Doe niet zo moeilijk over smeergeld

De wet die Nederlandse bedrijven verbiedt om in het buitenland smeergeld te betalen, werkt niet. De corruptie gaat vaak gewoon door maar de concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven wordt wel geschaad.

De ene vorm van corruptie is schadelijker dan de andere. Overheidsfunctionarissen die in de staatskas graaien benadelen zonder twijfel hun land. En een rechter die zich laat omkopen, brengt een eerlijke rechtsgang in gevaar. Maar het betalen van steekpenningen in het economische verkeer of om een overheidsambtenaar sneller te laten werken, is minder schadelijk. De negatieve economische gevolgen zijn in ieder geval nihil.

Nigeria – met meer dan 135 miljoen inwoners – is volgens velen een schoolvoorbeeld van een land dat door corruptie aan lager wal is geraakt. Wie iets van de overheid nodig heeft, zoals een paspoort of importvergunning, betaalt naast het officiële bedrag ook wat smeergeld. Al jarenlang staat Nigeria daarom boven in de lijst van meest corrupte landen ter wereld die anti-corruptie organisatie Transparency International elk jaar samenstelt. In 2004 moest Nigeria alleen Bangladesh en Haïti voor zich laten.

Als je de officiële cijfers van instanties als de Wereldbank bekijkt, lijkt Nigeria inderdaad een hopeloos geval. In 1980 was het gemiddeld jaarinkomen nog 1000 euro, inmiddels is het volgens de Wereldbank gedaald tot ruim 260 euro. De enorme corruptie onder de militaire dictatuur in de jaren tachtig en negentig zou de belangrijkste oorzaak zijn. Maar vergeten wordt dat deze cijfers door de omvangrijke corruptie volledig onbetrouwbaar zijn. Vrijwel geen enkele transactie komt in de boeken terecht. Hoe meer corruptie, hoe lager het officiële inkomen. Westerse diplomaten in Nigeria schatten dat het werkelijke Nigeriaanse inkomen drie keer zo hoog is als het cijfer van de Wereldbank.

Voor buitenstanders lijkt het corrupte Nigeria zo een anarchistisch bolwerk. Maar ook een corrupt systeem is een systeem. Het is misschien het beste te beschouwen als een tussenvorm tussen anarchie en een rechtsstaat. Er bestaan wel regels, maar ze liggen minder vast. Er is bijna altijd wel iets te regelen, ook als dat tegen de wet ingaat.

Het systeem functioneert omdat het betalen en aannemen van smeergeld onderhevig is aan de wet van vraag en aanbod. Ambtenaren weten dat ze niet te veel smeergeld moeten vragen, omdat Nigerianen anders op zoek gaan naar een collega die hetzelfde kan regelen voor minder geld. De meeste ambtenaren weten ook dat een te hoge prijs voor bijvoorbeeld een importvergunning, kan betekenen dat het niet lucratief meer is om goederen te importeren. Het gevolg is dat de ambtenaar helemaal niets meer verdient.

De haven van Lagos is een goed voorbeeld. De smeergeldtarieven zijn daar zo hoog dat nogal wat importeurs hun spullen tegenwoordig laten verschepen naar de haven van Cotonou, in het buurland Benin. Cotonou ligt slechts 120 kilometer van Lagos. In deze haven is nauwelijks corruptie, waardoor er vaste tarieven gelden die heel redelijk zijn. Vervolgens transporteren de handelaren de goederen over land naar Nigeria. Op de grens met Benin zijn nog wel Nigeriaanse douaniers die voor rede vatbaar zijn. Hun omkooptarieven zijn stukken lager dan de tarieven van de douaniers in Lagos.

Dat bedrijven die veel smeergeld betalen meer succes hebben dan hun concurrenten is onzin. Wie slecht werk levert, wordt ook in een corrupt systeem doorgaans aan de kant geschoven. Ook hier geldt de wet van vraag en aanbod. Bedrijven die het goedkoopst produceren, kunnen het meeste smeergeld missen. Daardoor reguleert het systeem zichzelf.

Talloze westerse lobby-organisaties zetten zich in om corruptie te bestrijden. Binnen de Oeso (Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling) werd eind jaren negentig afgesproken om bedrijven die in het buitenland steekpenningen betalen ook in eigen land strafbaar te stellen. Nederland voerde deze wet in 2000 in. Maar zolang Nigeria zelf weinig moeite doet om corruptie aan te pakken, heeft de maatregel weinig effect. Bovendien wordt de concurrentiepositie van bedrijven uit Oeso-landen erdoor verzwakt, omdat ze thuis grote problemen kunnen krijgen. Ondernemers uit China en andere landen in Azië, hebben dit probleem niet.

De gevolgen voor het Nederlandse bedrijfsleven zijn duidelijk zichtbaar. Tien jaar geleden stond Nederland nog in de topvijf van belangrijkste handelspartners van Nigeria, nu behoort het nog net tot de toptien.

Het Nederlands adviesbureau Pentascope ontdekte wat het gevolg kan zijn van de weigering om smeergeld te betalen. De Nigeriaanse overheid ontbond eerder dit jaar het miljoenencontract met dit adviesbureau, dat de privatisering van het nationale telefoonbedrijf zou organiseren. Een duidelijke reden werd niet gegeven, maar Pentascope zelf twijfelt er niet aan dat de weigering om steekpenningen te betalen een van de hoofdoorzaken was. Het bedrijf hield te weinig rekening met de ’lokale context’ zo valt te horen onder diplomaten in Nigeria.

Als het Westen Afrika echt wil helpen, zou het moeten aandringen op meer openheid over de overheidsfinanciën. Dat kan door het instellen van onafhankelijke organen die toezicht houden. Daar is Afrika meer bij gebaat, dan bij rare Oeso-wetgeving.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden