Door de ogen van een Aziaat

Mishra laat zien hoe oosterlingen tegenover het dominante Westen hun eigen visie op een ideale wereld ontwikkelden

Praat niet over politiek en religie, zo blijft een etentje gezellig, zou Beatrijs Ritsema kunnen adviseren in Trouws rubriek 'Moderne Manieren'. Mocht de avontuurlijke vakantieganger na een reis naar het exotische India, een duikexcursie op Bali of een kookcursus in Thailand onverhoopt in Pakistan belanden, dan is het verstandig deze wijsheid op te volgen.

Pakistanen zijn bijzonder gastvrij tegen buitenlanders. Voor je het weet zit je aan de thee met koekjes of aan een smakelijke curry. Maar er is ook goede kans dat je tijdens de maaltijd in een monoloog belandt over het onrecht dat het Westen het land heeft aangedaan. Amerika, eventueel samenspannend met 'de Joden', zou bijvoorbeeld de Afghaanse Taliban en Al-Kaida hebben opgericht. Ook zouden Washington en Tel-Aviv achter de gewapende extremistische groepen in Pakistan zitten, met als doel het land in stukken te breken. Allemaal volslagen onzin natuurlijk, maar het wordt als 'historisch feit' aan de bezoeker gepresenteerd.

Natuurlijk is Pakistan een extreem geval. Het leger en de geheime dienst steunen zelf vaak extremisten. Ze hopen dat die bruikbaar zijn tegen buurlanden en interne tegenstanders. Om verantwoordelijkheid voor het bloedvergieten te ontlopen wordt propaganda verspreid die de schuld bij buitenlandse samenzweerders legt.

Het gevoel van onrecht dat het Westen de Aziaten aan heeft gedaan is een breder gedeeld fenomeen. Mensen reageren zeer gevoelig als zij menen dat westerlingen met een moraliserende vinger zwaaien, en wijzen graag op door de VS of Europa veroorzaakte misstanden. Zo zien veel Pakistanen weinig verschil tussen de huidige westerse troepen in Afghanistan, het Sovjetleger daar in de jaren tachtig, en de Britse koloniale expedities in de negentiende eeuw.

De Indiase schrijver Pankaj Mishra laat de oorsprong van dit soort denkbeelden zien in zijn boek 'Op de ruïnes van het imperialisme'. Hij beschrijft hoe Aziatische denkers reageerden op de westerse imperialistische overheersing die begon in de negentiende eeuw.

Hij kiest hierbij voor twee minder algemeen bekende personen: de Iraniër Jamal al-Din al-Afghani (1838-1897) en de Chinees Liang Qichao (1873-1929). Zij behoorden tot de eersten die nadachten over de vraag hoe Aziaten zich aan de westerse dominantie konden ontworstelen. Daarmee hadden ze grote invloed op zowel tijdgenoten als latere generaties.

Al-Afghani trok door grote delen van de islamitische wereld. Hij woonde en publiceerde in Caïro, Istanboel en Teheran. Daarbij veranderde zijn gedachtengoed regelmatig. Eerst ijverde hij voor een reformatie binnen de islam, waarbij hij zichzelf de rol van Maarten Luther toebedacht. Toen dit tot niets leidde werkte hij enige tijd voor de Ottomaanse sultan, in de hoop dat die de wereldwijde gemeenschap van moslims kon leiden. In Brits-Indië benadrukte hij juist weer het gedeelde lot van moslims en hindoes als koloniale onderdanen.

De rode draad in het boek van Mishra is de zoektocht naar een middenweg tussen moderniseren volgens westers model en het vasthouden aan de eigen cultuur. Al-Afghani, en vele andere denkers die in het boek aan bod komen, begrepen de noodzaak van modernisering in een wereld waarin zwakke staten gedomineerd werden door sterkere.

Tegelijkertijd vonden ze de Europeanen maar culturele en spirituele barbaren die hun samenleving hadden ingericht op winstbejag ten koste van gemeenschapswaarden, en die te veel alcohol nuttigden.

Dat juist die immorele westerlingen de wereld controleerden, zorgde voor ressentiment onder oosterlingen, dat vandaag de dag nog voortleeft. Mishra maakt dit goed duidelijk door zijn intellectuele biografie van Al-Afghani en Qichao te combineren met wereldgeschiedenis vanuit Aziatisch perspectief.

Hij begint zijn boek met de Zeeslag bij Tsu-shima (27-28 mei 1905). Hier versloeg het gemoderniseerde Japan een Russische vloot. Dit was de eerste keer dat Aziaten de Europeanen op hun eigen specialisme de baas waren.

Het leidde tot blijdschap in de rest van de wereld, en maakte indruk op latere antikoloniale voorvechters als Kemal Atatürk (Turkije), Ho Chi Minh (Vietnam) en Jawaharlal Nehru (India).

In zijn enthousiasme over zulke gebeurtenissen laat Mishra zich soms door persoonlijke voorkeuren meeslepen, ten koste van een genuanceerde historische analyse. Hij presenteert oosterse rijken als lichtende voorbeelden van harmonie en sociale rechtvaardigheid, zonder hiervoor historisch bewijs aan te dragen. Zaken als het Indiase kastenstelsel of de Chinese verovering van Tibet komen ook niet aan bod.

Op het einde van het boek verliest de Indiase schrijver zich in een betoog tegen het kapitalisme. Dat is volgens hem een destructief systeem dat tot oorlogen en conflicten leidt.

Oosters gedachtengoed zou een alternatief moeten bieden. De auteur verwijst met weemoed naar de in India vergeten ideeën van Mahatma Gandhi. Die wilde dat Indiërs zelfvoorzienend in plattelandsdorpjes gingen leven.

De meeste Indiërs willen liever in een normaal huis wonen en hun kinderen laten studeren. Dat is logisch als je zelf voor onderwijs en gezondheidszorg moet betalen, en honderden miljoenen landgenoten proberen zich uit bittere armoede op te trekken. Dat veel Aziaten dit ook is gelukt, komt door pragmatische economische hervormingen, niet door idealistische filosofieën.

Met romantische gedachten over premoderne utopische gemeenschappen maakt Mishra zich dan ook schuldig aan een denkfout die hij terecht veel westerlingen verwijt, namelijk een 'obsessie met slecht begrepen oosterse filosofieën en religies'.

Ideeën over spiritualiteit, meditatie en yogacursussen vinden, losgetrokken van hun culturele context, gretig aftrek bij de nazaten van de koloniale overheersers, die nu in groten getale in Azië vakantie vieren. Maar een Aziaat, die in een sterk op familie en het collectief gerichte cultuur leeft, zal zich niet met activiteiten op dit terrein bezighouden omwille van vrijgevochten noties als 'tijd voor jezelf' of 'zelfontplooiing'.

In Zuid-Azië is het gearrangeerde huwelijk bijvoorbeeld nog steeds een normale praktijk. En de maagdelijkheid van de vrouw is voor mannelijke familieleden een belangrijke erekwestie, die soms zelfs met geweld verdedigd moet worden. Dit is ook een onderdeel van de door Mishra geprezen maar ongedefinieerde moraliteit en sociale harmonie.

Voor een westerse bezoeker kunnen zulke Aziatische denkbeelden dan ook ongemakkelijke situaties opleveren. Een op het eerste gezicht vooruitstrevende Pakistaanse kunstcriticus vertelde mij eens vol enthousiasme over Koninginnedag. Dat had hij ooit in Amsterdam gevierd. Met xtc.

Maar toen ik hem bij een andere gelegenheid vroeg te reageren op een uitspraak van enkele studenten van de kunstacademie in Lahore, barstte hij los. "Wat denken ze wel! Ze hebben seks voor het huwelijk, gaan met een dozijn mannen naar bed voor ze trouwen. Zouden zij iets kunnen zeggen over wat wel of niet kan in de kunst?"

Een evenwichtige analyse van het huidige Azië of de wereldgeschiedenis is Mishra's 'Op de ruïnes van het imperialisme' niet. Maar een vlot geschreven en provocerend boek is het wel. Het biedt een waardevolle inkijk in het perspectief van oosterlingen. Dat zal, wat westerlingen er ook van vinden, de komende decennia aan belang winnen door de groeiende economische en politieke macht van Aziatische landen in de wereld.

Pankaj Mishra: Op de ruïnes van het imperialisme. De opstand tegen het Westen en het nieuwe Azië. (From the Ruins of Empire) Vertaald door Jan Braks. Atlas Contact, Amsterdam; 432 blz. euro 39,95

Geen evenwichtige analyse, maar het boek biedt een waardevolle inkijk in het perspectief van oosterlingen

Wonen in Hongkong. 'Tijd voor jezelf' en 'zelfontplooiing' zijn geen waarden die Aziaten vooropstellen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden