'Doet uw club ook vrouwenvoetbal?'

Toen vijftiger Harriët Salm dertien jaar was en wilde voetballen, moest ze een hele serie clubs afbellen voordat ze er eentje vond met een vrouwenteam: SC Buitenveldert. Haar rolmodel: Johan Neeskens. Gelukkig zijn de tijden veranderd.

Hé Neeskens! De oud-klasgenoot die ik op de verjaardag van een vriendin voor het eerst terugzie sinds onze middelbare schooltijd, wijst naar mij. Hé Arie Haan, lach ik terug. Zo noemden wij - inmiddels vrouwen van in de vijftig - elkaar vroeger op het voetbalveld. We zaten als 13-, 14-jarigen samen in een elftal in een tijd dat voetballende meiden een rariteit waren.

Onlangs is er een mijlpaal bereikt in de vrouwenemancipatie. Voor het eerst wordt in Nederland een transfersom betaald voor een speelster die naar het buitenland vertrekt. Sherida Spitse verruilt binnenkort FC Twente voor het Noorse Lillestrøm. Voor die overstap betalen de Noren 25.000 euro.

Woedend was ik, in de vijfde klas, dus zo'n 10 jaar oud, toen bleek dat ik niet mocht meedoen aan het jaarlijkse voetbaltoernooi tussen de plaatselijke lagere scholen. Meisjes was dat niet toegestaan. Het dreef mij ertoe een brief te sturen aan de burgemeester met de vraag: waarom niet? Zo'n toernooi is nu eenmaal niet voor meisjes bedoeld, luidde, in mijn herinnering, het onbevredigende antwoord van zijn secretaris. Uit boosheid weigerde ik te gaan kijken hoe de jongens uit de klas het ervan afbrachten.

Al vroeg op de lagere school wilde ik voetballen. Mijn moeder dacht meer aan hockey en schreef me in bij een keurige club. Staande voor de ballotagetafel met daar achter allerlei deftige dames en heren wist ik het zeker: dit is niets voor mij. Ik vroeg mijn moeder om me weer te laten uitschrijven.

Veel liever fietste ik samen met mijn vriend Robert naar het Amsterdamse Bos om in weer en wind een balletje te trappen op zo'n veld met weinig gras en een groot, wit ijzeren doel zonder net. Op het schoolplein, in de pauze, voetbalde ik het liefst met de jongens en ik droomde tegen beter weten in van een profcarrière.

Dat was in de tijd dat ik sowieso graag deed of ik een jongen was en vrouwelijke rondingen - en bijbehorende hormonen - nog ver weg leken. Jongens waren in mijn ogen gewoon beter in alles; niet alleen in sport, maar op zo ongeveer alle terreinen. Bekende bands? Beatles, Rolling Stones: allemaal jongens.

Ik kende bijna geen werkende vrouwen en als ze al werkten, was het parttime, vaak in het onderwijs, heel suf. Nee, dan mannen. Sporthelden waren het, dirigenten, fabrieksdirecteuren, hoofdredacteuren, beroemde architecten.

Bij die wereld wilde ik horen: de wereld van de winnaars.

Met mijn voetbalvriend Robert toog ik af en toe naar profvoetbalwedstrijden: het Ajax van Neeskens.

De goedkoopste kaartjes voor staanplaatsen en dan extra vroeg komen zodat we op een hekje of een muurtje konden zitten. Anders zag ik, kleintje, het veld niet tussen de voornamelijk mannelijke fans.

Soms mislukte dat en probeerde ik naar voren te dringen. 'Laat die kleine jongen even vooraan staan', klonk het dan. Dat ze me aanzagen voor een jongen, vond ik heerlijk. Het hield de illusie in stand dat ik ooit een echte profvoetballer kon zijn.

In de eerste klas van het gymnasium ontmoette ik Maud en Maud wilde ook op voetbal. Gewapend met een telefoonboek belden we naar een hele serie clubs. "Heeft u ook vrouwenvoetbal?"

Niet eenvoudig, want het moest ook nog een club zijn die niet al te ver fietsen was. De keuze was sowieso beperkt, want bijna telkens was het antwoord 'nee'.

We belandden bij SC Buitenveldert; daar hadden ze een damesteam. Op een avond togen Maud en ik naar de training. Het beviel goed en al snel stonden we opgesteld. Zij, gelijk haar idool Arie Bombarie (Haan), in de verdediging en ik, als Johan Neeskens, op het middenveld.

Op de website van SC Buitenveldert tel ik nu liefst 28 vrouwenteams. Wij hadden er één, soms twee, en in het tweede moesten de dames van het eerste vaak invallen omdat er anders geen elf speelsters waren. De jongste uit mijn elftal was een jaar of elf, de oudste de veertig ruim gepasseerd.

Maud en ik, zo'n 13 jaar oud, keken onze ogen uit: forse dames, maar ook ranke, sommigen met vriendin, anderen met man en kinderen langs de lijn. De beste voetbalster van ons allemaal was Mieke, een spits die met schijnbewegingen menig verdedigster van de tegenpartij letterlijk op het verkeerde been zette en dan genadeloos scoorde. Was zij nu jong geweest, dan zou Ajax haar beslist willen hebben.

Langs de lijn trof je mijn ouders niet aan. Zij vonden mijn eigenwijze keuze prima, maar daar lieten zij het bij. Meerijden naar uitwedstrijden, kantinedienst, aanmoedigingen roepen vanaf de kant? Het kwam niet in ze op.

Eén keer kwam mijn moeder kijken, samen met haar vriendin Jeanne Roos. Jeanne werkte bij Het Parool en had een column. Ik vond haar geweldig, zij was hét voorbeeld van een vrouw die volledig meedraaide in de mannenwereld die de journalistiek ook was.

Op zoek naar stof om over te schrijven, ging ze, geflankeerd door mijn elegante moeder, op een druilerige zondag naar Ouderkerk aan de Amstel, waar ons team speelde.

Tegenover mijn elftal schaamde ik me voor die twee lieve, nette dames op hoge hakken, die belangstellend van onder een grote paraplu naar ons keken. Doorweekt maar ijverig renden we rond, onderwijl slidingen makend in de modder; het was een van de weinige goedgekeurde velden die dag in de hele regio Amsterdam.

Tijdens de rust vroeg onze trainer: welke van die mevrouwen is nu jouw moeder? Er klonk afkeuring in zijn stem. Iedereen in de voetbalwereld noemde elkaar bij de voornaam, waarom was mijn moeder opeens een 'mevrouw?' Ik werd rood. Maar toen keek ik naar het veld door de ogen van die twee 'mevrouwen'. Opeens zag ik onvrouwelijke dijbenen en gespierde kuiten onder grote korte broeken. Ik voelde dat het een mooie column kon opleveren. Zeker als je daarbij de hete thee uit plastic bekers tijdens de rust beschrijft, het bier en de frikadellen speciaal na de wedstrijd en de rommelige kantines met houten vitrinekasten vol zilveren bekers.

's Avonds voor het slapengaan vroeg ik God aljeblieft te regelen dat niemand bij de club een abonnement had op Het Parool.

Tegen de tijd dat Neeskens de ster was van het Nederlands elftal en naar Barcelona vertrok, waren bij mij de hormonen flink komen opzetten. Ik werd dromerig verliefd op deze onbereikbare voetbalheld, wiens foto in mijn kamer hing. Zo kreeg dit rolmodel een nieuwe functie.

Er kwamen ook bereikbaardere jongens op mijn pad die aandacht opeisten. Ik merkte dat het beter was om niet te zeggen dat ik op voetbal zat, want daar knapte menig heer op af. De wens om profvoetballer te worden, hoorde al snel tot het verleden. Dat was onmogelijk, en, laten we eerlijk zijn: niet alleen omdat ik van het verkeerde geslacht was. Ik was geen groot talent. Nog voor de middelbare schooltijd ten einde was, hing ik mijn kicks voorgoed aan de wilgen.

En nu is daar Sherida Spitse, hét rolmodel voor meiden met voetbaltalent. Al is 25.000 euro nog lang geen 100 miljoen, het recordbedrag dat de Engelse voetballer Gareth Bale onlangs opbracht door zijn overstap naar Real Madrid.

Reageren?
Heeft u zich wel eens op mannenterrein gewaagd als (eerste) vrouw, of als eerste man in een vrouwenbolwerk? Reacties naar: tijdpost@trouw.nl (maximaal 150 woorden).

'Ik kijk altijd hoe Daphne Koster het doet'
Rebekka de Jong (16), uit Gouda. Positie: centrale verdediger. Haar kwaliteiten: haar inspeelpass, de lange bal en koppen.

"Sinds mijn elfde zit ik op voetbal. Vergeleken met de rest ben ik eigenlijk relatief laat begonnen: er zitten meiden bij die al op vijfjarige leeftijd zijn begonnen. Vorig jaar kreeg ik de kans om bij CTO Amsterdam te komen. De keuze voor deze opleiding was heel bewust. Je weet: vanaf nu staat alles in het teken van voetbal.

Daphne Koster is de aanvoerder van het Nederlands vrouwenelftal. Ik sta zelf in mijn team op haar positie. Ik kijk daarom altijd hoe zij het doet. Voor mij is zij daarnaast echt een voorbeeld van de groei van het vrouwenvoetbal.

In korte tijd zie je in het vrouwenvoetbal zoveel ontwikkeling. Als het zo doorgaat kan ik me voorstellen dat wij er straks van kunnen leven. Natuurlijk zal het niet in verhouding staan tot wat de topspelers bij de mannen verdienen, maar er is zeker iets in gang gezet.

Voor mij is de uitdaging dat ik, na mijn middelbare school, mijn studie kan combineren met voetbal. Als ik straks bij een eredivisieclub ga spelen, of in het buitenland, dan wordt het lastiger te organiseren. Maar daar denk ik nu eerlijk gezegd nog niet teveel over na.

Met ons team doen we mee in de jongenscompetitie. Als je tegen andere vrouwenteams speelt blijft het vaak heel fysiek. Het technisch niveau bij de jongens ligt toch nog altijd wat hoger, en dat brengt ons als team weer verder. Jongens lossen het voetballend op. Zij spelen toch vaker het spelletje dat wij ook willen spelen."

CTO Amsterdam Talent Team
De KNVB biedt bij twee Centra voor Topsport en Onderwijs (CTO) getalenteerde speelsters (15-19 jaar) een opleiding tot topvoetballer aan. Er zijn 'talent teams' in Amsterdam en (sinds kort) in Eindhoven. Het programma in Amsterdan wordt betaald door NOC*NSF, het ministerie van VWS, Topsport Amsterdam en de gemeente. In Amsterdam is ook een samenwerking met Ajax: de meiden spelen in Ajax-tenue, en kunnen uitkomen voor Ajax Vrouwen.

De voetbalsters krijgen de kans om fulltime trainen, studeren en wonen te combineren. Het doel is om ze uiteindelijk te laten instromen in de Eredivisie vrouwen.

'Vrouwen aan de top trainen net zo hard'
Elze Huls (18), uit IJhorst. Positie: spits. Haar kwaliteiten: Haar teamgenoten noemen haar Finnbogason, naar de spits van Heerenveen. Net als hij scoort Huls vaak.

"Voor ik hier kwam woonde ik op een boerderij met mijn ouders, broers en zussen. Er was meer ruimte, maar hier kan ik beter voetballen. Ik heb altijd - net als veel andere meiden hier - in jongensteams gespeeld. Ik had wel het geluk dat ik werd geacepteerd door de jongens. Maar het is niet altijd leuk: je zit na de training alleen in de kleedkamer. En je hoort de jongens praten over dingen waar je eigenlijk niks van wilt weten.

Ruim een jaar speel ik nu hier in Amsterdam. Ik kan mijn verhaal nu veel beter kwijt bij mijn teamgenoten. Je ziet heel duidelijk dat het vrouwenvoetbal steeds populairder wordt. In het weekend ga ik altijd naar mijn ouders. Op zaterdag coach ik een meisjesteam bij mijn oude club in de buurt van Staphorst. We zijn begonnen met één meisjesteam, maar inmiddels zijn het er al drie!

Ik hoop echt dat het vrouwenvoetbal dichter naar het mannenvoetbal zal groeien. Al hoeven er van mij niet zulke hoge bedragen op tafel te komen bij transfers. Maar het zou wel fijn zijn als er wat meer respect komt voor vrouwen die aan voetbal doen. De vrouwen aan de top hebben ongeveer net zoveel trainingsuren als de mannen. Terwijl tachtig procent - als het niet meer is - van de vrouwen in de Eredivisie niet van de sport kan rondkomen. Dat is toch niet normaal?"

roos menkhorst

'Mannen gaan bij ieder tikje liggen'
Ilse van der Zanden (18), uit Deurne. Positie: centraal achterin. Ze is aanvoerder. Haar kwaliteiten: lange bal, fysieke duels en slimme spelletjes spelen.

"Bij CTO Amsterdam speel ik voor het eerst in een team met meisjes. Tot die tijd zat ik altijd in jongensteams. Het is nu een stuk gezelliger. Als je het enige meisje bent in een team van jongens leef je eigenlijk alleen. De jongens zitten samen in de kleedkamer, en ze doen vaak nog iets leuks samen na de training. Ik ging gewoon naar huis en dat was het.

Net zestien was ik toen ik van Deurne naar Amsterdam verhuisde. Ik ga nu hier naar school, ik woon in een flat met de andere speelsters en ik ben iedere dag met voetbal bezig.

Je leeft echt met elkaar. Als het even kan kijken we ook vrouwenvoetbal, maar het wordt nog steeds niet zo vaak uitgezonden. Vroeger werd het nooit uitgezonden, dus het is wel een pluspunt dat het nu wat vaker gebeurt.

Toch kijk ik liever - ik durf het bijna niet te zeggen - naar mannenvoetbal. Het niveau ligt hoger, het gaat sneller en harder. Wat ik wel fijn vind aan vrouwenvoetbal is dat er niet zo wordt gezeurd: mannen gaan bij ieder tikje liggen.

Dit is mijn laatste seizoen bij CTO Amsterdam. Het gaat goed: ik train sinds kort iedere week een keer mee met het damesteam van Ajax. Op de lange termijn zou ik graag naar het buitenland willen.

Soms realiseer ik mij wel dat ik veel voor mijn droom moet opgeven: ik zie mijn vrienden in Deurne bijvoorbeeld nauwelijks. Maar als ik uiteindelijk bereik wat ik wil, dan maakt het mij niet uit dat ik sommige dingen moet laten. Voetbal is mijn leven. Ik wil niks anders."

'Mijn droom? In Duitsland spelen'
Soraya Verhoeve (16), uit Amsterdam. Haar positie: mid-mid. Haar sterke kanten: ze is fel, ze kan de bal goed vasthouden en ze heeft spelinzicht.

"Sinds mijn zevende zit ik op voetbal. Van mijn moeder moest ik eerst op turnen, maar daar bakte ik niet zoveel van. Ik voetbalde altijd op het pleintje met de jongens. Uiteindelijk hebben hun ouders tegen mijn moeder gezegd dat voetballen echt iets voor mij was.

Tot ik hier kwam speelde ik altijd in jongensteams. Bij mijn club was er destijds ook geen meisjesteam: inmiddels hebben ze er wel acht. Als je met jongens voetbalt gaat het er feller aan toe. Er wordt makkelijker geschopt en gescholden. Dat hoort er wel een beetje bij, maar meisjes doen dat veel minder. In het weekend zie ik nog steeds de jongens van mijn oude club, dan voetballen we op ons pleintje.

Messi is echt een voorbeeld voor mij, als hij op het veld staat, bewijst hij zich iedere keer weer. Ik kijk nog steeds liever mannenvoetbal, maar je moet dat ook niet vergelijken met vrouwenvoetbal. Sherida Spitse is de eerste Nederlandse speelster die aan het buitenland is verkocht: voor 25.000 euro. Het is een begin, maar aan de andere kant: Messi verdient in acht uur 25.000 euro.

Het zal nog lang duren voor je echt van het vrouwenvoetbal kan leven. Mijn droom is om in Duitsland te spelen."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden