Dollars boven kiezers

De Republikeinse kandidaat Rand Paul (tweede van links) zweert trouw aan het vaderland tijdens een diner in Washington. Beeld afp

De Amerikaanse presidentskandidaten proberen nog voor de eerste stem wordt uitgebracht zoveel mogelijk steun te verwerven van partijbonzen en rijke geldschieters. Deze 'onzichtbare voorverkiezingen' winnen aan gewicht.

De ogen van politiek Amerika zijn dezer dagen gericht op Hillary Clinton, Jeb Bush en Mitt Romney. Mitt wie? Mitt, de verliezende kandidaat van 2012? Mitt die het 'misschien in 2016 wel weer probeert'?

Ja, die. Vlak voordat Hillary Clinton haar campagne in een hogere versnelling gooide, zaterdag op Roosevelt Island in New York, en Jeb Bush eindelijk officieel voor zijn presidentiële ambities uitkwam, gisteren in Miami, riep Romney de 'E2 topconferentie' bijeen, van donderdag tot en met zaterdag in Park City in Utah.

En als Romney je uitnodigt, dan kom je: Carly Fiorina was er, ex-topvrouw van Hewlett Packard en sindsdien verliezer van verkiezingen; Marco Rubio, senator voor Florida en potentiële stemmentrekker bij latino's; Scott Walker, gouverneur van Wisconsin en bedwinger van machtige vakbonden; Lindsey Graham, senator voor South Carolina en degene die weet hoe het verder moet in Irak; John Kasich, de gouverneur van Ohio, een van de staten die elke vier jaar de doorslag geven bij de presidentsverkiezingen; en Chris Christie, gouverneur van New Jersey en politiek straatvechter in de buitencategorie.

Drie dagen in Utah betekent drie dagen die verloren zijn voor het campagnevoeren. Dan kun je geen bijeenkomst toespreken in New Hampshire, waar begin volgend jaar de eerste echte voorverkiezing wordt gehouden. Je kunt geen handen schudden en doen alsof je het eten lekker vindt in een tot eethuis omgebouwde treinwagon in een stadje in Iowa, waar ze zelfs nog iets eerder de eerste stemvergaderingen houden.

Offer
Maar voor de opgekomen politici was Park City dat offer wel waard. Als Jeb Bush niet druk bezig was geweest met het oppoetsen van zijn imago als internationaal leider tijdens een rondreis door Europa, dan was hij ook gekomen. Want behalve politici was ook geld aanwezig. Heel veel geld. Geld dat op zoek was naar de beste kandidaat om het aan te schenken.

Het brandt in de zakken van de geldschieters die drie jaar geleden Romney steunden tijdens zijn lange weg van de voorverkiezingen naar de Republikeinse nominatie. Nu Romney - na wat aarzeling begin dit jaar - heeft besloten dat hij geen kandidaat is, zoeken ze een andere favoriet.

Ze hebben nog genoeg vertrouwen in Romney om zich door hem te laten adviseren over wie dat zou moeten zijn. Omgekeerd stellen ze zo Romney in de gelegenheid zich te transformeren van de verliezer van de laatste verkiezingen tot een gerespecteerde politicus in de coulissen, de tijdelijke leider van de Republikeinse partij tijdens de komende verkiezingen.

Beeld Bron: The Atlantic

De lijst met genodigden is een indicatie van het soort Republikein dat volgens Romney de verkiezingen moet en kan winnen: geen morele scherpslijpers als Rick Santorum, geen radicale libertair als Rand Paul, maar solide, economisch rechtse politici die hebben bewezen verkiezingen te kunnen winnen door brede groepen aan te spreken.

'Onzichtbare voorverkiezingen'
Het is natuurlijk niet alleen bij Romney dat gegadigden hun opwachting maken. In april mocht een aantal bijvoorbeeld langskomen bij Sheldon Adelson in Las Vegas, een Joodse gokmagnaat met naar verluidt een vermogen van 29 miljard dollar. In 2012 vond hij de presidentiële ambities van Newt Gingrich 13 miljoen euro waard.

In de Amerikaanse media heet dit proces 'de onzichtbare voorverkiezingen': kandidaten, en zij die het vermoedelijk zullen worden, proberen nog voor de eerste stem wordt uitgebracht zoveel mogelijk steun te krijgen van Republikeinse partijbonzen en rijke geldschieters.

Dat gevecht om het geld is de afgelopen jaren in razend tempo belangrijker geworden. Want in 2010 besliste het Hooggerechtshof dat de tot dan toe geldende regels voor giften aan kandidaten niet door de grondwettelijke beugel konden. "Geld is ook meningsuiting", was de kern van de beslissing in 'Citizens United v. Federal Election Commission'.

Nog steeds mag een burger of bedrijf maar een relatief klein bedrag aan een kandidaat geven: 2700 dollar (2400 euro) in de voorverkiezingen, en nog eens dat bedrag voor de eindstrijd tussen een Democraat en een Republikein.

Maar aan organisaties die zelfstandig hun mening geven over kandidaten en beleidsonderwerpen, mag je zoveel geven als je maar wilt, vond het hof. Hoe meer van dat soort meningsuiting, hoe beter, en elke poging om op dat vlak een evenwicht tussen rijke en arme organisaties af te dwingen, zou neerkomen op kneveling van het politieke debat.

Super-PAC
En dus heeft elke kandidaat tegenwoordig zijn 'super-PAC', zoals die vrij opererende organisaties in de wandelgangen heten: PAC staat voor Political Action Committee. Dat is een organisatie waar de kandidaat formeel geen zeggenschap over mag hebben, overleg mee mag plegen of donaties voor mag vragen. Maar die ondertussen overduidelijk op zijn hand is, met een oorlogskas die de reguliere campagnekas van de kandidaat ver kan overtreffen.

Norman Braman en David Koch Beeld getty

Een super-PAC kan een kandidaat dus enorm helpen, en helemaal, paradoxaal genoeg, als hij nog geen kandidaat is. Neem de niet-kandidaat die, ieder geval de afgelopen maanden, algemeen als de grootste kanshebber voor de Republikeinse nominatie werd beschouwd: Jeb Bush. Tot gisteren hield Bush stijf en strak vol dat hij nog niet beslist had of hij zich kandidaat zou stellen - al versprak hij zich wel een keertje. Maar een super-PAC had hij al wel. En als niet-kandidaat kon hij daarmee overleggen zoveel hij wilde. Tijdens bijeenkomsten bij geldschieters kon hij hen rustig vragen hun geld aan die organisatie, Right to Rise, over te maken. Van dat geld nam het PAC mensen aan die hielpen bij zijn campagne. In feite was het zijn campagne-organisatie.

Onverwacht succes
En de miljoenen stroomden binnen bij Right to Rise. Geen wonder, want in de hoogste regionen van de Republikeinse partij betekent de naam Bush nog altijd veel. Het mag waar zijn dat vader George H.W. het maar één termijn volhield, waarin hij de belastingen nog verhoogde ook, en dat broer George W. het land in twee oorlogen verwikkelde, waar de meeste Amerikanen nu de zin niet meer van inzien; het blijven ex-presidenten. Overal in het land zitten mensen die voor hen hebben gewerkt, en inmiddels zelf gul kunnen geven, of mensen kennen die in de buidel willen tasten. Van de 'Bush Rolodex' zouden concurrenten niet terug hebben, zo was de verwachting. Velen zouden misschien de moed wel meteen opgeven.

Maar dat is niet gebeurd. De belangstelling onder Republikeinse politici voor de straks vacante arbeidsplaats van Barack Obama is groot gebleken. En de sollicitanten hebben zich niet laten afschrikken door de miljoenen van Jeb Bush. Integendeel, kandidaten als Marco Rubio en Scott Walker hebben zelf onverwacht groot succes met het ophalen van geld. Met name Rubio valt bij een aantal vooraanstaande Republikeinen in de smaak omdat hij jong en enthousiast is. Met Rubio (44) denkt iemand als Larry Ellison, oprichter van software-bedrijf Oracle, zal de partij geloofwaardiger een gooi doen naar het opvolgen van Barack Obama (53) dan wanneer ze met iemand als Jeb Bush (62) teruggrijpt op de generatie van George W. Bush (68). Helemaal omdat de Democraten dat met Hillary Clinton (67) wel lijken te gaan doen.

Een van de Republikeinen die zo denken, is de miljardair Norman Braman, een 82-jarige inwoner van Rubio's thuisstaat Florida die miljarden verdiende met onder meer een keten van auto-dealers. Braman steunt Rubio al jaren financieel, politiek maar ook privé - bijvoorbeeld door een school te betalen om Rubio als docent aan te nemen. Rubio heeft hem in een interview met The New York Times een vaderfiguur genoemd. En Braman gelooft in zijn aangenomen zoon: hij is van plan om tien miljoen dollar in zijn campagne te stoppen.

Ken Langone en Sheldon Adelson Beeld getty

Lucratief
Met zo'n stevige wind in de rug krijgt een kandidaat ook van anderen weer gemakkelijk geld. Het bezoeken van potentiële gevers is voor Rubio momenteel zo lucratief, dat hij de voorkeur geeft aan dollars boven kiezers, en nauwelijks campagne voert in de staten waar je dat traditioneel doet in deze fase van de strijd: Iowa, New Hampshire, South Carolina en Nevada.

Dat zijn de staten waar volgend jaar het eerst gestemd wordt. Doorgaans was het tot nu toe zo dat kandidaten die het daar enorm slecht doen het vertrouwen van hun geldgevers verliezen, en daardoor geld tekort komen om de achterstand in latere voorverkiezingen in te lopen. Omgekeerd wachten veel geldgevers af wie er in die vroege krachtmetingen wint, voor ze beslissen aan wie ze hun steun gaan geven.

Maar de aanpak van zowel Bush als Rubio doet vermoeden dat dit model wel eens zou kunnen wankelen. Als er zoveel geld door de politieke arena klotst dat kandidaten zonder financiële zorgen het complete voorverkiezingen-seizoen tegemoet kunnen zien, dan zijn die eerste staten dus opeens niet zo belangrijk meer. Politici die 'de onzichtbare voorverkiezingen' hebben gewonnen kunnen zich dan concentreren op de staten waar ze voor zichzelf de meeste kans zien.

Politiek theater
Voor het politieke theater zou dat wel jammer zijn: elke vier jaar is het weer amusant om politici te zien vertrekken naar staten met weinig inwoners, om daar in huiskamers en eetcafés te gaan bewijzen dat ze in staat zijn tot persoonlijk contact met de kiezer.

Maar aan de andere kant is dat theater een bar slechte weerspiegeling van de politieke werkelijkheid. In Iowa bijvoorbeeld moeten Republikeinen een ultrarechts, christelijk soort Republikein voor zich proberen te winnen, iets waar ze landelijk gezien helemaal geen belang bij hebben. En vanwege de vele maisboeren onder die kiezers moeten ze voor subsidies op benzine-vervanger ethanol zijn, ook al vinden ze dat in hun hart niet verstandig.

De bakken met geld die miljonairs hen toestoppen, bevrijden hen daarvan. Die grote giften komen natuurlijk ook met voorkeuren en voorwaarden voor beleid. Maar ze bevrijden politici en campagneteams ook van het bij elkaar sprokkelen van duizenden giften van hoogstens 2700 dollar, voor hun eigen campagne-organisatie oude stijl. Dat geld hebben ze steeds minder nodig.

En dat maakt een hoop tijd vrij voor het nadenken over een goed verkiezingsprogramma en het uitleggen daarvan aan de kiezer. Want al die miljoenen die omgaan in de Amerikaanse politiek, en de duizenden reclamespots die ervan gekocht worden, kunnen niet verhinderen dat die kiezer het laatste woord heeft.

Republikeinen

In de strijd om de Republikeinse nominatie hebben zich tot nu toe twaalf kandidaten officieel gemeld. In volgorde van populariteit onder Republikeinen:

Jeb Bush 11,3 %
Marco Rubio 10,3 %
Ben Carson 9 %
Rand Paul 8,8 %
Mike Huckabee 8,8 %
Ted Cruz 7,5 %
Donald Trump 4,0 %
Rick Perry 3,0 %
Rick Santorum 2,0 %
Carly Fiorina 1,8 %
Lindsey Graham 1,3 %
George Pataki (niet gepeild)

Enkele prominente politici die al lang campagne voeren en dus gepeild worden, maar die het nog niet officieel hebben aangekondigd:
Scott Walker 10,8 %
Chris Christie 4,5 %
John Kasich 2,0 %
Bobby Jindal 1,0 %

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden