Donner schaft hier af wat hij in Europa instelt

Gedetineerden hebben recht op onafhankelijk toezicht op de toepassing van de straf. Alleen ambtelijke inspectie is onvoldoende, zeker nu het detentiebeleid zo verandert.

Deze week heeft de Tweede Kamer het opnieuw over een wetsvoorstel van minister Donner over het toezicht op onze gevangenissen. Een modern, beschaafd land hoort onafhankelijk toezicht te hebben op de positie en bejegening van zijn gedetineerden. Ons land kent zo'n onafhankelijk toezicht al heel lang, de laatste jaren als een taak van de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming (RSJ). Deze raad treedt op als beroepsinstantie en zij heeft als taak de minister te adviseren over alle zaken aangaande de tenuitvoerlegging van straffen. Daar sluit de toezichtfunctie vanzelfsprekend bij aan. Op dit punt heeft ons land internationaal een voorbeeldfunctie.

Het principe van onafhankelijk toezicht is zeer onlangs door de Raad van Ministers van de Raad van Europa erkend. Op 11 januari heeft deze Europese Raad van Ministers nieuwe gevangenisregels aanvaard. Daarin wordt uitdrukkelijk gesteld dat naast een ambtelijke inspectie ook onafhankelijk toezicht (Rule 93) noodzakelijk is door een organisatie die niet afhankelijk is van ministeriële aansturing. De Nederlandse minister van justitie heeft onder deze regels zijn handtekening gezet. Het merkwaardige is nu dat dezelfde minister in ons eigen parlement iets heel anders bepleit. Minister Donner wil namelijk een ambtelijke inspectie die niet náást de RSJ komt te functioneren maar die het bestaande onafhankelijk toezicht door de RSJ moet vervangen.

De leden van de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming die het toezicht uitvoeren komen uit verschillende geledingen. Zij behoren tot de meest vooraanstaande deskundigen op het gebied van het penitentiair recht en de gedragswetenschappen en worden ondersteund door een solide, professioneel secretariaat. Als zodanig beschikt de RSJ over aanmerkelijk bredere vakinhoudelijke kennis dan welke ambtelijke inspectie ook. Dat stelt hem als geen andere instelling in staat om vergelijkingen te trekken, algemene ontwikkelingen onder de aandacht te brengen en internationale trends te signaleren. Bovendien voert de RSJ zijn bezoeken zeer frequent uit en dat doet zij tot ieders tevredenheid op kwalitatief goede manier tegen relatief lage kosten. Tenslotte zal de RSJ in het kader van zijn adviestaak uiteraard bezoeken blijven afleggen aan de inrichtingen.

Het opheffen van de toezichtfunctie van de RSJ roept dan ook veel vragen op, over goed en efficiënt gebruik van beschikbare deskundigheid en middelen, over aansluiting bij recente Europese regelgeving en daarmee over de noodzaak van onafhankelijk toezicht. De Kamer heeft de minister op al deze punten om uitleg gevraagd en in het debat op 8 februari heeft de minister de Kamer nog allerminst kunnen overtuigen van de wenselijkheid van zijn plan. Het cruciale punt is de kwestie van de onafhankelijkheid. Vanuit het ministerie wordt op dit moment gewerkt aan een serie ingrijpende beleidswijzigingen op het hele terrein van de detentie. Veel is daarbij nog onduidelijk. In die omstandigheden is het bij uitstek noodzakelijk dat een instantie in volledige onafhankelijkheid toezicht houdt op de rechtspositie en bejegening van de gedetineerden.

Het is goed denkbaar om geheel in overeenstemming met de nieuwe Europese regels zowel een ambtelijke inspectie als een onafhankelijke toezichthouder te laten functioneren. Die hoeven elkaar niet voor de voeten te lopen en de inrichtingen niet extra te belasten. Enige coördinatie van alle bestaande toezicht is sowieso wenselijk. De RSJ houdt dan zijn taak te letten op de rechtspositie en bejegening van de gedetineerden en de inspectie zou de bezoeken kunnen coördineren.

In zijn reactie op vragen vanuit de Kamer schrijft minister Donner dat 'doordat de bedrijfsmatige en individuele belangen zo met elkaar samenhangen, het toezicht hierop juist in één hand gehouden zou moeten worden.' Bedrijfsvoering en bewaking van de rechtspositie in één hand? Deze opvatting staat haaks op onze respectabele Nederlandse traditie én op de Europese regels die dezelfde minister een maand geleden heeft ondertekend. Is minister Donner nu werkelijk van plan om in ons land af te schaffen wat hij samen met zijn Europese collega's net heeft besloten overal in te voeren?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden