Dominee ontwikkelt popliturgie

Met popmuziek heeft de kerk een moeizame relatie. Ten onrechte, volgens dominee Jan Andries de Boer, die voorgaat in kerkdiensten met muziek van Blüf en U2. „Popmuziek heeft een hedonistisch imago. Maar seksualiteit en geloof gaan heel goed samen.”

Dominee Jan Andries de Boer was erbij vorig jaar juli, toen rockgroep U2 optrad in de Amsterdam ArenA. „Ik heb non stop gedanst.” In het concert zag hij alle elementen van een kerkdienst. „Gemeenschapszang en gemeenschapszin. Gebed, zegen en de Tien Geboden.” Thuis in Broek op Langedijk pakt de dominee van de Protestantse Kerk in Nederland een cd. „Ik zal het je laten horen.”

Het volume van de stereo gaat omhoog en daar klinkt U2’s ’Beautiful Day’: „The heart is a bloom, shoots up throught the stony ground.” Het hart als ontkiemende plant, zegt De Boer, dat komt uit Jesaja 53. Dat weet de dominee dankzij een website waarop bijbelse verwijzingen in het oeuvre van U2 verzameld zijn.

Toen De Boer zijn kerkenraad vertelde over het concert ontstond het idee een hele U2-dienst te houden, met nummers van U2 op de plaats van psalmen en gezangen. Als gloria-lied werd (vanzelfsprekend) ’Gloria’ afgespeeld en de gebeden begonnen met het lied ’Yahweh’.

Nu zijn er boeken volgeschreven over het ’christelijke’ van U2, dus verrassend hoeft een kerkdienst rond die groep niet te zijn.

Minder evident is een liturgie met popmuziek van de Nederlandse band Blüf. De Boer zag in de ballade ’Streep mijn naam maar weg’ (’uit je boekje met adressen’) een gebed om inkeer. In de dienst sprak hij: „Heer, hier zijn wij, met onze gaven en onze gebreken. Met wat goed is, maar ook met wat ons zover kan brengen dat we zeggen: streep mijn naam maar weg, uit je boekje met adressen.”

De Boer bezit een cd-collectie van meer dan 7000 titels. Muziek, zegt hij, geeft een tekst ’een bedding’. „Daardoor blijven woorden niet in je ratio hangen, maar schieten ze rechtstreeks naar je hart.”

Toen hij net in Broek op Langedijk ’stond’, realiseerde De Boer met broer Laurens en het ensemble De Watertoren het project ’Een vuurgloed’. Zeven hedendaagse componisten schreven muziek bij bijbelse thema’s als rust, hartstocht, en Gods heiligheid. De compositie over ’hel’ was voor piano en slagwerk en werd uitgevoerd tijdens een dienst waarin De Boer preekte uit Jeremia.

De stap naar een liturgie met popmuziek lijkt dan klein, maar kerk en pop onderhouden een moeizame relatie. Dat komt, vermoedt De Boer, door het hedonistische imago van de popmuziek – seks, drugs en rock ’n roll – terwijl de kerk zich vaak antilichamelijk heeft opgesteld. „Aan ’Gij zult niet echtbreken’ wordt in morele zin veel zwaarder getild dan aan ’Gij zult niet doodslaan’”, schreef De Boer eens. „Onder omstandigheden konden wapens door de kerk gezegend worden, terwijl het verbod dat verbiedt een aangegaan huwelijksverbond te verbreken werd verbreed tot een gebod dat alles wat met seksuele lust te maken had van God uit verbood.”

„Terwijl seks en geloof prima samengaan”, zegt De Boer. „Lichamelijke liefde is óók van God gegeven.”

Twijfel over zondigheid (mag je genieten van seks?) tref je volgens De Boer aan in veel popmuziek. „Luister maar”, zegt hij, en hij start het lied ’Sunday morning call’ van de Britse band Oasis. Al bij de eerste tonen deint De Boer mee op het ritme. „Jáá, dit is echt goed”, zegt hij. „Ik hou erg van Britpop.”

Hardop denkend: „Die call op zondagochtend zijn volgens mij kerkklokken. Ze herinneren aan de religieuze laag van het leven. De hoofdpersoon in het lied vraagt zich af: waar ben ik mee bezig? ’Je kunt dansen tot het ochtendlicht’, zingt hij, ’maar tegen welke prijs?’.”

Die twijfel over zondigheid signaleert De Boer ook bij de groep Depeche Mode, vooral in hun lied ’One caress’ (’Eén omhelzing’). ’Leid mij je duisternis in’, zingt de hoofdpersoon tegen een vrouw. „Hij ervaart dat hij moet kiezen”, zegt De Boer.

„Tussen goed en kwaad, liefde voor een vrouw of liefde van God. In de liefde voor een vrouw ervaart hij zegen. Hij zingt: ’door één omhelzing van jou ben ik gezegend’. Prachtig.”

Overtuigd atheïsme, zegt De Boer, komt vrij weinig voor in de pop. De dominee zoekt wat op zijn iPod en daar klinkt de Vlaamse groep Monza: ’Van God los, laat die God los, er is niemand in de kosmos’.

„Je mag van mij best verkondigen dat we God moeten loslaten”, zegt De Boer. „Ik mag immers ook het omgekeerde stellen. Maar je moet niet gaan spotten.”

En dát doen popmuzikanten regelmatig. ’Het opzettelijk negatief gebruiken van religieuze thema’s en symbolen’, noemde De Boer dat in zijn scriptie over popmuziek en geloof waarmee hij in 1988 afstudeerde aan de Vrije Universiteit.

Hij laat de Amerikaanse zangeres Tori Amos horen. ’God, soms bent u niet te volgen’, zingt ze. En: ’Heeft u soms een vrouw nodig om voor u te zorgen?’

„Tori mist het vrouwelijke element in het dominante godsbeeld”, zegt De Boer. „Dat kan natuurlijk. Ik vind haar muziek bijzonder, maar zulke teksten spreken mij niet aan. Tori Amos is het type dat tarotkaarten op haar piano heeft liggen. Dan haak ik af.”

Maar een vrouw aan Gods zijde – is dat geen spannend gedachte-experiment? De Boer: „God afschilderen als een macho die wel wat vrouwelijke invloed kan gebruiken, dat vind ik heiligschennis.”

Waarmee het grote woord gevallen is. De Boer wil er nog wel een voorbeeld van geven: Robbie Williams – misschien wel hét

popicoon van de laatste jaren. Door de pastorie schalt nu ’Jesus in a camper van’, dat handelt over een soort rondreizende prediker, in wezen een bange man die slaapt met het licht aan. „Het Messiassyndroom”, zegt De Boer. „De man in dat lied kan alleen nog maar schietgebedjes doen.”

De nummers van Robbie Williams vindt hij muzikaal vaak aanstekelijk, zegt De Boer. „Maar aan hem als persoon heb ik nogal een hekel.” Dat zit zo: tijdens een optreden riep Williams eens ’Fuck only knows’, verwijzend naar het bekende ’God only knows’. Dat was voor De Boer de druppel.

Op het podium wil Robbie nog wel eens zijn broek laten zakken. En zo’n lied als ’Jesus in a camper van’, zegt De Boer, „dat is alsof je je broek naar beneden doet en een wind laat, recht in het gezicht van God.”

Goed, Robbie valt dus duidelijk af, maar welk popnummer – uitgezonderd die van U2 en Blüf – zou De Boer nog wel willen gebruiken in een kerkdienst?

„Misschien ’One Caress’ van Depeche Mode”, zegt hij. „Als voorbeeld dat seksualiteit en geloof geen tegenstelling zijn.”

Denkt na. „The Cranberries”, zegt hij dan. „Die groep deugt wel, vind ik.” De Boer zet het nummer ’Salvation’ van de Ierse groep op. ’Salvation is free’, klinkt het kernachtig. „Dit is een buitengewoon positief lied”, zegt De Boer. „Maar heel krachtig vind ik het niet.”

Het refrein is de dominee evenwel uit het hart gegrepen. „De verlossing is gratis. Sola gratia. Ja, daar ben ik het gráág mee eens.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden