'bijna gewichtsloos, maar met een onmetelijke rijkdom onder de oppervlakte'. Met een zakpartituurtje van de opera bracht hij als puber de vakantie door. Hele delen eruit kan hij zingen. Hij deed er in de jaren zeventig auditie mee in Covent Garden, waar hij assistent-dirigent werd. Maar pas twee jaar geleden, in april 2002, voerde hij het werk echt uit. In Maastricht werd het met zijn eigen Limburgs Symfonie Orkest een magistrale concertante uitvoering.

Dat bleef niet onopgemerkt. Toen chef-dirigent Ivan Fischer het plotseling af liet weten, dacht casting director Robert-Jan Haitink voor de 'Pelléas' direct aan Ed Spanjaard. Bij Robert-Jans vader Bernard Haitink was Ed Spanjaard van 1977 tot 1979 trouwens nog assistent geweest.

Maar Spanjaard zei nee tegen het prachtaanbod. Hij was al bezet.

,,Ik sta ambivalent tegenover invallen'', zegt Spanjaard in een café op een steenworp afstand van de imposante opera van Lyon, een met veel glas overkoepeld gebouw aan de Rhône. ,,Ik wil me aan mijn woord houden.'' Hij zou twee hedendaagse Chinese opera's in het Concertgebouw dirigeren. Maar vrienden zeiden hem: dit mag je niet laten lopen. Zelfs de gedupeerde Chinese componist Guo Wenjing zei: 'Natuurlijk moet je het doen'.

Hoe mooi deze kans voor Spanjaard is, illustreert de e-mail die hij van Bernard Haitink ontving: 'Gefeliciteerd. Geweldig dat je het gaat doen.' Spanjaard: ,,Een e-mail van Haitink. En ik dacht eerst nog dat die mail van zijn zoon kwam.''

Spanjaard is allang een ervaren dirigent met een opvallend breed repertoire, maar door gebrek aan carrièreplanning lijkt hij nu pas door te breken. Hij is chef bij het Limburgs Symfonie Orkest, dirigeert sinds jaar en dag het Nieuw Ensemble en het Nederlands Kamerkoor, maar het grote werk leek niet op zijn weg te komen. Sinds vorig jaar is hij ontdekt door het Concertgebouworkest. En nu dan deze operaproductie: Frankrijks nationale erfgoed in het hol van de leeuw, met een Frans orkest en Franse zangers voor een Frans publiek. En met de beroemde Duitse regisseur Peter Stein.

De productie is legendarisch omdat Peter Stein letterlijk heeft uitgebeeld wat Debussy en librettist Maeterlinck schreven. Zingt Mélisande vanuit een torenvenster, dan komt er een toren. Dalen ze af in een grot, dan zien we een grot. Gaat het over duiven, dan vliegen er duiven over het toneel. Zo getrouw aan de tekst zijn regisseurs maar zelden. Decorontwerper Karl-Ernst Herrmann verbeeldde het poëtisch. 'Pelléas et Mélisande' is een sprookje en zo ziet het er op het toneel in Lyon ook uit.

Het is muzikaal en theatraal al een moeilijke opera, maar door deze regie en decors is het wel heel gecompliceerd geworden. De babypop heeft op afstand bestuurbare armpjes, zodat de pasgeborene levensecht in de armen van oma ligt. De met horten en stoten schuivende panelen zorgen tijdens de pregenerale voor veel oponthoud en woede bij de regisseur. Het schaap dat vijf seconden als figurant moet dienen, laat zich met moeite het podium op sleuren. En dan de duiven. Eén duif vliegt tijdens de repetities regelrecht de orkestbak in en neemt plaats tussen de voeten van Spanjaard. Stikkend van de lach dirigeert hij verder, terwijl de duif tussen de violisten door naar de hoboïst scharrelt.

De sfeer in het orkest is ontspannen, mede dankzij Spanjaard. ,,Het is zo'n aardige man,'' zegt bariton Paul Gay. ,,Hij is menselijk. Dat geeft de zangers zelfvertrouwen'', zegt de bas Olsen. Ook intendant Dorny roemt de houding van Spanjaard. ,,Hij is allesbehalve defensief. Hij heeft een open mind. Zijn ego zit absoluut niet in de weg.''

Ook met regisseur Stein heeft Spanjaard een goede verhouding. En die is toch niet de makkelijkste, gezien het feit dat hij pas na lang aandringen één journalist bij de repetities wil toelaten. ,,Stein en Spanjaard hebben respect voor elkaar'', zegt intendant Dorny. ,,Ze nemen elkaars aanwijzingen over. Ze kennen beiden de partituur door en door en hebben dezelfde aandacht voor het detail.'' Ook andere omstanders hebben geconstateerd dat dirigent en regisseur goed met elkaar overweg kunnen en tegen elkaar opgewassen zijn.

Spanjaard is vol lof over Stein. Er zijn maar weinig regisseurs die partituur kunnen lezen. Stein kan het wel en dat vertaalt zich in de regie. Spanjaard: ,,Hij begrijpt de gestiek in de muziek. Of er nu lange, jugendstil-achtige muzikale lijnen staan of dat het stokt, je ziet het terug in de bewegingen van de zangers.'' Steins aanwijzingen tijdens de repetities laten dat zien. Pelléas moet op zeker moment omzichtiger lopen, niet recht op Mélisande af. Stein: ,,Luister maar. Want de muziek is daar nog aarzelend.''

Enige kritiek heeft Spanjaard wel op de opvattingen van Stein. Bij Mélisande heeft het mysterieuze plaatsgemaakt voor berekenendheid. ,,Deze Mélisande weet wel erg goed hoe ze de mannen om haar vingers moet winden'', lacht Spanjaard. ,,Ze is zich erg bewust van zichzelf. Muzikaal leidt dat ertoe dat het soms wat bedacht wordt.'' Het betekent dat Spanjaard 'een klein beetje' van zijn muzikale wensen in heeft moeten leveren. Ook vindt Stein het erg belangrijk dat alle zang wordt gehoord, terwijl Spanjaard soms de meeslepende orkestmuziek voluit wil laten horen. ,,Het zou kunnen dat ik het nu iets ingetogener speel dan in Maastricht. Misschien verandert dat nog. We moeten de balans nog vinden in deze zaal.''

Maar volgens zijn assistent Ruud van Eeten, die er twee jaar geleden in Maastricht ook met zijn neus bovenop zat, is de interpretatie van Spanjaard alleen maar rijker en dieper geworden. ,,Al die nuances die hij aanbrengt. Dit wordt nog mooier dan in Maastricht'', jubelt hij.

De voorstelling in Maastricht was al een droom voor Spanjaard, deze in Lyon kan nog boven die ervaring uit gaan torenen. De voortekenen zijn er naar. Wat te denken van het volgende waargebeurde verhaal. Spanjaard loopt door Lyon langs de rivier de Rhone, als hij plotseling een gouden trouwring ziet liggen. Hij neemt hem mee om hem af te geven bij een politiebureau, maar eerst wil hij hem laten zien aan de zangers. De trouwring, die Mélisande spelenderwijs in een put laat vallen, is immers het belangrijkste symbool van de opera en siert de affiches. De bijgelovige Patricia Petitbon, die Mélisande speelt, schrikt ervan. Maar een uitgelaten Stein pakt de ring en gooit hem, net zoals Mélisande in de opera doet, een paar keer hoog omhoog. En net als Mélisande laat hij de ring per ongeluk vallen. Hij rolt de orkestbak in en verdwijnt door een spleet in het souterrain. Zoekacties met grote lampen baten niet: de ring is verdwenen. ,,Ongelooflijk verhaal, hè,'' zegt Spanjaard.

Na deze periode is hij nog niet klaar met Debussy's meesterwerk. ,,Weet je wat ik volgend jaar bij de Nationale Reisopera ga doen? 'Pelléas et Mélisande'. Met Johannette Zomer als Mélisande. Vreemd, hoor. Eerst heb ik veertig jaar moeten wachten om deze opera te kunnen doen. En nu krijg ik er drie in vier jaar. Je denkt misschien: wat kan dat nog betekenen na Lyon. Maar ik heb er nu al enorm veel zin in.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden